Je bent niet ingelogd. Log in of registreer je

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down Bericht [Pagina 1 van 1]

1 On the hunt op wo dec 12, 2012 8:19 pm

Myrwhiënne


Ik ben een Burger
Burger
Langzaam kroop de tijd vandaag niet voorbij. Myrwhiënne was druk in de weer met alle voorbereidingen die plaats moesten vinden voordat ze op pad ging. Ze had nog maar drie kleine potjes, al gemengd met het gif, wat bleek dat er deze maand meer dan het gemiddelde aan gif was gekocht. Waarvoor had Myrwhiënne niet moeten weten, dat was haar zaak niet. Daar in tegen was het wel degelijk haar zaak dat mensen het daadwerkelijk kochten en in hoeverre ze het dan ook, gemengd of niet, in huis had. En vanavond, of beter gezegd vannacht, zou het volle maan zijn, de perfecte tijd om op jacht te gaan. Zachtjes begon adrenaline al door haar aderen te vloeien, maar de echte boost zou pas komen wanneer ze de bergen in vertrok.
Uit haar magazijn haalde ze een paar lege potjes tevoorschijn. twee lege, grotere klei potten die dicht konden (Myr noemde ze wel groter maar ze waren nog steeds op handformaat) voor de staarten van schorpioenen. Drie kleinere glazen potjes had ze al klaar staan met leer vastgesnoerd aan de bovenkant voor het slangengif. Ze ging geen slangen mee naar huis nemen, dat vond ze disrespectvol tegenover haar anima en daarbij wilde ze gewoon geen slang in haar huis hebben. Niks mocht aan haar verzameling van kruiden, planten en stenen komen behalve zijzelf. Daarom hield ze alles aan haar klanten voor zodat niks beschadigd hoefde te worden.
Alle vijf de potjes gingen in een donkere, leren zak die Myrwhiënne over haar schouder hing. Haar jurk voor vandaag verbleef van fluweel in scharlaken rood, een kleur die uitstekend paste bij haar felle rode haren. Ze had haar gebruikelijke schoentjes aan waarmee ze gemakkelijk overal heen kon klimmen, dit vak vereiste dat je snel kon reageren en overal kon komen. Zira was het dan ook vaak niet eens met dit gedeelte van Myrwhiënne's werk, maar de puma mocht altijd wel mee. Zira en Myr waren nooit ver van elkaar te vinden ook al konden beiden zich prima verstoppen als er vijanden waren. De overmatige puma strekte langzaam haar voorlijf uit zodat haar klauwen goed zichtbaar werden, een teken voor Myrwhiënne dat Zira er stiekem wel zin in had deze keer. Myrwhiënne gaf haar geen ongelijk; het was spannend en deze keer hing er een avontuurlijk briesje in de lucht. Myrwhiënne grinnikte, ze deed haar messcherpe dolk in de riem die ze om haar middel hing. Ze waren klaar om te gaan.

Zachte maar vastberaden voetstappen verlieten het boom achtige huisje achter zich, gevolgd door een paar katachtige voetsporen. Myrwhiënne had haar zwarte mantel om zich heen gehangen zodat ze vrijwel verdween voor het normale oog in de duisternis die komen ging. Grijnzend deed ze de capuchon over haar hoofd zodat ze een soort sinister uiterlijk kreeg en verdween toen in de verte.
Zira voelde de adrenaline al door zich stromen. Hier moest je weten waar je je voeten neerzette anders was de kans groot dat je het nooit meer naar huis zou halen. Gelukkig had Myrwhiënne dit pad vaker gelopen en wist ze wel degelijk waar ze haar lichte voetjes neer moest zetten. Haar vuurrode haren dansten rustig om haar hoofd heen en haar lichtgroene ogen schenen helder op door de aankomende maan. Ze beet zachtjes op haar lip, straks kwamen ze aan op de plaats van bestemming. Myrwhiënne door onder een aantal dode takken door, het begroeide deel van de berg in. Zira sprong op haar beurt over een dikkere stam heen, straks kwam het deel waar de bomen wel nog in leven waren en waar haar wederhelft's prooien lagen.
Zo zachtjes mogelijk bewoog Myrwhiënne rond. Straks moest ze wel bij een open plek komen...

2 Re: On the hunt op zo dec 23, 2012 1:11 pm

Azrael


Ik ben een Nieuweling
Nieuweling
(Sorry voor de asociaal late reactie ;x)






Can you feel that?
Ah, shit

Drowning deep in my sea of loathing
Broken your servant I kneel
-Will you give in to me?-
It seems what's left of my human side
Is slowly changing in me
-Will you give in to me?-


Koppijn. Een ongelofelijke koppijn, maar hij moest zich er tegen verzetten. Dat was cruciaal. Hij had het echter wel geweten. Iblis had hem de hele dag al nauwlettend in het oog gehouden. En het was natuurlijk de nacht van volle maan. Het moment waarop de kracht van zijn wolvenbroeder op z’n hoogst zou zijn. Alsof Iblis zo’n kans voorbij zou laten gaan.
Nu stonden ze tegenover elkaar. Oog in oog en oog om oog, tand om tand. Anima versus leider. Wolf versus mens. Iblis versus Azrael.
De ravenzwarte wolf gromde. Er liep kwijl uit zijn opengetrokken bek. Zijn ijzig blauwe ogen straalden bloeddorst en een pure beestelijkheid uit. Maar Azrael stond klaar. Hij had zijn speer in zijn rechter had, stond wijdbeens en was net zo vastberaden niet in te geven als de wolf was hem over te nemen. Tot nu toe was het gevecht mentaal geweest. Had Iblis met al zijn wilskracht en geesteskracht geprobeerd Azrael’s hoofd binnen te dringen. Het voelde alsof ijswater tussen zijn hersenen door sijpelde. Maar hij moest het tegenhouden. Het gevecht moest fysiek worden.
Soms dacht hij weleens dat het nergens over ging. Nog nooit was Azrael iemand anders tegengekomen die zoveel problemen had met zijn anima. Een anima die hem verdomme probeerde over te nemen. Eens had hij nog geloofd dat het normaal was. Dat wilde beesten nou eenmaal niet te temmen vielen. Maar met de jaren ervaring was het tegendeel keihard bewezen. Animas hoorde je compagnon te zijn. Een dier dat je in iedere situatie koste wat kost hielp en mocht het zo ver komen, zelfs zijn leven voor je wilde opofferen.
Nou. Zo was Iblis niet.
Iblis gebruikte hem. Nam zijn levensjaren door middel van mentale binding af. Hij beschermde Azrael alleen maar, omdat als Azrael zou sterven, de wolf mee zou gaan. En Iblis wilde niet dood.
Ze bleven grauwend tegenover elkaar staan en net toen Iblis op hem af wilde springen voelde ze het beiden. De aanwezigheid van een ander mens met anima. Gelijk keken ze allebei dezelfde kant op. Wanneer het om andere mensen aankwam, werden ze weer een team. Team Azrael en soms team Iblis. Voor nu was het nog team Azrael.
Een vrouw met een grote kap over haar felrode, krullende haren getrokken kwam op haar af met een katachtige anima. Meteen ontsprong er een blik van minachting op Azrael’s gezicht. Katten.
Iblis gromde al niet meer, maar zijn oren legde hij wel nog verder in zijn nek. Hij wilde geen pottenkijkers. Azrael was van hem en niemand die hem kon of zou stoppen. Hij trok zijn neus op en toonde zijn tanden. Tanden die eigenlijk de groot en te scherp waren voor een wolf. Sowieso was Iblis niet zomaar de gemiddelde wolf. Hij was veel groter dan een normale wolf. Hij was zo groot als een klein uitgevallen hert. Zijn schouders waren gespierd en zijn kop hing er vrijwel altijd tussenin, wat hem een imposante uitstraling gaf. Zijn ogen waren ijsblauw, en niet goudbruin zoals meeste wolven betrof.
Toch liet Azrael Iblis niet aanvallen. Nu de wolf zijn aandacht op iemand anders had gevestigd, kon Azrael gemakkelijk de leiding overnemen.
Hij zei echter niets. Hield alleen zijn speer voor de agressieve wolf die op dit moment niets liever deed dan zowel de vrouw als de kat aanvallen. Hij keek de vrouw doordringend aan. Azrael wilde dat ze wegging. Net zomin als Iblis had hij zin in bemoeials.





3 Re: On the hunt op vr dec 28, 2012 5:08 pm

Myrwhiënne


Ik ben een Burger
Burger
Lichte vingers bewogen strelend over een donkere en natte tak heen. Het had vandaag nog geregend, dat was goed te voelen aan de zachtheid van het houd. Haar wijsvinger en duim sloten zich er in een betere grip omheen en drukte de tak in, zorgend dat het water er in kleine stroompjes uit kwam. Ze grinnikte toen ze iets van geritsel hoorde in de takken boven haar. Roerloos bleef ze staan, ze ademde heel rustig en nauwelijks door haar mond. In haar gedachte waarschuwde ze Zira kort waar ze mee bezig was maar ze grote puma was alweer verder gelopen. Het geritsel boven haar hoofd wist dat ze er was maar leek er, dankzij haar stilte, geen moeite mee te hebben. Langzaam kwam het dichterbij totdat Myrwhiënne een ijskoud reptiel over haar vinger voelde kronkelen. haar grijns verbreedde, het gifgroene gevaarte was niet op jacht en leek juist heel relaxed hier rond te hangen. Ze kon alleen deze hand nu niet gebruiken omdat de slang er overheen aan het kronkelen was maar ze kon ook niet zomaar haar tas in haar linkerhand laten vallen. Myr concentreerde zich op de tas en liet het draad zo langzaam en geruisloos mogelijk door haar handen glijden voordat ze voelde dat deze daadwerkelijk op de grond terecht was gekomen. Ze keek nog een keer naar haar linkerhand voordat ze al haar aandacht opnieuw naar de slang richtte. Bliksemsnel greep Myrwhiënne naar het hoofd van deze reptielsoort en klemde haar vingers goed om de onderkant heen. De slang opende sissend zijn bek maar kon zijn hoofd niet omdraaien om haar aan te vallen. Wild vloog zijn staart kronkelend heen en weer om haar vast te grijpen, maar ook hier had Myrwhiënne al aan gedacht. Met haar andere hand pakte ze de staart van dit groene diertje en trok hem vrij recht.
'Voor zo'n klein opdontertje is hij nog best sterk..' mompelde ze in zichzelf voordat ze de nek omdraaide. Het levenloze wezentje legde ze in een tas die in haar tas zat, aan deze slang had ze veel meer dan alleen het gif dat ze eruit kon halen. Daar kwam bij dat deze soort ook niet bedreigd was dus kon ze moeder natuur wel een handje meehelpen. Vond ze zelf dan.
Vervolgens legde ze de tas met de dode slang in haar grotere tas die ze weer om haar ene schouder hing. Haar lichte voeten begeleidde haar verder het bos in. Over een boomstronk heen, langs een diepe modderpoel.. Veel leven was er hier niet als je niet goed keek en Myrwhiënne was vast wel gestopt als ze dat had gewild. Was het niet geweest dat Zira haar had gewaarschuwd voor de aanwezigheid van nog een mens hier in de buurt. Myrwhiënne was niet bezorgd of angstig, dat was wel het laatste wat ze voelde, maar ze wilde vooral weten waarom deze persoon hier in het woud was. Bijna niemand kwam hier, of eigenlijk, niemand was hier ooit geweest op haarzelf na voor zover zij wist. Op één keer na, maar dat was een duel wat ze had gewonnen. Het lijk van haar tegenstander was hier vast wel ergens te vinden.
'Je komt dichterbij...' zei de stem van Zira in haar hoofd. Myr knikte, ze voelde de aanwezigheid maar al te goed nu ze hier stond. Ook wist ze zeker dat wie er ook stond, haar nu ook wel gemerkt zou moeten hebben. Zuchtend sprong ze behendig over de laatste dikke boomstronk en belandde op een hard stuk aarde in een open plek. Zira stond meteen naast haar, ze hield er niet van om achter te moeten blijven. Zira kwam tot haar eigen middel, wat haar groter maakte dan de gemiddelde puma. Ook haar klauwen waren een bewijs hiervoor, deze stonden nu uitgestrekt in de aarde. Zira's tanden drukte tegen elkaar aan en haar oren lagen plat naar achteren. De vijandelijke houding van de anima tegenover haar stond beiden niet echt aan, maar Zira wist wel beter dan Myrwhiënne dat deze tegenstander anders was dan anderen. Zira drukte een keer zachtjes met haar kop tegen Myrwhiënne's arm om aan te geven dat ze misschien beter konden gaan toen ze opeens zag dat Myr een glimlachje om haar gezicht heen had. Terwijl ze daar stonden werd Myr steeds meer geïnteresseerd in deze persoon tegen haar, ook al was hij een stuk jonger. Zijn houding stond haar wel aan, het betekende dat hij niet zomaar een verdwaalde burger was.
Myrwhiënne haalde zachtjes haar witmarmeren handen omhoog om haar capuchon iets meer naar achteren te doen zodat haar gezicht wat beter te zien werd. Ondertussen viel de mantel van haar bovenarmen af zodat ook deze zichtbaarder werden in de stralende maan. Myrwhiënne liet haar handen eventjes rusten op haar rode haren en sprak vervolgens hardop tegen haar anima, zonder dat ze haar ogen van de vreemdeling en zijn anima haalde. 'Wel wel, een vreemdeling, in het bos van Fernum.. Wat vind jij daarvan, Zira?' haar stem was niet onprettig, juist erg vriendelijk wat duidelijk tegen haar gezichtsuitdrukking in ging. Zira gromde laag maar de hand van Myrwhiënne op haar kop deed haar ophouden. Ze wist dat Myrwhiënne vol adrenaline stond te springen om een gevecht, maar het leek haar wijzer om weg te gaan. De wolf, hij had iets.. bijna onnatuurlijks aan zich wat haar niet zinde.
'Wie ben je?' vroeg Myrwhiënne door, op dezelfde toon maar met een vriendelijke glimlach.

4 Re: On the hunt op ma dec 31, 2012 4:47 pm

Azrael


Ik ben een Nieuweling
Nieuweling
Praatte ze zou tegen die kat? Tegen zo’n minderwaardig beest? Schande. En wat stond ze daar nou stom te lachen? Ging ze maar gewoon weg. Dat was beter voor iedereen. Verdenkend trok Azrael zijn wenkbrauw op. Hij zag werkelijk geen reden om überhaupt te lachen. Hij had privégedoe te regelen met Iblis en daar hoefde niemand iets vanaf te weten. Haar vriendelijke glimlach veranderde daar niets aan. Zelfs het feit dat ze waarschijnlijk ook van de Nigris was maakte beide jongen en wolf helemaal niets uit. Maar al te vaak had Azrael opdracht gehad om binnenuit iemand te vermoorden. Geen punt. Er stroomde niet eens echt Nigrisbloed door zijn aderen. Geen spatje. Het voelde dan ook totaal niet alsof hij hier tegenover een familielid stond. Azrael was alleen maar gescout door Seeking Robin die talent en potentie in hem had gezien. Maar Azrael bleek ongelofelijk koppig te zijn en vol puberale trekjes die maar weinigen wisten te waarderen. Toch deed hij uiteindelijk wel het grootste gedeelte van wat ze van hem vroegen. Meestal dan. Over Iblis hadden ze altijd al dubbele gevoelens gehad. Natuurlijk, hij was een prachtbeest en bovendien immens sterk, maar er zat een naar, duister trekje aan hem. Een trekje dat zelfs te duister was voor de Nigris..
Ze vroeg wie hij was. Iblis begon laag te grommen voordat hij plots stopte en zijn kop ophief. Zonder Iblis aan te kijken voelde Azrael toch hoe de wolf’s ijskoude ogen in zijn huid prikten. De wolf wilde weten wat hij zou gaan doen. Of Azrael wel de juiste beslissing zou maken. De juiste beslissing in Iblis’ ogen dan. Zou zijn leider hem teleurstellen? Of zou Iblis hem wel goedkeuren? Het was een rotgevoel steeds beoordeeld en ingeschat te worden. Het viel misschien niet aan Iblis te zien voor vreemden. Misschien leek het alsof hij gewoon als brave anima zijn mens zijn reactie afwachtte, maar de waarheid stak heel anders in elkaar. Heel anders.
Niet geïnteresseerd,’ zei hij kil, ‘ik ben niet geïnteresseerd in jou. Net zomin als jij dat in mij zou moeten zijn.’
Nou opgehoepeld, dacht hij. Je hebt hier niets te zoeken. Iblis grauwde. Hij wilde wel vechten. Hij moest vechten. Hij was nu gigantisch in het voordeel op alle partijen, zo ook op Azrael, dankzij de volle maan. Het maakte hem nu ook niet meer uit tegen wie hij vocht. Tegen een of ander poesje was ook wel goed, maar Azrael had geen zin. Hij zou het gezeik met Iblis uit kunnen stellen, maar dan zou het later toch wel komen. Iblis deed een stap naar voren waardoor zijn borst zachtjes tegen de speer aanduwde.

*Geen zin meer in postsheet :c

Gesponsorde inhoud


Ik ben een

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven Bericht [Pagina 1 van 1]

Permissies van dit forum: Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum