Je bent niet ingelogd. Log in of registreer je

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down Bericht [Pagina 1 van 1]

Ardath

avatar
Ik ben een Nieuweling
Nieuweling
Ardath tikte met haar nagel tegen het glas en legde vlak daarna haar hele gezicht er tegen aan. Haar huid werd platgedrukt zoals bij kleine kinderen gebeurden wanneer ze hun hoofd tegen een raam duwden met hun handen langs hun gezicht om bij de buren naar binnen te gluren. Haar ogen flitsten links en rechts en als er geen plaat glas voor had gezeten dan was haar mond opengezakt. Wauw! dacht Ardath die enorm onder de indruk was. Het is waar! De grond is van glas! En de rest van haar gedachten gingen over eenzelfde dingen. Ze keek minstens tien minuten haar ogen uit naar het donkere water onder haar, waar soms iets leek te zwemmen of te bewegen. Haar ogen puilden al die tijd bijna uit hun oogkassen van verwondering; een voorbijganger zou zich vragen hoe dit meisje in staat was haar ogen zo wijd open te doen zonder deze er uit te laten "ploppen". Maar uiteindelijk hielden die tien minuten dat ze zonder aan iets ander kon denken op. Kaede kreeg er zo onderhand genoeg van en duwde zijn kop ongeduldig tegen Ardath's nek. En dat dwong Ardath op te houden en weer op te staan, ook aandacht te besteden aan haar Anima. Maar toch was haar aandacht voor het grootste gedeelte nog gericht op de glazen grond die de zee onder haar voeten onthulde. Het was wonderbaarlijk dat dit eiland gewoon van glas was! Ardath had er vaker over gehoord maar ze had het nooit geloof, hoe kon een eiland nu van glas zijn? Dat was toch onmogelijk? Dat waren haar gedachtes geweest maar die waren nu verdwenen als sneeuw voor de zon. Het enige wat haar gedachtes nu kon omschrijven was nieuwsgierigheid en opwinding. Ze kon maar niet stoppen met er aan blijven denken. Maar ja, Kaede wilde perse door en en hem moest ook gedacht worden...

Kaede trok tevreden met zijn oren toen Ardath ein-de-lijk opstond. Hoe kon ze zo'n eeuwigheid naar een beetje water zitten staren? Goed, het was bijzonder dat dit eiland van glas was, maar kom op... Tien minuten! Dat was niet helemaal gezond maar als de andere helft van Ardath's ziel begreep hij dat. Het was inderdaad intrigerend om te zien dat dit zomaar was ontstaan, zoiets onnatuurlijks. Maar het was natuurlijk ook overdreven om meer dan tien minuten te gaan staan kijken naar een beetje kolkend water. Kaede ging liever opzoek naar een prooi of iets dergelijks want zijn maag knorde als een gek. Het was alleen nogal onwaarschijnlijk om hier echt enig teken van leven te vinden. Het eiland was van glas en zo te zien was er dus ook geen begroeiing, laat staan prooien. Of toch? Kaede's hoofd schoot tegelijkertijd met dat van Ardath om bij het horen van een geluid en wat hij zag bevestigde dat ze niet alleen waren op dit glazen eiland.
[Open, beetje inspiloos maar moet even inkomen ;]]

Diadorah

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Schrijdend liep Diadorah door het prachtige eiland van glas. Het leek alsof het eiland van koud ijs was. haar favoriete element.
Geen bomen, geen planten, slechts ijzig glas. Diadorah glimlachtte.
Daar was iemand net zo dol op het eiland, dacht Diadorah toen ze een meisje zag die met haar hoofd op het glas zat om naar de wereld eronder te kijken. Vele zeedieren beleefden daar de grootste lol.
Met trage passen liep Diadorah over het glas, en liet een klein laagje bevroren dauw achter.
Vandaag voelde ze zich op haar allerbest. Misschien kon ze vandaag wat aardiger zijn voor haar medemens.
Met een gemaakte glilach liep ze op het meisje af, die nu met haar Anima bezig was. Haar Anima was prachtig, een witte luipaard, leek het. Diadorah's Anima was geinterreseerd in het witte dier. Hij wou opvliegen.
''Wacht even'', zei Diadorah. Straks kun je je uitleven.
''Goedemiddag mevrouw'', zei Diadorah met haar zachte stem, met ijzige ondertoon.
Ze trok een grimas.
''Prachtig eiland is dit, vind u niet'' Ze keek even naar de hemel, en richtte zich toen weer op de vrouw. Misschien had ze nog wel iets bij haar dat ze kon gebruiken.
Ze fluisterde haar Anima wat in het oor, en het vloog op. Cirkelend vloog hij rond de vrouw.
''Hij is nieuwsgierig'', zei Diadorah lachend, hopend dat ze niets zou merken.

Ardath

avatar
Ik ben een Nieuweling
Nieuweling
Ardath keek met grote ogen naar de vrouw die langzaam kwam aanlopen. Een rilling liep over haar ruggengraat toen ze haar zag. Normaal gesproken had Ardath geen vooroordelen bij mensen maar nu voelde ze hoe ze instinctief terug wilde deinsen. Maar dat deed ze niet, zo grof was Ardath niet. Ze keek de vrouw aan en observeerde haar. Ze was oud. Haar haar had een doffe donkerbruine kleur en was gekruld en opgestoken. Een eigenaardige diadeem of kroon was op haar hoofd geplaatst. De ogen van de vrouw waren ijsblauw en staarden angstaanjagend. Haar fijne en ietwat gerimpelde huid van haar gezicht liep gedetailleerd als een spinnenweb over haar schedel. Eigenlijk niet iets bijzonders, en toch bezorgde het Ardath de kriebels. Ze weerhield zich er gelukkig van een stap achteruit te doen evenals Kaede, maar hij hield zich ook gehoorzaam in. Wie is dat? hoorde ze hem denken maar Ardath sloeg er nu even geen acht op. Ze keek de vrouw aan terwijl ze haar gezicht keurig in de plooi hield met een hartelijke glimlach. Toen de vrouw naderde bleef ze staan en lachte ze "liefelijk", misschien niet volledig het juiste woord om het te omschrijven maar het was een stap in die richting. Min of meer.
'Goedemiddag, mevrouw. Prachtig eiland is dit, vind u niet?' sprak de vrouw toen. Mevrouw? dacht Ardath overdondert. Ze is minstens 120 jaar ouder dan ik! Maar die verkeerde verwoording negeerde ze en ze lachte nog steeds vriendelijk. Niet moeilijk in Ardath's geval, ook al voelde ze zich niet helemaal op haar gemak (al begon dit weer af te zwakken aangezien de vrouw gewoon een gesprek begon met een standaard opening, dan had je toch niet zo veel kwaad in de zin?). Ardath had nooit zo'n moeite met lachen. Lachen was iets natuurlijks voor haar en ze deed het graag, en zelfs als ze er even geen zin in had was er maar een kleine aanleiding voor nodig om haar mondhoeken omhoog te laten krullen.
'Van hetzelfde,' knikte Ardath de vrouw vriendelijk toe. Ze veegde een lok roodbruine haren voor haar gezicht weg en liet haar ogen vrijuit over de omgeving schieten. 'Het is prachtig,' stootte Ardath toen uit. 'Ik heb nog nooit zoiets bijzonders gezien.' En die woorden kwamen recht uit haar hart. Het eiland was misschien niet echt heel mooi aangezien er weinig begroeiing was (en dat was in Ardath's ogen erg mooi) maar het was zo bijzonder dat het toch mooi was. Het glinsterende glas en het klotsende water daaronder waarin zich prachtige vissen verstopten. Plots vloog de arend die de vrouw bij zich had op en scheerde recht op Ardath af. Ze deed geschrokken een stap achteruit en hief haar hand op om zich te verweren tegen de Anima maar hij deed niets. Hij nam plotseling een wending en begon toen om Ardath heen te cirkelen. De vrouw stelde Ardath niet helemaal gerust met haar woorden over zijn nieuwsgierigheid maar ze nam het maar gewoon aan, ook al voelde ze zich niet op haar gemak bij het dier. Ze zweeg en wist niet wat te zeggen over de arend, ze kon hem alleen maar volgen met haar ogen.

Diadorah

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Diadorah kreeg een bericht door van haar anima. Ze had helaas geen Dust bij zich, maar wel een buideltje met geld. Die kon ze goed gebruiken. En voedsel had ze ook.
''Kom toch zitten, lief'', zei Diadorah met een grijns van oor tot oor. ''Genieten van dit mooie eiland''
Diadorah hurkte en ging zitten. Haar Anima wist ondertussen wat hem te doen stond.
Ze aaide met haar hand het glas, en keek naar de dieren die eronder leefden.
''Ben je hier al lang'', galmde haar stem. ''Ik heb je hier nog niet gezien''. Ze wees haar Anima met haar ogen een plaats toe om toe te slaan.
''Hmm, deze wereld is zo geweldig, prachtig, mooi, en groot'' Diadorah wist dat ze loog. Alleen haar woonplaats Bombarda en Nigra Montis zagen er mooi uit, en hier was het ook niet verkeerd.
Ze wachtte tot het meisje ging zitten, zodat ze haar gebruikelijke plannetje in werking kon stellen.



Civilis cirkelde nog steeds rond de vrouw, en ging uiteindelijk zitten op een glazen steen.
Straks zou ze gaan zitten en zouden haar bezittingen in gevaar zijn. Wel moest Civilis opletten. Die Anima zag er gevaarlijk uit.
Maar Civilis kon vliegen en hij niet.
Civilis knipoogte naar Diadorah. Hij was er klaar voor.

Ardath

avatar
Ik ben een Nieuweling
Nieuweling
Ardath ging op "bevel" van de vrouw voorzichtig zitten en bleef haar nog steeds aanstaren. Ze wist niet goed wat ze hiervan moest vinden. Haar ogen flitsten steeds omhoog wanneer de arend in haar gezichtsbeeld vloog en diep van binnen was er een stemmetje wat haar vertelde dat er iets mis was. Maar ze wist niet was. En zulk soort vooroordelen waren niet aan haar, ze zou nooit zomaar over iemand zeggen dat ze niet aardig was of iets dergelijks, zonder dat daar een duidelijke rede of aanleiding voor was. Dat zou ze nooit doen. Dat vond ze grof en dat was het ook, vooroordelen konden gewoon vrijwel nooit door de beugel bij haar.
'Ben je hier al lang? Ik heb je hier nog niet gezien,' begon de vrouw en dat was iets waar Ardath nu haar aandacht op richtte, ze wilde niet te veel aan die cirkelende arend denken die haar de kriebels bezorgde, net zoals de vrouw voor haar. Ze ging wel op in een antwoord of iets dergelijks, dan had ze wat afleiding.
'Hmm.' Ardath trok nadenkend met haar mondhoeken. 'Ik ben wel vaak in de Highlands geweest maar nog niet in de omringende gebieden. Waarschijnlijk heb je me daarom niet gezien,' glimlachte Ardath vriendelijk terwijl ze haar zorgen probeerde te vergeven. Ze sloot fronste en ontspande toen weer. Ze hoopte dat de vrouw niet zo angstaanjagend was als ze overkwam.

Kaede trok nerveus met zijn oren. Hij wilde het liefst de vrouw of haar loerende arend aanvallen of vluchten maar hij wist dat Ardath dat ten strengste af zou keuren. Etiketten, noemde ze dat. Nou, die etiketten konden stikken. Die vrouw... Die vrouw was de duivel zelven, dat voelde hij. Een instinct wat over zijn ruggengraat kroop en de haren in zijn vacht overeind zette. Hij hield een wantrouwige grom in maar stond klaar om weg te rennen of aan te vallen; wat hij niet zou doen zonder toestemming van Ardath.
[Superkort maar ik heb net zo veel haast als dat het kort is ;P]

Diadorah

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Diadorah had haar precies waar ze haar hebben wou, zittend op de grond. Zo kon Civilis het beste toeslaan.
Nogmaals aaide Diadorah het glas. ''Zou dit glas breekbaar zijn'', vroeg ze om de aandacht van het meisje af te leiden. ''Hoe zou dit dunnen glas toch zoveel gewicht kunnen houden, het is een wonder''. Diadorah glimlachte flauwtjes naar het meisje.
''Hoe heet je eigenlijk'' vroeg ze toen.
Mijn naam is Diadorah, was ze haar voor.
Ondertussen zag ze dat haar Anima landde om toe te slaan.


Civilis landde op het glas, en moest uitkijken dat hij niet uitgleed.
Met kleine grappige sprongetjes hipte hij heen en weer om de Anima van het meisje af te leiden. Ondertussen hipte hij steeds dichterbij.
Toen uit het niets, nam hij een spurt, en haalde een zwaar zakje weg.
Toen vloog hij, enig moeizaam op, en maakte dat hij wegkwam.

''Civilis, wat denk je dat je aan het doen bent'', riep Diadorah gemaakt.
''Kom onmiddelijk terug, en geef die spullen, wees eens aardig''
Ze keek met een veronschuldigende blik naar het meisje.
''Sorry hoor, dit doet hij normaal nooit''
Maar Diadorah wist het maar al te goed, het plan was bijna geslaagd.

Ardath

avatar
Ik ben een Nieuweling
Nieuweling
Ardath keek de vrouw zwijgend aan die plotseling leek te peinzen over het glas onder hen. Ze vroeg zich af hoe het kon dat het al dat gewicht kon houden; misschien zou het wel kunnen breken terwijl zij er nietsvermoedend op zaten. Ze babbelde wat over onbenullige dingen die Ardath normaal gesproken zouden interesseren maar nu niet belangrijk leken. De vrouw gaf Ardath een akelig gevoel en haar aandacht was daar nu volledig op gericht. En op die vervelende arend die niet anders leek te doen dan rondjes cirkelen. Het was gewoon griezelig. Ardath gaf uiteindelijk zonder veel twijfel haar naam vrij aan de vrouw maar verder zei ze niets, ze zweeg en keek naar de vrouw en haar rimpelige huid. Ze had iets engs en het begon Ardath steeds meer over te nemen. Maar ze hield zich in zoals ze dat geleerd had, geen vooroordelen hoe erg deze ook mochten zijn. De vrouw had toch niets kwaads in de zin?


Kaede's spieren spanden zich toen de vogel op het glazen oppervlak landde. Het was glad en zijn poten gleden bijna onder zijn lichaam vandaan maar zijn vleugels die hem beschikking gaven tot het luchtruim hielden hem in evenwicht. Hij hupte wat heen en weer - het was een soort combinatie tussen uitglijden en een volledig mislukte clownsact - en dat deed Kaede's nekharen overeind staan. Hij toonde lichtelijk zijn vijandigheid, ook al zou hij hier van Ardath op zijn kop krijgen. Hij moest haar beschermen en hij wist dat noch de vogel noch de vrouw in staat zouden zijn hem dáar bij te helpen. En toen sloeg de vogel toe. Het was zo plotseling dat Kaede slechts verstijfde. Hij zag die lelijke verenbaal naar voren springen en het buideltje met de glimmende stenen van Ardath's riem trekken. En dat deed Kaede ontploffen. Hij was nu in staat om te bewegen en nou en of deed hij dat. Hij zette krachtig met zijn achterpoten af - grip houdend met zijn scherpe nagels - en gooide Ardath naar achteren terwijl hij naar de vogel sprong. Zijn poten klauwden en maaiden in het wilde weg en raakten een vleugel maar dat was alles. Een vleugel. Een veer bleef tussen Kaede's nagels haken en toen schoot de arend het luchtruim in, weg van Kaede's bereik.
Ardath Tells
Ardath schrok zich dood toen Kaede haar achterover duwde en vervolgens over haar heen sprong om de vogel aan te vallen. Ze onderdrukte een geschrokken gil en rolde gehoorzaam aan de zwaartekracht naar achteren. Ze wilde geschrokken naar Kaede schreeuwen maar toen zag ze waarom de sneeuwpanter zo plotseling over haar heen was gesprongen. De arend had haar buideltje geld gestolen en zo maar mee genomen. En nu ving hij steeds meer hoogte in de lucht boven hen, ver buiten het bereik van Kaede's maaiende klauwen. Snel suste ze Kaede met wat lieve woordjes en toen richtte ze haar aandacht op Diadorah die zich schuldbewust opstelde.
'Ik... Het geeft niet...' mompelde Ardath behoedzaam. 'U kunt hem weer terughalen, ik zou graag mijn geld weer terughebben want ik heb nog een zware reis voor de boeg,' pleitte ze toen. Ze bleef beleefd tegen de vrouw want misschien deed de vogel echt nooit zo. Misschien... Misschien was het geen complot wat de vrouw had gesmeed maar was de vogel gewoon een beetje onnadenkend geweest. Ja, dat was het. Ook al wist Ardath diep in haar hart dat het niet zo was.

Diadorah

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
''Oo, jeettje, wat vreselijk, kom terug Civilis'', riep Diadorah gemaakt. ''Geef dit meisje haar spullen terug'' Met onregelmatige passen liep Diadorah achter de vogel aan, alsof ze hem zo kon pakken.
''Het spijt me zo erg, ik zal achter hem aan gaan, en de spullen terug pakken, ten minste, als hij ze nu niet laat vallen'' Diadorah speelde haar gekwelde blik, alsof het stof tenonder was gegaan.
Toen zette ze haar pas in. Het enige wat ze nu nog hoefte te doen is verdwijnen en Civilis terug roepen. Dan was het van haar. Mocht ze het meisje weer tegenkomen, dan zou ze zeggen dat het buideltje in het water was gevallen en op de bodem van de zee lag.
''Civilis kom hier, nu, ik beveel het je''
Ondertussen was Civilis allang het bos in gevlogen. Daar zou Diadorah ook straks verdwijnen.

-sorry erg kort, maar ik moet zo weg-

Gesponsorde inhoud


Ik ben een

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven Bericht [Pagina 1 van 1]

Permissies van dit forum: Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum