Je bent niet ingelogd. Log in of registreer je

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down Bericht [Pagina 1 van 1]

1 Verraad en bedrog! op ma apr 04, 2011 7:20 pm

Lucifer

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Lucifer zat even op zijn hurken op de grond bij dat ene plekje. Zijn gezicht strak en zijn ogen lieten geen emotie zien en ook de vrouw die dicht bij hem stond kon hem haast niet zien. Hij was totaal zwart en hij stond bij de zwarte bergen. Uiteindelijk stond hij op en draaide zich naar haar om. Hij had overtuigd om een zwarte mantel te dragen zolang ze hier waren, want hij wilde niet dat haar iets gebeurde als ze erachter kwamen dat ze van de Caelos was. Hij was ondanks alles toch wel aan haar gehecht geraakt en zou haar niet willen verliezen aan sommige beesten die hier rondliepen. Ze zou hem niet allemaal aankunnen. Hij genoot hier toch nog wel enig respect en de meesten kenden hem wel. Toch hadden ze allemaal verbaasd opgekeken toen ze samen Bombarda binnen waren gekomen. Vooral de vrouwen keken hem verbaasd na. Hij had nog nooit een vrouw meegenomen en in plaats van dat hij meteen naar Dagmar was gegaan, had hij eerst deze plaats bezocht. De plaats waar zijn moeder hem had gebaard en vervolgens had achtergelaten. ‘Laten we verder gaan.’, zei hij alleen. Hij had niet veel gezegd sinds hij hier was en ze leek het te begrijpen. Langzaam liepen ze de berg af en daar zag Lucifer Pleoh al weer staan. Er is iets aan de hand in de stad. Werd er aan hem verteld. Hij knikte Pleoh toe en pakte Abigail bij de hand. Even haalde hij de hand omhoog om er een kus op te drukken en vervolgens trok hij haar mee in de richting van de stad. Het duurde niet lang voordat ze in de binnenstad waren. Hij zag de mensen kijken en fluisteren, maar hij besteedde er geen aandacht aan.
:Anima Tell:
Pleoh liep voorop en maakte een pad vrij voor hen. Eindelijk kon hij zichzelf weer eens helemaal uiten en kon hij zijn naam eer aan maken. Hij beet een paar anima’s die in de weg stonden en gromde luid dat ze aan de kant moesten gaan. Ze gingen toch maar snel aan de kant toen ze de tanden van Pleoh zagen flikkeren in het licht. Zijn vacht was goed verzorgd en gespierd en zijn blik was vastbesloten. Na een paar minuten had hij een plekje op het plein veroverd en bleef staan. Hij ging rustig liggen alsof er niets aan de hand was en gebaarde aan Alice om hetzelfde te doen. Niemand zou het snel wagen om hen iets aan te doen. Hij sloot zelfs zijn ogen, maar hield alles goed in de gaten. Dit was voor hem handiger, want zo kon hij de trillingen beter opvangen.

Lucifer stond nu ook stil en deed de kap van zijn mantel af. Hij keek naar het bordes waar hij haar al zag staan. Lavinia was mooier dan normaal, maar er was iets mis. Hij kon haar blik niet zien en hij wist niet of ze hem kon zien, maar hij wilde eigenlijk het liefst dichterbij komen. Haar vragen wat er aan de hand was, maar dat kon en mocht hij niet. Ze hadden verboden herinneringen en hij mocht haar niet behandelen alsof hij haar goed kende. Opeens kwam daar Lord Lucius tevoorschijn. Hij keek hem scherp aan en zag hem even hoesten. Lucius en hoesten? Daar klopte iets niet. ‘Ik heb een mededeling.’, begon de clanleider. Ondanks dat moest Lucifer zacht glimlachen. Lucius zou nooit iets zeggen om de aandacht te krijgen. Hij had altijd de aandacht en de mensen waren gericht op ieder ding dat hij zei. ‘Mijn dochter heeft besloten om te gaan trouwen.’ Er steeg een gejuich op uit het publiek, maar hij knarsetandde. Ze ging trouwen? Hij wist dat ze het moest doen, maar welke man zou ze hebben gekozen? Of had haar vader een man voor haar gekozen? ‘Ik ben verheugd om een man in de familie te verwelkomen. Hier is …’, zei Lucius en de man kwam tevoorschijn. De woede vlamde in zijn ogen. Hij kende die man maar al te goed. Een macho die zich te pletter trainde en uit een goede familie kwam. Ze hadden vaak tegenover elkaar gestaan tijdens trainingsgevechten en het was nooit bij training gebleven. Hij kon hem niet uitstaan en dat was wederzijds. Hij hield de hand van Abigail beter vast en trok haar iets dichterbij. Hij had geen idee of hij haar pijn deed door haar zo stevig vast te houden, maar daar richtte hij dan ook even zijn aandacht niet op. Zijn woede was gericht op de verloofde van Lavinia die nu naast haar stond en de anima van hem. Dat gore beest. Hij zag dat hij haar vasthield bij haar hand en hij wilde hem al in elkaar slaan voor die poging. Niemand behalve hij mocht haar aanraken. Hij draaide zijn hoofd bij de plotselinge vraag die van iemand ver van hem af kwam. Wat was dat dan weer voor roddel? Toch leek het heel even alsof het gezicht van de Lord wegtrok. Wat was de vraag ook al weer geweest? Oh ja, of het waar was dat hij een troonopvolger bij de Caelos clan had verwekt en dat Lavinia niet de wettige opvolgster was nu er een zoon was geboren. Net zoals vele anderen keek hij naar Lord Lucius. Wachtend op wat voor antwoord hij zou geven.

2 Re: Verraad en bedrog! op di apr 05, 2011 12:27 pm

Lady Lavinia

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Een paar dagen terug moest Lavinia haar zoektocht beëindigen. Ze had geen man gevonden en haar vader had haar een uil gestuurd dat ze terug naar huis moest komen met de man met wie ze zou trouwen. Lavinia had getwijfeld of ze Lucifer gewoon zou mee nemen maar ze had hem niet meer gezien en daarbij was hun liefde verboden. Lavinia had Kenshi geschreven dat ze terug ging naar Bombarda want hij zou haar één keer per week op zoeken want dat had Kenshi haar beloofd. De resi naar haar eigen woonplaats viel zwaarder dan normaal. Want elke stap die ze deed werd ze steeds onzekerder over de toekomst. Al wist ze al wat er ging gebeuren. En Espe? Die wist het ook. De twee zwegen de hele tijd maar uiteindelijk zetten ze toch een stap op het land van Fernum. Lavinia snoof de kille lucht op en Espe die was veranderd in een paard werd gezadeld voor dit ene moment. Haar terugkeer naar Bombarda. Lavinia stapte op en pakte de teugels vast. Ze toverde een gemaakte glimlach op haar gezicht en spoorde Espe aan. Espe brieste en begon te lopen met sierlijke passen. Haar hoofd gebogen en haar staart in de lucht. Er stonden burgers aan de kant van de weg te juichen en te joelen. Hun prinses was weer heel huids terug gekeerd. Het duurde langer omdat ze af en toe wat mensen persoonlijk begroeten en de weg werd opgehouden door mensen maar uiteindelijk bereikte ze toch de muren van het paleis. Ze stopte Espe en de poort ging openen. Op de binnenplaats stond haar vader en naast haar vader de bediendes. Maar er stond nog een andere man bij. Lavinia had hem vaak gezien bij de trainingen, hij was één van die hoge pieten. Deze man stond aan de rechterkant naast haar vader. Dat was een grote eer voor mannen. Haar ogen gleden even naar de rekruten die nog getraint werden door haar vader. Espe knielde neer zodat Lavinia kon afstappen. Want van Espe afglijden in een dames zit was niet erg sierlijk. Ze glimlachte haar vader toe. ''Welkom thuis, mijn dochter.'' Lavinia zag hoe belabberd haar vader er uit zag. Hij was bleek maar Lavinia zei er niets van. Haar vader omhelsde haar en ook Lavinia sloeg haar armen om haar vader heen. ''Ik heb je gemist mijn dochter,'' ''Ik u ook, vader.'' Zei ze zachtjes. Haar vader liet haar los. ''En? Zoektocht geslaagd?'' Lavinia beet even op haar onderlip maar schudde haar hoofd. Haar vader knikte, ''We praten zo verder in de troonzaal...'' Zei haar vader. Lavinia knikte en boog als dame met haar jurk in haar rechterhand voor de bediendes die het zelfde deden. Lavinia richtte zich op de rekruten en glimlachte ze toe. ''Ik hoop dat mijn vader jullie niet te hard heeft laten werken.'' Een paar rekruten glimlachte terug en weer andere bogen voor haar. Lavinia keek met een glimlachje toe hoe de mannen die niet hadden gebogen dat toch maar deden en richtte zich daarna weer op de man naast haar vader die op haar af kwam. Hij knielde neer en pakte haar hand waarna hij deze kuste. ''Welkom terug, my lady.'' Lavinia trok haar hand terug na 10 seconde zoals Lucifer haar had geleerd. ''Dank u,'' Zei Lavinia. Ze zag in haar ooghoeken hoe haar vader naar binnenstrompelde en richten zich op de mensen. ''Excuseer mij,'' Zei Lavinia beleefd en liep achter haar vader aan. Een paar bediendes volgde haar maar Lavinia sloeg er geen acht op. Ze deed de deuren openen van de troonzaal en zag haar vader zitten. Hij hoesten en dat baarde Lavina zorgen. ''Vader,'' Haar vader schrok duidelijk maar herstelde zich al snel. ''Lavinia, je liet me schrikken.'' ''Het spijt me, vader.'' ''Het maakt niet uit, nou vertel. Hoe was het in Terram?'' Lavinia wou zeggen dat het geweldig was en vertellen wat ze had gedaan en had mee gemaakt maar dat zou de mensen die ze had ontmoet in gevaar brengen. ''Mijn reis was niet erg nuttig. Ik heb geen enkele man gezien waarmee ik op de troon zou kunnen zitten.'' Loog ze glashard. Haar vader knikte want Lavinia kon een leugen zo goed brengen dat het de waarheid leek. Dit kon haar vader ook, dit had ze dan ook echter van hem. Lavinia liep verder en knielde neer zodat ze op haar benen zat. Haar vader hoesten en Lavinia keek hem bezorgd aan. ''Het is niets, Lavinia...'' Lavinia beet op haar onderlip maar haalde al snel haar tanden van haar onderlip af toen ze de strengen blik van haar vader zag. ''Lavinia, je weet wat onze afspraak was.'' ''Ja, vader.'' Zei Lavinia met gebogen hoofd. ''Maar omdat je niet geslaagd ben, zal ik je een man toe wijzen.'' ''Dat is niets meer dan eerlijk vader.'' Zei Lavinia schor. ''Is er iets, dat je me wil vertellen?'' Lavinia schudde haar hoofd. ''Nee vader, er is niets.'' Loog ze. Ze wou haar vader eigelijk zoveel vertellen, vooral dat ze verliefd was geworden op een man. Maar de liefde tussen hun was verboden en dat zou kunnen betekenen dat Lucifer uit de clan werd gegooit. ''Lavina... Ik weet dat je nu liegt..'' Lavinia zuchte, ''Ik weet dat u me wil koppelen aan een lord maar ik heb mijn hart aan iemand anders gegeven.'' ''Aan wie als ik vragen mag?'' Lavinia slikte en staarde naar de grond. ''Lucifer, vader..'' ''Wat!'' klonk het geschreeuw van de koning. Een glas spatte door zijn geschreeuw. ''Hij moest je enkel beschermen!'' Lavinia keek op. ''Wat bedoeld u?'' ''Ik had hem de opdracht geven je te beschermen. Niet dat hij je hart mocht aan nemen.'' Lavinia slikte maar keek haar vader niet meer aan. Ze voelde een kille hand op haar schouder. ''Hij houd niet van je Lavinia, nooit gehoord over zijn avonturen met het vrouwelijk geslacht. Je was gewoon..'' ''Een prooi met een goud kroontje..'' Zei Lavinia zacht. Haar vader knikte en Lavinia keek haar vader aan met tranen in haar ogen. ''Ik ben zo stom geweest vader,'' ''Het geeft niet, je bent toch niet te ver gegaan hé..'' Lavinia schudde haar hoofd. ''Mooi, want ik wil dat je eerste kus is op je trouwenrij.'' Lavinia slikte onmerkbaar. ''Natuurlijk vader,'' Haar vader ging weer zitten. ''Nou, nu dit is opgelost wil ik je graag voorstellen aan je man.'' Lavinia knikte. ''Kom binnen mijn zoon,'' De troonzaaldeuren gingen openen en de man die net op het plein stond kwam nu op haar af gelopen. Lavinia keek vol afschuw naar deze man. Deze man was één bonkspieren, zijn huid was ruw. Zijn ogen kikkergroen en zijn haar rood. Hij had zelfs sproeten. Dacht haar vader nou werkelijk dat ze met hem zou gaan trouwen. Hoe zouden haar kinderen er wel niet uit zien. Dadelijk hadden ze overal sproeten en rare ogen. ''Mag ik je voorstellen aan, Lord William Rodericks...'' Zei haar vader. De man knikte haar toe en greens breed toen ze op stond. Zijn ogen gleden langs haar lichaam en Lavinia trok een vies gezicht als ze niet in de troonzaal stonden had ze gevraagt of hij een emmer nodig had. De man was een beest om te zien. Ze rilde en keek haar vader aan. ''Ik..'' Ze zag haar vaders ogen glimmen. ''Hij staat het hoogst in de mannen kring, Lavinia...'' ''En hij kan je beschermen..'' Lavinia slikte, ''Ja vader.'' Toen ze zich omdraaide zag ze dat de man op zijn knieeën zat en haar hand kuste en vervolgens naar boven ging. De voelde zijn ruwe lippen op haar zachte huid en keek er minachtig naar terwijl er een ring op haar vinger werd geschoven. De ring was prachtig maar wat moest je anders verwachten van een lord die pronkte met zijn geld. Ze toonde een zwak glimlachje en Williams pakte haar hand vast. ''Ik ben vereerd dat ik met u dochter mag trouwen, mijn heer..'' Lavinia snoof lichtjes maar zo dat haar vader het niet hoorde. Ze wrikte haar hand los en rende weg. De twee keken haar verdoofd aan maar bij de deuren bleef Lavinia staan. ''Ik wil even alleen zijn,'' ''Goed, morgen zullen we het nieuws vertellen aan het volk..''

De volgende dag werd Lavinia wakker gemaakt, gewassen en aangekleed. Ze droeg een corset deze keer in plaats van een hempje waardoor haar boezem nog meer zichtbaar werd. Met over haar ondergoed heen een groene jurk. Haar haren werden glad gemaakt en haar lippen werden rood gekleurd en vervolgens werden ook haar ogen opgemaakt. Ze zag er prachtig uit maar aan haar gezicht te zien was ze er niet blij mee, ze was ongelukkig en gedoemd. ''Ik zal altijd van je blijven houden,'' Zei ze toen ze uit het raam keek en draaide zich om en liep met Espe die een groene lint om haar nek had naar beneden. Daar ging ze de koets in met haar vader en echtgenote. Ze reden naar het plein en de mensen werden verzameld. Haar vader, zij zelf haar echtgenote en hun Anima's stonden op een verhoging toe te kijken hoe het bordes vol stroomde met mensen. Haar vader hoesten maar begon met spreken. ''Mag ik even jullie aandacht.'' Riep haar vader. De bewoners keken nieuwsgierig naar het podium waar de koning stond. Lavinia keek de mensen één voor één aan en haar ogen gleden naar een tijger. Een tijger die ze uit duizende wel zou herkennen. Naast deze tijger lag een witte wolf. Haar blik ging iets naar boven en ze keek Lucifer aan. Haar ogen stonden droevig. Ze wou naar hem toe en bij hem zijn maar als ze dat deed zou de waarheid naar boven komen. De waarheid die haar vader en zij onderdrukte. ''Mijn dochter heeft besloten om te gaan trouwen.'' Een gejuich steeg op uit het publiek en Williams greens breed, hij stond achter het podium zodat hij bijna niet te zien was. ‘Ik ben verheugd om een man in de familie te verwelkomen. Hier is Lord Williams Rodericks’ Lavinia keek toe naar Lucifer en Williams kwam naast haar staan waar hij haar hand vast pakte. Ze toonde een zwak glimlachje maar deze verdween toen ze zag dat Lucifer de hand van de vrouw naast haar vast pakte. Ze keek naar de grond. Hun liefde mocht niet zo zijn en daarbij had hij gelogen. Ze was wel een prooidier geweest voor hem net zoals de vrouw naast hem. De vrouw waarmee ze had gesproken in haar dromen. Ze had contact gemaakt met haar en haar zo gesproken. Lavinia was namelijk erg machtig en beschikte over de gave van Telekines. Met deze gave kon ze vele dingen doen maar Lavinia deed er weinig mee omdat ze het nooit hoefde te gebruiken want ze liep geen gevaar. Toch was het wel handig en gebruikte ze het wel af en toe. Haar hypnose was het sterkste dus dat gebruikte ze dan ook vaker dan de andere dingen. Een traan ontsnapte uit haar ooghoek maar ze veegde die snel af. Er kwam een vraag uit het publiek en Lavinia staarde haar vader aan die wit wegtrok maar haar vader herstelde zich al snel. ''Dit is niets meer dan een gerucht. Mijn dochter is de enige echte troon opvolger.'' Zei hij met een gerechte rug. ''Het is waar, ik en nog een paar andere mannen hebben haar ontvoerd om haar te breken maar echter heeft er iemand niet goed opgelet en heeft een twee kinderen bij haar gewekt.'' Zei Lord Lucius. ''Ik, Daemon en Lucifer zijn het sterkst kwa zaad maar ik zou nooit een kind kunnen verwekken in een bomenkind. De clan waardoor mijn vrouw Lady Laverina is gestorven. Nee, ik zou nooit een kind bij haar kunnen hebben verwekt.'' Zei Lord Lucius overtuigend. De mensen knikte want iedereen geloofde de koning. ''De enige die over blijven zijn Lucifer en Daemon. En de meeste van jullie weten wel wat Lucifer doet in de late uurtjes.'' Zei de koning lachtend. Een paar mannen lachte mee maar een paar vrouwen keken hem boos aan. Opnieuw steeds er geroezemoes op. ''Ik heb gehoord dat Daemon niet de vader is, de clanleidster heeft hem zelf verteld dat de naam van de vader met Luc begon. De afkorting van haar zoon.'' Zei een vrouw. Haar vader knikte en keek naar Lucifer. ''Mag ik je hier bij van harte felicteren, je bent vader geworden..'' Zei ze koning met een grijns. Hij begon te klappen en een paar volgde. De koning was alleen maar blij dat dit gerucht op hem werd afgeschoven en daarbij brak hij zijn dochters hart waardoor ze zich wel over gaf aan zijn toorn. Lavinia keek Lucifer met tranen in haar ogen aan, haar mond vormde de woorden. ''Hoe kon je,'' en ''Leugenaar..'' Williams hield Lavinia strak tegen zich aan en kneep in haar kont maar Lavinia trok zich los en rende het publiek in. ''Lady Lavinia!'' schreeuwde Williams en sprong ook het podium af. Espe gromde en sprong voor Williams. ''Mijn wederhelft wil jou niet,'' siste ze hem toe maar Espe werd weg geschopt door Williams. Iets waar Espe niet van werd gediend en Williams besprong maar al snel werd Espe ook aangevallen door de Anima van Williams. Een wolfshond. Zijn kwijl streek op Espe neer terwijl ze hem beet en begon te krabben. Lord Lucius stond op het podium en grinnikte lichtjes. ''Niet aan de hand mensen, de twee hebben alleen een aparte parings dans..'' Espe gromde na deze woorden. Voor geen goud zou ze met dat vieze beest paren.

Terwijl Espe zich bezig hield met de wolfshond rende Lavinia verder. Gevolgd door Williams. ''Lavinia!'' ''Ga weg!'' schreeuwde ze. Haar tranen vloeide langs haar wangen. ''Lavinia!'' Lavinia stond stil en Williams sloeg hijgend zijn armen om haar heen. Lavinia spratelen en schreeuwde toen Williams haar op tilde. ''Laat me los..'' ''Lavinia, ik beveel je als mijn vrouw, niet te schreeuwen en me al helemaal niet te krabben.'' Zijn armen zatten onder het bloed. Lavinia spartelde en probeerde zichzelf te bevrijden. ''Ik neem geen bevelen aan van een Barbaar! Schorem!'' schreeuwde ze. Ze werd vastgezet tegen een dode boom. Even moest ze denken aan Lucifer en voelde even later ook zijn ruwe lippen op haar boezem. Lavinia sloeg de man in zijn gezicht en viel toen Hij achteruit stapte. Zijn wang was rood gekleurd en hij keek woest naar Lavinia. Hij pakte haar polsen vast en drukte haar tegen de boom aan. Lavinia draaide haar hoofd weg en gromde minachtig toen zijn lippen op haar nek werden gedrukt. Hoe kon haar vader! Hoe durfde Lucifer! Haar hoofd stroomde over van de gedachtens en haar tranen stopte niet met stromen. Ze was gedoemd.

3 Ik blijf je beschermen. op di apr 05, 2011 3:32 pm

Lucifer

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Lucifer wist dat het erg zou worden, maar hij had er geen idee van hoe erg het vandaag zou worden. Zijn gezicht was strak en alleen zijn ogen konden vertellen wat er in hem omging, maar er was maar één iemand die zijn ogen kon lezen en die vrouw stond nu op het bordes een eind van hem vandaan. Ze zou nooit zijn ogen kunnen lezen vanaf hier en hij kon alleen maar raden wat er in haar omging. Zijn zintuigen waren op scherp gezet en niet alleen door Lavinia. Hij moest er ook voor zorgen dat Abigail niets gebeurde. Met Lucius wist je het nooit zeker en hij zou dat ook niet uit willen proberen. Zijn blik was gericht op Lucius die begon te spreken. Ze had een man gekozen? Hij knarste met zijn tanden toen hij zag wie het was. ‘Rodericks’, siste hij door zijn tanden en ook Pleoh gromde even zacht en vals. Dat was nou echt iemand die ze nooit zou hebben gekozen. Lucius moest die voor haar hebben gekozen en zij had er mee in moeten stemmen. Ze had niemand anders waarmee ze zou kunnen trouwen. Lucifers woede kwam opzetten en hij keek alleen maar richting Rodericks. Hoe durfde die vuilak haar aan te raken? Bovendien zag hij er ook niet uit ook. Zijn haren waren rood, maar niet van dat leuke rood zoals Abigail had, maar echt dat irritante rode dat je er met plezier uitramde. Zijn sproeten waren altijd al een reden voor pesterijen geweest en hij had zich er nooit tegen verdedigd. Niet als zijn broers er waren om dat voor hem te doen. Hij was een lui varken dat alleen geluk had dat hij uit een goede familie kwam. Het was ook de familie Rodericks geweest waar hij bij geplaatst was toen hij was gevonden en die eerste vijf jaar dat hij daar was geweest, waren niet leuk geweest. Ze streden altijd tegen elkaar en het frustreerde iedereen vaak dat hij won en dan kreeg hij slaag dus het was maar goed geweest dat hij weg was gegaan. Nu had hij tenminste ook een vak geleerd en hij had zijn eigen zwaard gesmeed. Dat kon lang niet iedereen en als je dat eenmaal had gedaan dan gaf je ook een stukje van je ziel aan het zwaard. Maar waarom was Rodericks gekozen? Zijn gedachten kwamen pas weer een beetje erbij toen er werd gesproken over de kinderen van Catharina, de leidster van de Caelos clan. Hij liet zijn blik nu over Lucius gaan en zag dat hij even wegtrok, maar daarna weer herstelde. Op de een of andere manier geloofde Lucifer niet wat Lucius zei en al helemaal niet zei dat hij het niet was. Lucius was degene die haar de meeste keren had verkracht, die haar daarna aan een ander had gegeven en haar vervolgens had uitgezwaaid. Hij was de hele tijd in het huis geweest en was pas later in de richting van het kamp gegaan. Hij had de vrouw geen enkel moment aangeraakt. Ze was al weggeweest toen hij aankwam, maar toch was hij haar niet tegengekomen. Best raar als je er zo over nadacht, maar hij schrok een beetje op toen hij de beschuldiging hoorde. Oké dan. Hij hield er van om met vrouwen om te gaan en de liefde met ze te bedrijven, maar het was een ander ding als het overal werd rondgebazuind. En meestal waren het de vrouwen die hem opzochten en hij ze graag de nacht doorhielp. Als je het zo bekeek was hij eigenlijk best zorgzaam en hij grijnsde even voor zichzelf. Hij boog zich even naar Abigail toe. ‘Ik leg je straks alles uit. Doe verder alles wat ik zeg.’, siste hij haar toe. Als ze er ook maar aan dacht om zichzelf kenbaar te maken dan was ze verkeerd bezig. En hij was ergens een beetje bang voor wat er aan kwam. Een voorgevoel zou je het kunnen noemen. En daar kwam het al en zijn ogen schoten vuur en langzaam gleden ze terug naar die van Lavinia. Nu zag hij het verdriet al was hij zo ver weg. Haar woorden deden hem nog meer pijn aan dan hij had kunnen denken en zijn hart sloeg een paar slagen over. Zijn blik werd langzaamaan gekweld en hij moest vast de hand van Abigail dicht hebben geknepen, maar hij kon niet anders. Zijn hele lichaam was gespannen en hij voelde hoe de spanning ook langzaam in Pleoh liep. Hij stond even stil van verbazing en trok daarna Abigail met zich mee. Hij duwde iedereen aan de kant en zag eindelijk het huis wat hij wilde zien. Het huis van Dagmar en eigenlijk ook die van hem. Hij duwde de deur open en keek naar de verbaasde Dagmar. ‘Houd haar veilig totdat ik terug ben.’, zei hij snel en kuste de vrouw op haar voorhoofd. Hij liet nu eindelijk haar hand los en keek haar even aan. ‘Abigail. Ik moet haar helpen en dat kan ik niet als ik niet weet of je wel of niet veilig bent. Dagmar zal je veilig houden, maar doe alles wat ze van je vraagt. Alleen dat zal de manier zijn.’, zei hij snel en kuste haar daarna nog een keer snel op haar mond. Zijn hand ging even over de wolf heen van Abigail en rende daarna de deur uit. Hij moest Lavinia vinden en haar redden van Rodericks.
:Anima Tell:
Pleoh had alles gehoord en was opgestaan toen hij Lucifer weg hoorde gaan. Hij wist al wat hij moest doen en zou dat dan ook doen. Hij gromde even luid en rende in een drafje naar het bordes toe. Zijn kop half geheven, half naar de grond toe en zijn mond iets open hangend, maakte alles duidelijk. Hij was niet blij en zat in zijn jachtmodus. Het drafje was typisch voor een tijger als hij en hij hoefde geen eens te grommen om de mensen aan de kant te krijgen. Geen enkele anima wilde nu in de weg staan van hem. Als ze tenminste geen doodswens hadden dan niet. Pas bij de soldaten moest hij iets moeite doen. Hij stopte niet, maar zette af en sprong perfect over de twee anima’s heen. Daarna ging hij gewoon door naar het bordes. Het duurde niet lang voordat hij dicht in de buurt van Espe was toen hij gromde. Dat gore beest van een wolf. ‘Hulp nodig?’, gromde hij zacht en het was duidelijk aan Espe gericht. Zijn blik was verder gericht op de wolf die iedere keer dat hij hem zag afschuwelijker werd. ‘Ook leuk om jou weer te zien.’, gromde hij minachtend naar de wolf. Hij zou nooit buigen voor dat beest al zou hij koning van de hele wereld worden. Hij was alleen gehoorzaam aan Lucifer of aan Espe als die redelijke voorstellen gaven, maar anders zou hij zelfs niet naar hen luisteren. Maar dat was iets dat er bij hem was ingestampt. Op een of andere rare manier.

Lucifer was weggerend en zocht nu naar Lavinia. Hij hoorde ergens in de verte dat er de naam Lavinia werd geroepen en hij rende die kant op. Zijn woede dreef hem voort en niemand zou hem tegen kunnen houden. Niet dat er nu iemand achter hem aankwam. Nog niet tenminste. Pleoh kon goed voor zichzelf zorgen en was niet zo gemakkelijk te verslaan. De speciale trainingen van Lucius hadden goed geholpen en ze waren sterker dan de normale soldaten. Eindelijk zag hij haar en even bleef hij staan. Verwonderd van wat hij zag en verbaasd hoe hij zo woedend kon worden. Het was niet alleen vanwege de liefde voor Lavinia, maar ook vanwege Rodericks. Die was te ver gegaan. Dit mocht hij niet doen al waren ze dan verloofd. Hij liep de laatste paar passen op de twee af en trok Rodericks van Lavinia af en balde zijn vuist om hem met een kaakslag naar achteren te slaan. Hij keek minachtend en tegelijkertijd woedend naar de man en trok met een soepele beweging zijn zwaard uit zijn schede. Losjes hield hij die in zijn hand en grijnsde naar Rodericks. ‘Leuk je weer te ontmoeten, Rodericks.’, zei hij grijnzend. Hij stond nu met zijn rug naar Lavinia, had de enige veilige positie voor haar gekozen. Tussen haar en Rodericks in. Hij zou echter niet om mogen kijken naar haar, want dan zou Rodericks hem aanvallen. Hij kende de schurk en ze hadden allebei hun trucjes. ‘Niemand raakt haar aan, behalve haar vader. Ze blijft puur tot het huwelijk.’, siste hij hem nu toe. Hij hoefde niemand te vertellen dat hij haar allang kennis had laten maken met bepaalde zaken, maar toch waren bepaalde dingen zeker voor haar nog een verrassing. Al zou het niet zo fijn zijn bij Rodericks, hij zou haar beschermen totdat ze in het huwelijk zou gaan. ‘Ze is nog niet je vrouw en dus mag ze alles doen wat ze wilt en heb jij nog niets over haar te zeggen. En als je daar iets tegenin kan brengen dan wil ik je met alle liefde kennis laten maken met Clash. Volgens mij kende je hem nog niet?’, vroeg hij nu strak en hield zijn zwaard even omhoog. Clash was met hem verbonden net zoals Pleoh, maar dan veel minder. Het was een echt verlengstuk van zijn arm en bevatte al zijn woede, techniek, liefde en een stuk van zijn ziel. Rodericks kende Clash nog niet, maar daar kon hij wel wat aan veranderen. Grijnzend keek hij naar Rodericks en ging iets op de bal van zijn tenen staan. Een positie om een aanval goed af te kunnen weren. Zwaardvechten was ook een vorm van dansen en je had er al je concentratie voor nodig.

4 Waarom?! op di apr 05, 2011 5:07 pm

Lady Lavinia

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier

Espe gromde luid en zetten haar tanden in de nek van de wolfshond. Ze trok haar tanden terug en keek hem vies aan. ''En dit is de Anima van een lord!'' snoof ze minachtig. ''Ik heb nog meer sierlijkheid in me linkerteen dan jij in het algemeen!'' ''Het poesje moet oppassen.'' Espe's ogen glommen duister en liep om hem heen. ''Weet je wat er gebeurde met de gene die mij ooit had uitgedaagd?'' ''Nou? Je had hem een pakje melk gegeven...'' Zei de wolfshond grijnzend. Espe haalde uit met haar klauwen. Bloed liep over zijn gezicht. ''Ow dus het poesje kan krabben..'' Espe gromde luid en besprong de wolfshond opnieuw. ''Jij achterbakse, gore teef!'' ''Voor jou ben ik toch een mannetje..'' ''Nou volgens mij ben je gecasteerd hoor..'' Gromde Espe vals. ''Want ik zie nergens dat je ballen heb...'' Zei ze vals grijnzend. Ze voelde zijn tanden in haar nek en gromde toen ze wat langs haar nek voelde lopen. De twee rolde maar Espe ging niet terug. Haar zwarte vacht was meer rood gekleurd dan zwart. Net zoals die van de wolfshond. ''Mijn lord trouwd met die vrouw van jou en dan sta ik boven jou..'' Espe gromde, ''Jij zal nooit boven mij staan en Lavinia is de enige die de troon waardig is, Schorem..'' Gromde ze luid waarna ze elkaar weer in de haren vlogen. De wolfs hond werd van Espe afgeworpen en die piepte luid. Espe hijgde en stond weer in de aanvals houding. ''Ik jaag op schorem als jou dus waag het niet een stap dichterbij te doen, want ik vreet je op!'' Gromde ze. De zelfde woorden die ze ooit tegen Pleoh had gezegt. De wolfshond rende weer op haar af en viel haar aan. Dit keer werd Espe weg geworpen. De wolfshond leek trots. Op dat moment kwam Pleoh. Espe keek hem aan. ''Ik vroeg me al af waar je bleef,'' Zei ze grijnzend. Ze snoof toen Pleoh de wolfshond begroette. ''Jaja, erg leuk jullie te zien. Ga je me nog helpen of gaan jullie een theekransje houden.'' Gromde ze. ''Voed me vrouw!'' ''Ow nou ga je te ver!'' Gromde Espe en haalde uit met haar klauwen. ''Ik laat niets van je heel!'' Gromde ze. Espe was nog nooit zo woedend geweest, zelfs de aanvallen die ze op Pleoh had uitgevoerd waren niets vergeleken bij deze.

Lavinia was tegen de boom aan gedrukt door Williams. Ze spartelde af en toe tegen maar voelde zijn ruwe lippen neerdalen op haar bloezem. Toen zijn handen haar jurk omhoog schoof keek Lavinia hem woedend aan. Haar ogen waren zwart. ''Waag het niet of ik snij je ballen er persoonlijk af!'' Zei ze woedend. Maar Williams greens enkel alsof hij het leuk vond dat ze hem bedreigde. Maar voordat Williams verder was kunnen gaan werd hij neer geslagen door niemand minder dan Lucifer. Lavinia keek met grote ogen toe. De woorden dat ze puur bleef tot het huwelijk deden haar pijn. Ze was het zat om te liegen en iemand te bedriegen. Lavinia sloot haar ogen en hoorde alles aan. Maar toen ze haar ogen openen deed zag ze dat Williams dichterbij kwam met zijn zwaard. Maar voordat Lucifer iets kon doen trok ze haar dolk los. Deze was vast gebonden aan haar enkel. Haar dolk zoefde langs Lucifers oor en de dolk zat in Williams schouder. Aan de siersels van de dolk was te zien dat deze van haar moeder was geweest. ''Waag het niet om ook maar een stap te zetten want ik ben zo bij je en ik snij je strot door..'' Gromde ze woedend. Lucifer hoefde haar niet meer te beschermen enkel omdat het zijn taak was. Nee, zijn taak was afgelopen. Haar zwaard raakte de rug van Lucifer. ''En jij ook niet!'' Siste ze hem toe. Haar ogen vulde zich met tranen. ''Waarom Lucifer? Waarom loog je tegen me. Waarom loog je tegen me dat je van me hield! Het enige waarom je dat deed was om bij me te komen en me te beschermen omdat dat moest! Je geeft niets om je! Enkel omdat mijn vader je dan beloont! Je had ooit tegen me gezegt dat je me niet ziet als een prooidier maar ik weet wel beter! Ik was gewoon een speeltje voor je, is het niet!'' ''Is het niet!'' Zelfs in haar stem was te horen dat er tranen langs haar gezicht stroomde. ''Je woorden waren niets meer dan leugens! Net zoals je Abigail nu bedriegt. Jij ziet vrouwen als een simpel speeltje. Een prooidier. Maar deze prooi pikt het niet langer en ik maak er een einde aan...'' Zei ze hees. William pakte de dolk en trok deze eruit en gooide deze op de grond. Hij kwam dichterbij en Lavinia's ogen werden kleine spleetjes. ''Ik had je gewaarschuwd!'' Ze stak haar hand uit. Haar haren rezen omhoog en haar ogen waren zo zwart als de nacht. William vloog achteruit tegen de boom aan en zakte kreunend. Lavinia snoof, ''Je had moeten blijven staan,'' gromde ze boos en richten zich weer op Lucifer. ''Nou! Vertel me de waarheid!''

5 Re: Verraad en bedrog! op di apr 05, 2011 5:55 pm

Abigail

avatar
Ik ben een Bekende Burger
Bekende Burger
Abigail werd raar aangekeken toen ze hier binnen kwam. Ze vond het maar raar. Lucifer had hier toch niets te zoeken of wel. Maar ze zweeg. Hij moest de koker terug brengen. Hij had haar overtuigd een zwarte mantel te dragen maar haar schoenen laten dragen kon hij niet. Want Abigail liep altijd op blote voeten ook in de sneeuw en dat zou hij niet kunnen veranderen. Abigail hield haar hoofd naar beneden want erg fijn vond ze het niet hier. Het had een donkere en slechte sfeer. Wat moest Domina wel niet van haar denken. Abigail zuchte en keek toe hoe hij geknield zat op de berg. Ze bleef stil en zelfs Alice was stil naast Abigail gaan zitten. Toen Lucifer op stond en haar hand kuste, glimlachte ze breed. Hij liep met haar richting de binnen stad en Alice volgde hun trouw. Toen de mensen te zien waren keek Abigail met grote ogen toe, wat was er aan de hand. Ze werd mee getrokken naar het middelpunt van de menigte en bood af en toe haar excuses aan als ze op iemands tenen stond. Het geroezemoes van de mensen was duidelijk te horen maar Abigail kon niet precies opvangnen waar ze over spraken. Haar ogen gleden naar de witte wolvin die naast Pleoh ging liggen en voor zich uit staarde. Alice was niet erg spraakzaam maar ze was wel waakzaam. Ze was een vriendelijke wolvin maar soms vond ze het beter om niets te zeggen. Abigails ogen gleden naar het podium waar haar ogen groter werden. Die vrouw. Die vrouw had ze gezien in haar dromen. Alles ging heel snel. De vrouw rende weg en Lucifer kneep haar hand haast fijn maar Abigail was te verward om ook maar iets te doen. Pas toen de beschuldig haar door kwamen keek ze hem aan. ''Is het waar?'' vroeg ze. ''Ben jij de vader?'' zei ze snel maar hij nam haar al mee. De menigte door en site haar toe. Hij liep met haar een huis in waar ook een vrouw stond. Vrouwe Dagmar. Zo noemde hij haar. Abigail glimlachte vriendelijk naar de vrouw. Maar keek al snel naar Lucifer. Abigail knikte begrijpend. ''Ga maar Lucifer. Maar je blijft mijn man, hoor je me...'' Ze kuste hem vluchtig en Lucifer vertrok. Abigail zuchte en deed haar kap af en aaide Alice want deze bleef altijd bij Abigail wat ook zou gebeuren.

6 Omdat ik van je houd! op di apr 05, 2011 7:45 pm

Lucifer

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
:Anima Tell:
Pleoh zag hoe Espe al bloed over haar heen had lopen en moest meteen denken aan Lavinia. De laatste keer dat Espe gewond was geraakt, had Lavinia het niet aangekund en was ze weggevallen. Hij gromde nog een keer en grijnsde haar toe op haar woorden. Hij kwam iets dichterbij en hield zijn blik angstvallig op die van de wolfshond gericht. ‘Maar natuurlijk, my lady.’, zei hij grijnzend en hij kwam dreigend op de wolfshond af. Hij gromde laag en zacht, maar de dreiging was er duidelijk in te horen en het maakte het juist nog erger dan normaal. Hij kon even niets doen toen Espe de wolf aanviel en hij keek alleen maar toe. Toen ze terug werd geslagen door de wolf sprong hij voor haar en bleef alleen dreigend staan. ‘Weet je nog wie de laatste keer de training had gewonnen, Pleoh?’, vroeg de wolf grijnzend. ‘Denk eens terug aan al die keren dat ik van jou heb gewonnen, Earh? Net zoals je naam al zegt, ben je eigenlijk een lafaard. Iemand die altijd maar bevelen geeft en nooit iets zelf kan doen. Ik heb vaker tegen de anima’s van je broers gevochten dan tegen jou, want je durfde niet te vechten. Of je was gewoon te lui.’, gromde hij zacht lachend. Hij zag de verandering in de ogen en de houding van Earh en grijnsde breed. Hij liet zijn klauwen uitschieten en sprong op hem af. Net zoals toen bij Epse deed hij een schijnaanval met zijn klauwen, maar de echte aanval kwam van iets anders en dit keer had Espe het meteen begrepen. De echte aanval die Earh niet kon ontwijken, kwam van Espe die niet al te zachtaardig met haar klauwen en tanden omging. Daarna zette hij zich klaar, want er kwamen meer anima’s aan. Deze waren echter van plan om hem mee te nemen. Hij draaide zich om en gaf Earh een klauw mee waarna hij zijn kop even tegen die van Espe streek. ‘Ik ben bij Lucifer. Pas op je zelf.’, gromde hij zacht in de tijd dat hij zijn hoofd langs die van haar streek en sprong op de rand van het bordes. Hij gromde luid. Misschien was het dan uiteindelijk toch een goed idee geweest om haar te helpen ook al zou hij ervoor moeten boeten. De adrenaline en de kick die hij hiervan kreeg waren geweldig en hij kon eindelijk zijn naam een beetje eer aandoen. Vanaf het bordes sprong hij naar beneden. Op een van de kussens die daar altijd al lagen. Misschien was het geluk dat ze er vandaag ook lagen, maar hij kwam tenminste zacht terecht. Hij rende er meteen vanaf en zocht een weg door het publiek heen. Hij wist waar Lucifer was, maar hij moest er ook nog maar eens zien te komen. Hij zag de andere wolven door het publiek schieten en zag na een tijdje eindelijk de plek waar hij in moest. Hij hoorde de andere anima’s achter hem aan rennen en hij wist dat hij niet de aller-snelste was dus was er nog maar een ding mogelijk. Hij zou echt moeten gaan vechten en eerlijk gezegd had hij daar wel zin in. Hij zag een van de huizen en sprong er zo op af dat hij terug kon springen en ging met een brul in de draai op de dichtstbijzijnde anima af.

Lucifer had geen tijd om iets te zeggen, want hij moest snel zijn om Lavinia te helpen. Toen het iets rustiger was, keek hij haar snel aan. ‘Ik heb haar nooit aangeraakt.’, was het enige wat hij erover zei. In het huis van Dagmar legde hij alles snel uit en keek even verdrietig naar haar en blikte snel naar Dagmar. Zij zou beter zijn in het uitleggen van wat er aan de hand was en hij wist dat hij het nooit zoals zij zou kunnen doen. Dagmar wist altijd precies wat er aan de hand was en ze knikte snel bij zijn woorden.

Vrouwe Dagmar pakte de handen van Abigail en leidde haar naar de tafel. ‘Ik denk dat ik je iets moet vertellen over de man van wie je houdt.’, zei ze zachtjes en liet haar op de stoel gaan zitten. Dagmar ging bij haar zitten en hield haar handen stevig vast. De zwarte kat kwam dichterbij en ging op haar schoot liggen. Even glimlachte Dagmar naar de kat. ‘Zoals je misschien al op het plein hebt gemerkt, is Lucifer zeer geliefd bij de vrouwen. Hier heeft hij nooit om gevraagd, maar hij heeft het altijd wel gebruikt. Het heeft hem gevormd tot de meester-verleider die hij nu tegenwoordig is.’, begon ze duidelijk. ‘Maar er is ook een kant van Lucifer die alleen bepaalde vrouwen mogen zien. Achter het masker is hij eenzaam en hunkert hij ook naar liefde. Een kant waarbij hij zorgzaam is en liefdevol op een hele andere manier dan iedereen van hem denkt. En er is maar één iemand die het masker van hem kan breken en juist die vrouw kan niet de zijne worden. Ik weet niet wat je allemaal weet, maar ik zal het zo grondig proberen uit te leggen.’, vervolgde ze. Haar handen hielden die van haar stevig vast. ‘Lucifer is een vondeling, achtergelaten door zijn moeder en niemand weet wie zijn ouders zijn. Mijn vader Balor, moge hij rusten in vrede, heeft hem gevonden en naar onze geliefde koningin Laverinia gebracht. Zij had medelijden met hem en heeft hem ondergebracht bij een van de krijgersfamilie. Daar is hij gebleven totdat hij vijf was en is toen als kleine dreumes hier aan komen lopen. Hij zei dat hij niet meer bij de anderen wilden zijn en liever hier wilde wonen omdat zij hem hadden gevonden. Ik kon mijn vader overtuigen en we hebben hem in huis genomen waar hij uitgroeide tot een goede knaap. Mijn vader heeft hem al vroeg de grondbeginselen van het smeden en Zwaardvechten bijgebracht,maar heeft later Lucifer naar Lord Lucius gestuurd. Daar zou hij zijn opleiding af moeten maken en worden getraind tot een goede krijger waarmee hij zichzelf trots zou kunnen maken. Toch was hij altijd het pispaaltje omdat hij niet was geboren in eer en maar een vondeling was die hier niet thuishoorde. Hij was zo vastbesloten dat hij trainde tot hij erbij neerviel en al snel was hij een van de beste krijgers die er te vinden was. Hij was helemaal trots als Lord Lucius hem tevreden aankeek. Daar deed hij het voor. Voor die kleine overwinningen, maar hij ontdekte op een gegeven moment ook zijn andere talent. Hij was goed in het charmeren van andere mensen en dan vooral mensen van het vrouwelijke geslacht. Hij was goed gebouwd, vriendelijk en had geen kapsones. Steeds vaker merkte ik dat hij een masker opzette als hij wegging. Hij gaf mij een kus als mijn geliefde broer en veranderde daarna in de Lucifer, meester-verleider van Bombarda, die de fantasie van iedere vrouw op hol deed slaan. Hij deed alles wat je zou verbieden alleen om naam te kunnen maken en dat niet alleen. Hij kwam achter geheimen die hem veel op zouden leveren. Ik heb hem meerdere keren gezegd dat hij normaal moest worden, maar hij en ik wisten allebei dat dit de enige manier voor hem was om te overleven in deze omgeving. Hij moest iets hebben waarmee hij uitstond en dat hij kon gebruiken. En zijn charmes waren zeer goed om te gebruiken.’, zei ze duidelijk. Ze hield haar blik strak in die van Abigail gericht om er zeker van te zijn dat ze zou luisteren en het zou begrijpen. ‘Af en toe zaten we samen en liet hij zijn masker vallen en vertelde hij over zichzelf. Over zijn dromen en wat hij wilde en vooral in wie hij was geïnteresseerd. En die ene vrouw in wie hij was geïnteresseerd, was onbereikbaar. Maar toch was zij degene op wie hij verliefd werd. Hij beschermde haar naam overal ook al bleek het onjuist te zijn. Hij nam zijn woord nooit terug en deed alles in zijn naam. Hij had zich in de laagste gebieden opgeworpen als haar persoonlijke beschermer en er was na een tijdje niemand meer die zomaar dingen over haar zei. Niemand die haar nog ergens van beschuldigde of kwaad over haar sprak. Als ze al iets zeiden dan ging Lucifer erop af en stond hij erop dat ze het terug namen ook al bleek het later dat ze de waarheid hadden verteld. Hij wilde gewoon niet dat er enig slecht woord over haar werd gesproken. Ook zijn missies die hij had gekregen zoals het goed leren achtervolgen en et stiekem besluipen, richtte hij altijd op haar. Omdat ze zo goed was en hem snel opmerkte zei hij, maar ik wist wel beter. Het was voor hem ook een manier om haar te kunnen zien. Om haar te kunnen bekijken en over haar na te denken terwijl hij bezig was. Zij is zijn perfecte afleiding en als je wilt dat hij iets doet dan hoef je maar met haar naam te dreigen en dan doet hij het al.’, zei ze waarna ze even stopte om op adem te komen en ging daarna weer verder. ‘Ze hebben elkaar ontmoet in Claps een paar weken terug en hij kon eindelijk vertellen wat hij echt voor haar voelde, maar het mocht niet. Ze zouden nooit samen mogen of kunnen zijn. Nooit hun liefde kunnen delen, ze zouden elkaar zelfs nooit aan mogen raken. De lady moet puur zijn voor het huwelijk en hij respecteert dat, maar dat betekende nog niet dat hij haar niet alles vertelde en zijn hart aan haar had gegeven en hij kan zijn hart niet terugnemen hoe graag hij het ook zou willen. Hij zou dolgraag willen dat hij van een andere vrouw zou kunnen houden, maar dat is niet mogelijk. Hij heeft zijn hele hart weggegeven en zij mag beslissen wat ze ermee zou doen. Haar commando is zijn bevel. Ik zie dat hij aan je gehecht is geraakt, want anders had hij je nooit meegenomen hier naartoe, maar je moet begrijpen dat hij nooit echt van je kan houden zoals hij van Lavinia doet. Er wordt gezegd dat hij speelt met vrouwen en dat klopt. Hij geeft ze de nacht, maar is weg als de morgen komt. Alles van hem is weg en het enige wat hij achterlaat is een herinnering. Geen enkele vrouw heeft ’s ochtends met hem wakker kunnen worden en hem goedemorgen kunnen wensen. Behalve jij dan. Maar ik heb van Lucifer gehoord dat je over Lavinia had gedroomd en wat ze had gezegd. Je snapt nu dus dat ze gedoemd zijn. Ze houden allebei van elkaar, maar ze kunnen niet samen zijn, zullen nooit samen kunnen zijn en de enige reden dat hij bij jou blijft is, is omdat je van hem houdt en hij aan je gehecht is geraakt.’ Ze keek Abigail goed aan. ‘Snap je wat ik bedoel? Hoeveel je ook van hem houdt hij zal nooit zoveel van jou kunnen houden hoe hard hij het ook zal proberen. Hij zal altijd terugverlangen naar Lavinia ook al weet hij dat het niet kan. Een onbereikbare liefde is de ergste liefde die je kunt hebben, maar tegelijkertijd de mooiste. Als hij wil dan kan hij best met je trouwen of kinderen met je krijgen, maar als .. en luister nu goed… als hij ooit de keuze krijgt om tussen jou of Lavinia te kiezen dan zal hij altijd voor haar kiezen ook al zal het hem pijn doen om jou pijn te doen. Hij heeft dan geen keuze. Je zult nooit zijn hart volledig krijgen en nooit zijn masker kunnen breken. Hij zal nooit totaal eerlijk tegen je kunnen zijn. Zal zich altijd voorhouden dat hij bij jou Daniel is. Want Daniel kan zijn hart nog wel weggeven aan een vrouw en hij zal langzaam maar zeker Daniel boven laten komen en Lucifer weg laten vallen. Omdat de last te groot voor hem zal zijn en het makkelijker is om Daniel te zijn.’, zei Dagmar tegen Abigail. Ze had gezien dat het meisje witter was geworden tijdens het verhaal, maar ze had het moeten vertellen. Zij was de enige die Lucifer zo goed kende en dan had ze nog lang niet alles verteld. Alleen het gedeelte dat ze echt had moeten weten. Er was nog zoveel te vertellen en ze kon het nog veel uitgebreider vertellen, maar ze had het simpel gehouden en vooral kort. Nou ja, uiteindelijk was het wel veel.

Lucifer grijnsde toen Williams op hem afkwam en deed maar al te graag ook een stapje naar voren. Om lekker een beetje te vechten dat was waar hij wel zin in had en dan mocht hij ook nog met hem vechten, maar helaas kwam Lavinia ertussen en voelde hij hoe een dolk langs zijn oor ging en in de schouder van Williams terecht kwam. De man schreeuwde het even uit, want hij had het niet verwacht en hij grijnsde alleen maar. Hij mocht haar stijl wel. Hij draaide zich half om naar Lavinia bij het horen van haar stem en bleef daarna abrupt staan bij de waarom. Hij kon zich niet inhouden en draaide zich totaal om om haar in de ogen te kunnen kijken en hij zag het verdriet opwellen en wilde naar haar toegaan en haar in zijn armen sluiten, maar in plaats daarvan bleef hij doodstil staan en hoorde haar woorden aan. Zijn masker brak zoals alleen zij kon veroorzaken en de gekwelde blik was duidelijk te zien en zijn gezicht leek bijna wanhopig. De woede dreef weg, want hij kon nu niet boos op haar zijn. Ze was te verdrietig en te geschokt en haar woorden deden daardoor alleen maar pijn en maakte hem verdrietig, maar niet boos. Nee totaal niet. Ze had het volste recht om het te zeggen, want ze kende niet de hele waarheid. Hij zou die haar wel vertellen, maar eerst liet hij haar uitrazen. ‘Je bent geen prooidier voor mij.’, zei hij zacht, bijna onhoorbaar. Toch lukte het haar weer om even de woede in hem op te krijgen toen ze het over Abigail had. Oke, hij hield dan misschien niet echt van haar, maar hij was wel aan haar gehecht geraakt en ze deed hem minder denken aan haar. En dat had ze zelf ook gewild. Nu kwam Williams weer overeind en Lavinia maakte even een gebaar en hij zag hoe de kracht in haar opwelde. De furie die ze in zich had verborgen kwam er op zulke momenten uit. Zelf voelde hij enkele kleine steekjes, tekens dat Pleoh aan het vechten was en zelf ook wonden opliep. Waar was die tijger dan nu ook. ‘Je wilt de waarheid weten.’, zei hij zacht en deed een paar stappen naar achteren. Hij wilde wegdraaien en het dan vertellen, maar dat zou ze nooit accepteren. Ze wilde dat het recht in haar gezicht werd gezegd zodat ze het kon afsluiten. ‘Ik heb nooit tegen je gelogen toen ik zei dat ik van je hield en dat zal ik ook nooit doen. Je bent de enige vrouw tegen wie ik kan zeggen dat ik van haar houd, maar we hadden allebei afgesproken dat we niet samen konden zijn en dat we allebei een ander moesten zoeken. Nu heb ik Abigail ontmoet en ik moet zeggen dat ze me helpt om jou te vergeten. Ze helpt me eraan te herinneren dat ik iemand anders dan Lucifer kan zijn. Dat ik dit keer ook iemand anders kan zijn. Bij haar ben ik Daniel en heb ik liever niet dat ze me Lucifer noemt. Dat is de enige manier waarop ik jou kan vergeten. Alle vrouwen, behalve jij en Abigail, zijn speeltjes voor mij geweest dat is waar Lavinia, maar ik had nooit gedacht dat jij de roddels zou geloven die overal werden verspreid. Ik deed het met een goede reden die ik je een andere keer graag zou willen uitleggen. Ik zou nooit tegen je liegen, niet op het gebied van liefde. Vraag het Dagmar maar na. Zij is de enige vrouw die mij totaal kent. Bezoek haar in haar dromen en laat haar het allemaal uitleggen. Misschien dat dat helpt.’, vervolgde hij zachtjes. Daarna deed hij weer een paar stappen dichterbij en sloeg haar zwaard weg met die van hem en bleef een halve meter voor haar staan. ‘We hebben onze kans gehad, Lavinia, en we weten allebei hoe dat is geëindigd. Daarna hebben we afscheid genomen en heb ik één ding tegen mezelf gezegd. Ik zou jou nooit meer in zo’n positie brengen en als ik je zou moeten dienen dan doe ik dat zoals je wenst, maar ik zou een ander moeten vinden. Zelfs al is ze dan van de Caelos. Dat zijn ook hele leuke vrouwen en voordat je het gaat hebben over Catharina. Ik heb haar nooit met een vinger aangeraakt en ik kan je vertellen dat ik geen vrouwen verkracht. Ik help ze de nacht door als ze zich eenzaam voelen, maar alleen als zij het zelf willen. Ik neem geen enkele vrouw tegen haar wil en zal dat ook nooit doen. Catharina’s kinderen zijn niet die van mij. Ik heb nog ooit een kind verwekt daar heb ik ook goed op gelet. En anders gaan we toch naar Catharina. Vragen we het aan haar en als je dan nog steeds denkt dat ik de vader ben dan moet je dat zelf weten. Ik ben het in ieder geval niet. Ik lieg niet tegen je over zoiets belangrijks. Je weet hoe belangrijk het voor mij is dat kinderen goed worden opgevoed vooral omdat ik dat nooit heb gehad.’, zei hij duidelijk. Het voelde alsof hij alles aan een kleuter uitlegde, want hij vertelde alles zo duidelijk en rustig dat het bijna leek alsof hij dacht dat ze niet helemaal goed wijs was, maar dat was ze wel en dat wist hij ook. Hij deed weer een passen naar achteren en keek in de richting van de weg. Daar zag hij Pleoh aankomen met allemaal wonden over zich heen. ‘Pleoh. Je ziet er niet uit.’, zei hij bezorgd, maar lachte ook even. De tijger grijnsde en ging zitten. Ik moest een paar soldatenanima’s van me afslaan. Daarna viel hij op zijn zij en ging rustig liggen uithijgen. Van een hele tijd niet vechten naar in een keer veel vechten dat kostte je toch echt je conditie, maar wie was hij om te stoppen als ze hem bleven aanvallen? Hij moest Lucifer verdedigen dat was zijn taak.

Lady Lavinia

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier


Espe gromde luid. Espe zat meer onder het bloed van Earh dan van zichzelf. Ergens vond ze dat echter niet zo heel fijn om onder het bloed te zitten van haar slachtoffer. Zeker niet als ze zo erg stonken en haar slachtoffer ook nog eens over haar heen kwijlde. Pleoh grijnsde en liep dreigend op de wolfshond af. Espe bleef staan met haar poten een beetje uit elkaar zodat ze sneller kon aanvallen als dit nodig was. Espe was een aantal keren goed geraakt maar dankzij trainingen van Lavinia in Claps kon Espe er voor zorgen dat ze niet alle pijn door liet en Lavinia niet weer weg zo vallen zoals in Claps was gebeurd bij het gevecht met Pleoh. Espe brulde luid en een paar mensen stapte angstig achteruit. De koning kon niets doen om dit tegen te houden. Espe besprong Earh opnieuw maar dit keer werd ze weg geslagen. Even zakte ze in elkaar maar ze stond al snel weer op. ‘Is dat alles wat je kan?’ vroeg ze aan de wolfshond met een brede grijns op haar gezicht. Ze luisterde aandachtig naar de woorden van Pleoh en grinnikte bij zijn woorden. De wolfshond was net zoals zijn wederhelft een lui varken die alleen zijn zin maar door drijft als een klein kind van 4 jaar oud. Toch ondanks Pleoh alles onder controle leek te hebben bleef Espe oplettend en voorzichtig. Pleoh haalde uit met zijn klauwen tenminste dat leek zo maar eigenlijk was het een schijnbeweging. Espe begreep zijn bedoeling en viel aan. Erg liefdevol ging Espe dit keer niet om met de wolfshond. Haar tanden doorboorde in zijn nek en haar klauwen had ze in zijn vacht gezet. Ze hoorde een troep Anima’s aan komen om Earh te helpen en Espe liet hem los en duwde hem op zijn zij. ‘En blijf liggen…’ gromde ze dreigend. Pleoh gaf Earh nog een klauw die begon te janken. Espe sloot kort haar ogen en spinde als een kat toen hij langs haar kop streek. ‘Je kent me toch. Ga!’ Zei ze zacht en gaf hem nog snel een lik over zijn snorharen en Pleoh vluchten. Espe zetten zich schap voor de kudde Anima’s maar de meeste gingen Pleoh achterna. Want niemand wou vechten met Espe enkel omdat ze thuis hoorde i het paleis en ze hun naam dan niets goeds deden. Enkele hield Espe tegen en viel deze aan met een luide brul want Earh deed niets meer zoals Espe had gezegd was hij stilletjes blijven liggen. Enkele anima’s sleepte Earh weg en Espe snoof toen zelfs de Anima waarmee ze vocht weg vluchten. ‘Lafaards.’ Siste ze. Even bekeek ze zichzelf en trok een vies gezicht bij het gene wat ze zag. Ze zag er niet uit. Maar de tijd om zichzelf schoon te likken gaf Espe zichzelf niet. Ze rende het bordes en sprong waarna ze op enkele kussen landen en haar zoektocht begon naar Lavinia. Al had Espe al enige idee waar Lavinia zat en het gene wat Espe had door gekregen van Lavinia koelde haar woede niet af. Hoe durfde de Lord haar wederhelft aan te raken! Haar voetstappen denderde door de straten waar ze sierlijk doorheen rende. Nog even en dan zou ze weer bij Lavinia zijn om haar te beschermen.

Lucifer grijnsde enkel toen ze haar dolk de schouder van William raakte. Hij draaide zich half om naar haar en Lavinia moest de moeite doen om zich in te houden. Hoe durfde hij te zeggen dat hij van haar hield terwijl hij met elke vrouw het bed in dook. Was ze dan zo onbelangrijk voor hem dat hij een kind had gewekt. Wat was zijn bedoeling daar van? Haar jaloers maken? Haar pijn doen? Als dat zijn bedoeling was geweest was het hem nog gelukt ook. Met betraande ogen keek ze hem aan. Toen ze aan hem vroeg waarom hij dit deed draaide hij zich om. Het puntje van haar zwaard drukte ze tegen zijn borst aan terwijl ze sprak. Lucifer had haar eerst aan gekeken alsof het hem niets interesseerde wat ze allemaal zei maar zijn masker brak zoals zij dat alleen voor elkaar kon krijgen. Hij keek haar gekweld maar ook haast wanhopig aan. Maar Lavinia was te verdrietig en te verward door de verhalen die haar vader haar had verteld. Lavinia geloofde haar vader zoals dat hoorde. Haar vader zou niet liegen over zoiets toch? Hij wou het beste voor haar en voor zijn koninkrijk. Williams was dan niet een man waarvan ze hield maar hij was wel de beste kandidaat en de beste kandidaat die het land zo kunnen dienen en hun naam niet ten schande deed. Maar Lavinia zou nooit van deze man kunnen houden. Ze was niet als Lucifer die zijn leed deelde met andere en het probeerde te verzachten door met iemand anders de liefde te bedrijven. Lavinia kon maar één keer haar hart weg geven en dat had ze gedaan. Ze hield van Lucifer maar hun liefde was verboden iets wat Lavinia meer pijn deed dan het verhaal dat hij vader was geworden van een Caelos clanleider. Lavinia was verdrietig en jaloers dat zij dit niet kon krijgen van Lucifer omdat het niet mocht. Maar ook het feit dat hij tegen haar gelogen had deed haar meer pijn dan anders. Ze wilde de waarheid weten en wel nu! Met pijn in haar ogen drukte ze haar zwaard iets meer tegen hem aan. Ze zag wazig en voelde af en toe vervelende steken in haar buik en nek maar ze letten er niet op. Daarvoor was ze te veel gefocust op Lucifer. Ze hoorde van hem dat ze geen prooidier was voor hem. ‘Wat ben ik dan voor je?! Een scharrel?’ vroeg ze met tranen in haar ogen. Zoute tranen stroomde over haar wangen. Haar ogen die eerst zo mooi waren opgemaakt was nu niets meer dan uitgelopen vegen op haar gezicht. Williams stond op en liep op Lucifer af, die nu een gemakkelijk doelwit was omdat hij met zijn rug naar hem toe stond gedraaid. Lavinia keek over Lucifers schouder en tilde haar hand op maar hield haar zwaard nog steeds op Lucifers borst. William vloog naar achteren en de ogen van Lavinia waren zo zwart als de nacht toen ze haar hand had opgetild. Maar dit was maar even want haar felle blauwe ogen kwamen weer terug toen William tegen de boom was aangevlogen. Lavinia hield haar zwaard naar voren gericht zelfs toen hij een paar stappen naar achteren deed. Ze keek hem enkel aan toen hij vroeg of ze de waarheid wou weten. Hij bleef haar recht aan kijken terwijl hij sprak. Want als hij zich had omgedraaid was dat respectloos tegen haar geweest. Iets wat ze niet accepteerde en nu helemaal niet. Zijn woorden deden haar meer pijn dan je zou denken. Ze kwamen hard aan. Het feit dat ze nooit bij elkaar konden zijn en hij een nieuwe vrouw had gevonden brak haar hart in duizend kleine stukjes. Ze had nooit gedacht dat ze spijt zou krijgen door het gene wat ze had gezegd tegen Abigail. Natuurlijk wilde ze dat Lucifer gelukkig werd maar met haar en niet met Abigail. Maar het kon niet en het mocht blijkbaar ook niet. Abigail hielp hem om haar te vergeten. Haar ogen werden gekweld maar de tranen stopte niet met stromen. Lavinia was jaloers op Abigail en zou met alle macht haar willen zijn maar ze kon het niet en ze mocht het niet. Ze had een taak te vervullen om het land te dienen en hun generatie uit te breiden. Maar Lavinia wou dat niet meer, niet met Williams in elk geval. Lavinia zou Lucifer nooit kunnen vergeten en ook nooit willen vergeten. Als ze dat wou had ze er wel moeite voor gedaan en ijverig naar een andere man gezocht maar ze wist gewoon dat ze nooit iemand zou kunnen vinden die zich zou kunnen meten aan Lucifer. Ze kon niet meer van iemand anders houden. Het liefst sterfte ze op dit moment. Ze sterfte liever eenzaam dan met een man waarvan ze niet van hield. Tranen plakte aan haar gezicht en het weer boven hen brak los. Haar haren, gezicht en jurk werden nat geregend maar Lavinia deed niets ze stond stil en hield haar zwaard vast. Lucifer sloeg deze met gemak weg en haar zwaard kletterde op de grond terwijl ze hem verloren aan keek. Ze kon het niet meer en ze wou het niet meer. Ze wou niet verder zonder Lucifer maar dat zou gewoon niet meer gaan. Hij zei dat hij van haar hield maar ter gelijke tijd wou hij haar vergeten. Hij deed een paar stappen dichterbij en bleef staan op een kleine afstand van een halve meter. Lucifer deed weer een paar stappen naar achteren en keek haar niet meer aan. Tranen gleden langs haar gezicht. ‘Het spijt me Lucifer,’ Zei ze zacht en bijna onhoorbaar. Het was veel voor Lavinia om haar spijt te betuigen. Ze liet haar hoofd hangen en voelde de regen druppels in haar nek. Haar jurk werd aardig doorweekt maar Lavinia deed er niets aan. Ze wou er ook niets aan doen. ‘Ik kan onmogelijk zonder je leven. Ik kan het niet.’ Ze tilde haar hoofd op en keek verloren voor zich uit. ‘Ik zou je nooit kunnen vergeten, Lucifer.’ Zei ze zacht. Haar haren plakte aan haar gezicht. Hoe meer ze hem bekeek hoe groter het verlangen werd om hem aan te raken en te omhelsen. ‘Het spijt me…’ Zei ze bijna onhoorbaar. ‘Zonder jou is mijn leven niet compleet en zelfs al zou je Daniel zijn dan zal ik Lady Lavinia Kayla Lithium altijd van je houden. Van jou maar ook van Daniel.’ Zei ze op recht uit haar hart. ‘Ik hoop dat je gelukkig word met Abigail. Dat hoop ik op de grond van mijn hart. Ik hoop dat je kinderen krijgt en trouwt en gelukkig bent met haar. En de achternaam Wivin eer aan doet.’ Zei ze met een rillende stem. Ze had het koud maar de rillende stem was enkel door haar verdriet. Ze had een brok in haar keel terwijl ze hem aan keek met waterige ogen. Ze kon het niet meer aan en haar verlangen werd te groot. Ze sloeg haar armen om hem heen en snikte luid. ‘Het spijt me zo Lucifer! Het spijt me dat ik besta en het spijt me dat ik je zoveel pijn doet. Het spijt me dat ik je koekje heb gestolen op me 6de verjaardag. Het spijt me dat ik je ooit heb ontmoet in Claps. Het spijt me dat ik van je hou!’ Zei ze snikkend. Tranen gleden als kleine pareltjes naar beneden en ook de regen maakte het er niet beter op. Lavinia wist één ding zeker. Ze kon niet zonder Lucifer meer leven. Voor het eerst snapte ze het wat haar vader bedoelde toen hij zei dat hij allang was gestorven toen haar moeder stierf. Als klein kind had ze zijn woorden nooit begrepen maar nu. Nu begreep ze, ze maar al te goed. Ze snoof even en deed een stap achteruit. Haar make-up was volledig uit gelopen en met haar handen veegde ze enkele tranen weg maar deze werden opnieuw gevormd. ‘Het spijt me…’ Zei ze zachtjes. Ze kon het niet meer aan om hem in zijn ogen te kijken. Ze gaf hem nog een laatste blik in zijn bruine ogen en draaide zich om waar ze Espe zag aan komen. Espe zag er niet uit en ze was net zo doorweekt als de jurk van Lavinia. Espe keek even naar de twee en daarna enkel naar Lavinia. Espe had al door wat er aan de hand was en ging zwijgzaam liggen en liet de regen het bloed van haar vacht afspoelen. Lavinia keek er even naar en draaide zich even een kwartslagje om Lucifer aan te kijken. Hem alleen al aan kijken deed haar pijn. Want dit zou misschien de laatste keer zijn dat ze hem aan keek als Lady Lavinia Kayla Lithium. Want hierna zou ze door gaan als een Rodericks. Een naam die ze verafschuwde maar niets anders kon dan deze naam aan nemen. Dit was haar sterfdag. Net zoals haar vader was gestorven toen haar moeder dood ging. Sterfte zij nu. Terwijl ze naar hem keek zag ze hem in haar herinneringen.

‘Lavinia!’ Riep een vrouw. Lavinia holde naar de vrouw toe en werd opgetild. De vrouw knuffelde haar stevig en ze kreeg een kus op haar wang van haar vader. De moeder die haar droeg was niemand anders dan haar eigen moeder. Haar moeder zetten haar weer neer en met haar ouders aan de hand gingen de deuren van de balzaal openen. ‘Verrassing!’ hoorde ze de kinderen schreeuwen. Haar ogen gingen de zaal rond en Lavinia zag zelfs de kleine Lucifer bij één van de tafels staan. De meeste jongens hadden een houten zwaardje en de meisjes die er liepen hadden allemaal prinsessenjurkjes aan. Maar toch was Lavinia de mooiste prinses zeker met het zilveren kroontje wat ze op had. De tiara van Lavinia die nu bewaard werd voor haar kinderen in de schatkamer in het paleis. Enkel een Lithium kende de code van de kluis en dat zou altijd zo blijven. Het was een mooie dag. Er werden spelletjes gespeeld en in de middag werden er koekjes neer gezet. Ze zag zich zelf al weer naar de tafel lopen om het laatste koekje te pakken maar Lucifer was haar voor. Lavinia pakte het koekje af en stak het in haar mond. Lucifer keek haar beledigd maar vooral verbaasd aan en Lavinia stak haar tong uit toen ze haar mond leeg had en liep weer weg.

Het viel Lavinia op dat Lucifer dit nooit vergeten was. In Claps had hij dit zelfs tegen haar gezegd. Iets wat ze eerst zelf vergeten was kwam nu weer naar boven net zoals alle andere dingen weer boven kwamen.

Lavinia holde door de tuinen met de kleine Espe die haar achter volgde. Ze was een stuk ouder en haar moeder was al gestorven dat ze zag ze doordat ze haar moeders ketting om had. Ze liet zich vallen bij het bekende witte bankje bij de rozen en huilde. Lavinia had dit vaak gedaan. Meestal om haar moeder of als ze weer eens ruzie had gehad met haar vader. Dit witte bankje had zoveel tranen opgevangen dat hij altijd glansde als een spiegel. Ze draaide zich in een ruk om. ‘Wie is daar! Ik weet dat je er bent! Kom tevoorschijn!’ riep de 12 jaar oude Lavinia. De 18 jaar oude Lucifer kwam te voorschijn samen met een tijger. Espe gromde maar Lavinia keek hem aan. ‘Jij weer! Wat moet je nou van me!’ riep ze. ‘Waarom achtervolg je me steeds.’ Ze keek hem aan toen hij dichtbij stond en voelde zijn hand langs haar gezicht strijken om de tranen weg te vegen. Ze keek hem verward aan. ‘Wie ben je?’Mijn naam is Lucifer, vrouwe.’ Hoorde ze Lucifer zeggen. Hij pakte haar hand beet en kuste deze als een lord. Lavinia giechelde lichtjes en het volgde moment spraken ze met elkaar op het bankje. Elke keer zag ze zichzelf ouder worden tot dat ze een jaar of 16 was. Daarna betrapte haar vader haar en kwam ze nooit meer terug in de tuinen en als ze er was. Dan hoorde ze Lucifer niet meer en was ze weer alleen met Espe.

Lavinia’s hand ging even naar haar borst en pakte het kettinkje beet. Het kettinkje die ze altijd had om gehad die van haar moeder was geweest, ze hield haar hoofd naar beneden en sloot haar ogen even. Lavinia deed deze ketting af en liep naar Lucifer toe waar ze de ketting bij om deed. Lavinia’s ogen waren nog steeds vochtig en af en toe streek ze een paar tranen weg van haar gezicht. Toen Ze de ketting had om gedaan deed ze weer een paar stappen achteruit. De ketting had ze niet meer nodig nu ze stierf en Lucifer had dan iets van haar om haar niet te vergeten. Het maakte haar niet uit wat hij met deze ketting deed. Desnoods verbranden hij hem in de lava bij de plek waar zijn moeder was gestorven. De ketting was nu van hem. De ketting was van echt zilver maar verroest en rook naar as. Dat kwam omdat het verbrand was ter gelijke tijd met haar moeders begrafenis dit was het enige wat over was samen met haar moeders ring maar die droeg haar vader bij zich en dat was meer dan logisch vond Lavinia.

Lavinia keek vol verlangen naar de poort want ze zou haar moeder en vader weer zien. De poort ging openen en Lavinia rende er op af maar ze stopte toen ze haar vaders betraande gezicht zag. Toen viel haar ogen op een laken waar onder een mens moest liggen. Ze keek haar vader aan. ‘Waar is mama?’ vroeg de negen jaar oude Lavinia. Haar vader schudde zijn hoofd en keek naar het laken. Lavinia sloeg haar hand voor haar mond en rende op het laken af. Ze haalde het laken er van af en keek naar haar moeder die leek te slapen. Lavinia’s ogen vulde zich met tranen en ze begon te huilen. Haar moeders Anima Lucy was al vergaan tot stof. Ze keek naar de rest van haar moeders lichaam en kon haar ogen niet geloven met wat ze zag. Ze zag haar organen uit haar buik komen en haar vader deed het laken er voor waarna hij een hand op Lavinia’s schouder legde.

Het volgende moment stond ze op de begraafplaats. Haar moeder werd verbrand en in de lucht was het stof te zien. Lavinia huilde en toen het vuur gedoofd was en haar moeders lichaam was vergaan haalde haar vader uit de as haar ketting en ring. De ring schoof hij zelf om en de ketting van haar moeder werd bij Lavinia om gedaan. De lucht was bezaait met duizenden kleuren. Geel,blauw,groen,paars en zelfs rood.

Er was een licht flits en het volgde moment stond ze op het plein waar de mannen werden getraind elke dag zag ze Lucifer daar en glimlachte ze naar hem zoals alleen zij kon. Maar ook de andere mannen kregen een glip van haar te zien en Lavinia keurde ze goed of liet ze juist harder trainen. Van allemaal liet ze Lucifer het hardst trainen ook al had hij genoeg gedaan die dag en was hij meer bezweet dan andere. Haar vader glimlachte altijd goedkeurend naar haar als ze de rekruten harder liet werken. Zo kreeg Lavinia toch het gevoel dat ze iets goeds deed.

Opnieuw zag ze zichzelf maar dit keer geknield in de troonzaal. Ze keek haar vader aan terwijl ze sprak over vrij zijn en een partner zoeken buiten Bombarda. Want er waren veel goede kanidaten daar zei ze dan tegen haar vader. Haar vader knikte goedkeurend en de volgende dag vertrok ze. De tijd die ze mee maakte toen ze naar Claps vertrok gaf haar hoop op een goede toekomst. Maar nu was ze verdoemd enkel omdat ze de man van haar dromen had gevonden. Het was dan geen prins op het witte paard maar ze hield wel van hem. Lucifer was de enige geweest die haar hart had weten te veroveren zelfs in het café had ze wel eens sjans gehad maar ze haakte altijd af omdat niemand kon meten aan Lucifer. Hun ontmoeting in Claps ging dan wel niet zo geheel vriendelijk en pijnloos maar ondanks alles hield ze toch van hem. In Vernum Springs was ze ontzettend boos op hem geweest toen hij haar dekmantel geen goeds deed maar zelfs nadat vertrouwde Kenshi haar nog en nu waren ze goede vrienden. Kenshi had beloofd haar elke week één keer op te zoeken en ze had zelfs een brief ontvangen alleen kwam Kenshi wel op de dag van haar trouwerij. Die over 2 dagen plaats vond. Lavinia had in Vernus Springs haar puurheid aan Lucifer gegeven en ze zou zelfs verder zijn gegaan als het mocht maar dat kon ze niet doen omdat ze dat ook zichzelf had beloofd. Ze zou maagd blijven tot na het huwelijk. Het was geheel ouderwets maar toch vond Lavinia het niet erg. Tenminste aan het begin niet maar nu ze wist met wie ze ging trouwen echter wel. Ze wist al zijn aanrakingen nog uit haar hoofd en af en toe voelde ze zijn lippen nog branden op haar nek en haar eigen lippen die daardoor ook voller waren geworden. Espe had haar verteld over de boom en de twee L’en maar Lavinia had het Lucifer nooit verteld dat ze het wist. Ooit als ze weer vrij zou zijn. Zou ze terug gaan naar die plek. Lavinia zou zich altijd houden aan haar belofte. Tot de dood ons scheid. Het was misschien een grote vergissing wat ze van plan was maar ze kon niet meer zonder Lucifer leven. Dus zou ze sterven op de plek die haar het meeste waard was. De plek waar de twee L’en in de boom waren gekerft. In Vernum Springs had ze haar hart geven en daar zou haar hart dan ook stoppen met kloppen. En het ergste was. Lavinia was niet bang voor de dood. Nee, ooit zou ze Lucifer weer zien misschien in een ander leven en dan konden ze wel bij elkaar zijn. Nog steeds zag ze hem voor zich. Haar opgetild en liefdevol tegen een boom aangedrukt. Zijn donkere ogen die de hare kruiste. Het deed haar eigenlijk pijn om er aan te denken maar het gaf haar ook een vredig gevoel. Het gevoel dat alles wel goed was. De naam Lithium stond op het punt van uit sterven maar als haar vader kinderen had gewekt bij Catharina was de naam Lithium altijd nog in leven. En daar kon Lavinia mee leven. Al wou ze haar troon eigenlijk niet weg geven aan haar half broertje maar als zij dan in rust kun sterven en weer bij Lucifer zou kunnen zijn. Zou ze er alles voor over hebben.

Lavinia keek Lucifer aan. ‘Ik ben allang gestorven nu onze paden elkaar niet meer kruizen.’ Herhaalde ze de woorden van haar vader. Ze glimlachte flauwtjes. ‘Ooit snapte ik niet waarom mijn vader dat zei toen mijn moeder was gestorven. Maar nu, nu snap ik hem maar al te goed.’ Zei ze zwakjes. Ze keek even naar de grond. ‘Ik denk dat dit maar ons afscheid is, is het niet?’ vroeg ze zachtjes terwijl ze hem aan keek.

Ondertussen bij het podium suste de koning de mensen en sprak met hen als ze vragen hadden. Maar de Koning zou zich toch aan zijn belofte moeten houden en Lucifer van rang moeten wijzigen. Zodra hij de koker naar hem had gebracht zou hij hem moeten benoemen tot één van de beste strijders. Want hij had zijn dochter wel beschermd tegen het kwade en hij had de koker terug gehaald. Maar ergens hoopte Lucius niet dat Lucifer na zijn benoeming dingen zou gaan denken. Want Lucifer stond bekend dan als een held en een held was even veel waard als een Lord. Maar de koning wou niet dat Luicfer zou gaan trouwen met zijn dochter want dan waren ze verdoemd. Want Lucifer had een hele naam op zich. Een verleider van vrouwen en de koning wou niet dat hij zijn dochter zou gebruiken om aan de macht te komen en te misbruiken. Want een koning mocht alles. Als hij wou dat de vrouwen van zijn volk met hem in bed doken was het hun plicht. Iets waar Lucius het volk voor behoeden. Lucius was wel een waardig man en goed voor zijn volk. Hij was een goede koning daar kon niemand van Bombarda of de Nigris Clan tegen in. Lucius was een groots leider en erg machtig en hij wilde niet dat de naam Lithium ten schande werd gedaan door een beest zoals Lucifer. Maar ergens schatte Lucius, Lucifer verkeerd in. Hij verwachten namelijk niet dat Lucifer verder zou denken na zijn benoeming en gewoon verder zo gaan met zijn leven. Misschien was het handiger om hem te benoemen na de trouwerij zo was er geen kans dat hij toch nog met zijn dochter trouwde. Lucius aarzelde maar het lag aan Lucifer. Als hij de koker terug bracht moest hij hem benoemen. Dus alles lag eigenlijk in de handen van een knap van 26 jaar. Misschien moest de koning hem maar niet onderschatten. Maar misschien had Lucifer zijn zinnen gezet op dat meisje wat hij bij zich had. De koning grijnsde enkel. Lucifer was misschien nog wel dommer dan hij had gedacht door dat meisje mee te brengen want Lavinia was aardig over stuur. De koning knikte onmerkbaar, Lavinia zou nooit willen trouwen met hem. Zeker niet na alles wat hij net had gezegd. Lucius grijnsde. ‘Als jullie mijn dochter zien, zeg haar dat ze terug naar huis moet.’ De mensen knikte en de koning vertrok met de koets weer richting het paleis. Hij hoopte alleen dat Lucifer de koker niet terug zou brengen.

8 Ik zal je altijd beschermen! op vr apr 08, 2011 11:21 am

Lucifer

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
:Anima Tell:

Pleoh grijnsde breed toen hij zag hoe Espe Earh toetakelde. Die zou er niet gemakkelijk vanaf komen dat wist hij zeker. Daarna zag hij echter hoe een grote groep anima’s ook het bordes opkwamen en ze zagen er niet al te vriendelijk uit. Ze wilden hem hebben en opsluiten dat wist hij zeker en hij was niet van plan dat te laten gebeuren. Hij draaide zich snel om en gaf Earh nog een klap mee. Die had hij wel verdiend en hij keek minachtend op hem neer. Hoe die ooit van plan zou zijn om koning te worden dat snapte hij niet. Dan was het zelfs nog beter om met de andere zoon te trouwen. De jongste van de familie Rodericks was heel anders van aard dan zijn broers. Hij was zachtaardiger en zag er zelfs beter uit dan de hele familie bij elkaar. Er werd gefluisterd dat dat kind niet van die vader afkwam en dat dat de reden was dat hij er zo goed uitzag. Maar dat had niemand ooit kunnen bevestigen en het werd angstvallig buiten het nieuws gehouden. Maar hij twijfelde er niet aan dat dat niet zo was. Nu moest hij echter niet zijn kop verliezen, letterlijk en figuurlijk, en hij streek zijn kop langs die van Espe. Hij grijnsde even snel bij haar antwoord en hoe ze reageerde op zijn aanraking waarna zelfs nog een lik over zijn snorharen volgde. Hij knikte even kort en ging er daarna vandoor. Hij had geluk dat de kussens er nog lagen toen hij sprong en kwam zacht terecht. Daarna verdween hij in het publiek, maar ze zouden hem gauw kunnen vinden omdat iedereen schreeuwde en maakte dat ze uit de weg kwamen. Daardoor merkte hij dat de weg voor hem vrij werd gemaakt, maar iedereen hem ook meteen kon vinden. Hij zag flitsen van zwarte en grijze vachten en hij gromde zacht. Hij rende de juiste weg in en de verlaten straat maakten dat hij snelheid maakte en hij probeerde de achtervolgers voor te blijven. Dit lukte echter niet echt goed, want ze waren veel sneller dan hij was. Dat was het enige minpunt van een tijger zijn, maar hij was wel veel sterker dan een wolf en had veel meer kansen in een gevecht dan zo’n stomme wolf. Hij zag een huis staan, want hij moest linksaf slaan wilde hij de weg volgen en wist dat hij dit moest gebruiken om hen te verslaan. Hij sprong op het huis en sprong weer terug. Hij had zo’n vaart dat hij zich in de sprong kon draaien en hij keek naar de wolven die hem achtervolgen. Een stuk of zes. Was dat alles wat ze achter hem aan hadden gestuurd? Ze hadden zes normale soldatenanima’s achter hem aangestuurd? Terwijl hij was getraind door de anima van Lord Lucius. Dit was gewoon schandalig en hij zou ze eigenlijk weg moeten sturen om met meer terug te komen, maar hij hield zijn trots in. Daar zou hij nog wel eens over praten, maar de minachting was van zijn kop af te lezen. De wolf die helemaal voorop liep, was te verbaasd van de actie die hij deed om zichzelf te beschermen en al snel was er alleen nog maar stof te bekennen. Hij had er geen moeite mee om de anima te vermoorden wat de andere wolven ook zagen. Hij stond dreigend, maar hoog geheven en zijn ogen schitterden. ‘Wie is de volgende?’, gromde hij zacht en donker. Hij zag ze even naar elkaar kijken en toen knikken. Dit was echt niet te geloven. Ze deden dit echt. Hij wist precies welke stunt ze probeerden uit te halen. Tegelijkertijd aanvallen en dan hopen dat ze hem goed te pakken zouden krijgen. Hij vond het echt schandalig dat hij zo werd behandeld. Alsof hij een eerloze was en dat was iets dat hij een lange tijd niet was geweest en hij was ook niet van plan om dat weer te worden. Het leven is niet leuk en fijn als een eerloze en hij vond de privileges die hij had nu eenmaal erg fijn. Hij zou nooit meer voor iemand anders buigen dan voor Lucifer. Hij voelde zich verraden door de anima van Lucius. Hij had nu ook officieel de naam van de anima uit zijn geheugen gebannen. Hij wilde niet in contact worden gebracht met zo’n eerloze anima. Na wat een eeuwigheid leek, kwamen eindelijk de wolven op hem af. In plaats van dat hij rustig afwachtte of om zich heen zou gaan kijken, sprong hij naar voren, recht op een van zijn aanvallers af en sprong half over hem heen. Hij greep hem vast in de nek en liet zijn tanden diep inzinken, maar voelde wel dat hij zelf ook werd gegrepen in zijn buik. Hij liet zijn kaken nog dieper in de nek komen en liet het dier naar achteren vallen. Hij voelde hoe zijn buik werd losgelaten en draaide zich weer om. Zijn mond zat vol bloed, maar zijn slachtoffer was niet meer te zien. Grijnzend ging hij nu verder en moordde een voor een alle wolven uit. Pas nadat de laatste wolf in rook was opgegaan, voelde hij zijn wonden en de pijn. Hij checkte even zijn lichaam en knikte alleen maar. Hij kon er mee door ook was hij af en toe een paar keer goed geraakt. Het geronnen bloed op zijn lichaam was van hemzelf, maar ook van alle wolven die hij net vakkundig had gedood. Je kon het Stof nog zien liggen en hij ging er vandoor. Met moeite probeerde hij te rennen, maar dat was niet mogelijk. Dus begon hij zo snel als hij kon te lopen. Op dat moment hoorde hij het onweer beginnen en voelde hoe de regen naar beneden viel. De regen was voor hem verfrissend, maar hij wist dat het ook kou zou veroorzaken en hij zou Lucifer uit de regen moeten halen als hij dat nog niet zelf had gedaan. Die zou zo ziek worden en dat moesten ze niet hebben. Het bloed werd van zijn lichaam gespoeld en al snel was hij doorweekt en schudde af en toe met zijn kop om de regen weg te krijgen. Eindelijk ontwaarde hij Lucifer die nog gewoon in de regen stond, maar wel even de aandacht op hem richtte en hij grijnsde hem gauw terug waarna hij zich gewoon in het gras liet zakken om daar te rusten. Hij had een lange tijd niet zo intensief gevochten en dat bracht hem toch wel even uit balans en hij zou heel even uitrusten om op adem te komen. Hij zou snel genoeg weer op kunnen staan en zich naar het huis van Dagmar slepen om daar te rusten en zijn wonden te laten behandelen. Vrouwe Dagmar was goed in het behandelen van wonden en hij vroeg zich af en toe best af waarom zij nooit getrouwd was. Ze was best knap en was vriendelijk en ze was de dochter van Balor. Dat gaf haar een zekere status, maar ze moest binnenkort echt wel gaan trouwen als ze nog kinderen wilde krijgen. Waarom dacht hij hier nu weer over na? Ach, dat gebeurde altijd wanneer hij lag uit te hijgen. Dan ging hij heel filosofisch en diep nadenken wat eigenlijk niets voor hem was, maar ja dat gebeurde nu eenmaal en daar kon hij niets aan doen. Hij sloot zijn ogen en luisterde naar wat er tussen Lavinia en Lucifer gebeurde. Het was veel interessanter om dat te horen.



Lucifer keek nog steeds naar Lavinia, maar liet zijn blik even snel naar het zwaard glijden die meer tegen hem aan werd gedrukt, maar hij ging niet naar achteren, want het deed geen pijn en ondanks alles wist hij zeker dat ze hem ook nooit echt pijn wilde doen. Alleen als ze in een van haar buien zat zoals ze nu met Rodericks had. Hij wilde echt niet in de schoenen van die man staan. Bij haar beschuldiging dat ze dacht dat hij dacht zij een prooidier voor hem was, antwoordde hij zachtjes dat ze dat niet voor hem was en ze had het gehoord, want meteen kwam er een verwijt achteraan die haar ogen vulde met tranen. ‘Je bent de prachtigste, gevaarlijkste en slimste vrouw. Dat ben je voor mij.’, antwoordde hij en hij slikte een brok in zijn keel weg. Hij wilde dichterbij komen toen hij zag dat ze moest huilen, maar hoe zou hij dat kunnen doen, want ze hield nog steeds haar zwaard tegen hem aan en het was duidelijk dat ze boos en verward was en hij had nog wel genoeg verstand dat hij niet wilde eindigen zoals Rodericks. Hij keek even vlug om naar achteren toen ze haar hand weer omhoog gooide en hij zag hoe Rodericks naar achteren vloog en kreunend bleef liggen. Daarna keek hij haar weer aan en lachte even zacht. Ze was zo gevaarlijk als de panter die Espe was. Iemand die je goed moest aanpakken anders ging het mis en Rodericks had geen idee hoe fout hij bezig was. Ze moest goed worden behandeld, maar voordat hij daar verder over na kon denken vertelde hij haar eerst de waarheid die ze wilde weten. Ze had er om gevraagd en het was niet meer dan eerlijk om het haar te vertellen en terwijl hij haar goed in de ogen aan bleef kijken, vertelde hij zijn verhaal. Hij had Catharina nooit aangeraakt en geen enkele vrouw zou hij tot zich nemen zonder haar toestemming en dat wilde hij haar duidelijk maken. Eindelijk was hij klaar met praten en keek omhoog. Hij zag een flits en hoorde even later het gedonder beginnen en keek weer naar Lavinia die net zoals hij nat werd geregend. Haar ogen die zo mooi waren opgemaakt, liepen duidelijk uit en hij wist dat dat niet alleen door de regen kwam, maar vooral door de tranen die ze liet gaan. ‘Wat zei je?’, vroeg hij zacht. Hij kon het niet goed hebben gehoord. Ze kon gewoon niet hebben gezegd wat hij dacht dat ze had gezegd. Ze kon geen sorry zeggen, niet zomaar tenminste dat had hij al vaak genoeg gemerkt. Een keer eerder had hij het uit haar weten te krijgen en zijn glimlach was iets te zien toen hij terugblikte bij die gebeurtenis.



Lucifer was als enige nog aan het trainen. Ze had hem opgegeven om nog meer te trainen dan normaal en hij deed gehoorzaam de oefeningen die ze hem had opgedragen. Na een tijdje was hij klaar en stond hij op. Hij pakte een van de handdoeken die klaar lagen en droogde zijn zweet gedeeltelijk af. Ondertussen liep hij de deur door en ging op zoek naar Pleoh. Hij hoorde hem al en hij gromde. Dat was geen goed teken en hij ging over in een drafje om de tijger te vinden. Zodra hij om de hoek was, zag hij hoe de tijger dreigend tegenover de panter van Lavinia stond. ‘Pleoh. Terug. Nu.’, zei hij ijzig. Hij kon hier grote problemen mee krijgen dat wist hij, maar hij kon Pleoh lang niet altijd onder controle houden en dat bracht soms problemen met zich mee. Hij luisterde naar de gedachten van de tijger en knikte duidelijk. ‘Oke. Begrepen, maar nu ga je terug.’ Zijn stem was nog steeds bevelend en eindelijk ging de tijger zitten. ‘Het spijt me om te zeggen, my lady, maar Pleoh zou graag willen dat u uw excuses aanbiedt voor het staan op zijn staart.’, zei hij en sloeg zijn armen over elkaar heen en leunde tegen de muur aan. Zijn nonchalante houding kwam boven en de charismatische glimlach was weer te zien. Hij zag het gezicht van Lavinia vertrekken en hoe ze haar gezicht opblies. Ze was dertien jaar en gedroeg zich soms echt als een kind, maar daar kon hij best tegen. Zolang ze maar niet tegen haar vader ging zeuren, want dan was hij dood. Dat wist hij zeker. ‘Pleoh gaat niet eerder weg dan dat u uw excuses aanbiedt. Hoe zou Espe het vinden als ik op haar staart ging staan? Dan zou u toch ook een excuses eisen?’, ging hij verder toen ze nog steeds niets zei en haar hoofd roder werd. Er ontsnapte een zucht uit haar mond en hij zag dat ze moeite deed om de woorden te zeggen en hij moest glimlachen. Verwachtingsvol keek hij haar aan. ‘Sorry.’, kwam er snel aan en ze rende weg met Espe achter zich aan. Lachend keek hij haar na en Pleoh kwam grijnzend terug. Hij vond dit alles wel vermakelijk.



Hij kwam weer terug met zijn gedachten en keek haar aan. Ze zag er net zo uit zoals toen en hij moest weer voorzichtig glimlachen. De herinnering die lang weg was geweest, was teruggekomen en hij vond het best leuk. Zijn hart sloeg een keer over bij de woorden die ze zei, maar hij deed niets. Hij bleef gewoon rustig staan en keek haar aan en knipperde tegen de regen. Hij zag hoe doorregend ze raakten door de regen en hoe de haren aan haar hoofd bleven plakken. Haar woorden betekenden veel voor hem en hij nam ze te harte. Hij wist dat ze hem wilde hebben, maar ook dat dat niet kon. Maar wat zou hij er tegen kunnen doen? Helemaal niets. Hij zou de koker die hij moest halen afleveren en dan zou hij weggaan. Nou ja, na haar bruiloft zou hij weggaan en in de tussentijd haar zo min mogelijk proberen te zien. Hij was even niet voorbereid op haar omhelzing, maar was het al snel te boven en sloeg die van hem om haar heen en trok haar dicht tegen zich aan. Hij rook haar geur die vermengd was met de lichte parfum geur van rozen die echt verrukkelijk was. ‘Doe niet zo mal, Lavinia. Je bent het beste wat me ooit is overkomen.’, zei hij zachtjes in haar oor en kuste haar daarna even snel haar hals. Hij kon het niet laten en er was niemand die het zou hebben gezien. Rodericks lag nog steeds buiten westen en verder was er niemand hier in de regen. Hij liet haar gaan toen ze dat wilde en keek haar aan met zijn donkere ogen die alleen zij zou kunnen lezen. Niemand, maar dan ook niemand zou ooit zijn ogen kunnen lezen behalve zij. De tranen triggerden een oude herinnering die hij altijd had gekoesterd.



Hij had de opdracht gekregen om beter te leren schaduwen en hij had de ultieme uitdaging aangenomen. Hij zou Lavinia gaan schaduwen. Net zoals haar vader had ze een soort zevende zintuig voor het waarnemen van mensen die hen achtervolgden. Op een dag was hij begonnen met het schaduwen en hij volgde haar tot in de tuinen. Ze had tien minuten lang niets doorgehad, maar nu zat ze op het bankje en hij voelde het tot in zijn botten kruipen. Haar tranen waren bijna hartverscheurend en hij merkte dat hij een fout beging. Hij schopte een steentje weg en ze draaide zich met een ruk om en vroeg wie daar was. Hij kwam tevoorschijn en liet Pleoh met zich meekomen. Pleoh ging meteen onder de boom liggen. Ze waren er nu toch aan dus kon hij net zo goed even uit gaan rusten. Hij zag hoe haar woede de overhand nam en hij kwam dichterbij om haar tranen weg te vegen. Zijn glimlach werd iets groter bij het zien van de blik in haar ogen. De blik van onschuld die hij nooit zou vergeten. De blik waar hij altijd naar zocht op avonden dat hij twijfelde aan haar en haar puurheid, maar altijd vond hij de blik weer en ging hij gerust naar bed. Hij stelde zich voor en kuste haar zoals ze gekust hoorde te worden en ging naast haar zitten op het bankje. Hij vroeg haar wat er aan de hand was en ze vertelde hem het hele verhaal. Een van die irritante kinderen had haar gepest en zijn ogen flikkerden even van woede. Hij sprak over zijn ervaringen als kind en hoe vaak hij werd gepest en wat hij allemaal deed. Blijkbaar hielp het, want haar tranen droogden en ze kreeg een vastberaden blik in haar ogen. Een paar dagen later vertelde ze hem dat ze excuses had geeist van de pestkop die dat ook meteen deed. Ze wist alleen niet dat hij die pestkop meteen had bezocht en hem had verteld dat hij zoiets nooit meer mocht doen als hij fijn op wilde groeien. Haar zelfvertrouwen was gegroeid en bleef groeien iedere keer dat hij haar zag. De gesprekken met haar gingen over allerlei dingen, maar hij maakte haar duidelijk dat ze ergens anders gewoon moest doen alsof hij een rekruut was en niet een van haar beste vrienden. Toen konden ze nog vrienden zijn, maar op een gegeven moment kon dat ook niet meer. Lucius betrapten hen en hij kreeg een week straf en die straf was zwaar geweest. Hij mocht niet meer met haar praten. Lucius zei niet waarom, maar hij wist best waarom het was. Hij was veel te charmant en Lucius dacht dat hij op Lavinia aasde en haar puurheid wilde schenden. Dat was hij nooit van plan geweest. Sindsdien bekeek hij haar vaak, was nog steeds in haar buurt, maar ze zag hem niet meer. Hij kon nu eindelijk zijn techniek verfijnen, want ze keek bij ieder geluidje op en het had hem veel moeite gekost, maar eindelijk had hij rustig in de boom gezeten vanwaar hij op haar neerkeek. Haar tranen zag en haar woede en vooral de eenzaamheid die ze voelde. Vaak speelde ze met de ketting die ze omhad en hij moest zich bedwingen om niet naar haar toe te gaan en met haar te praten.



Hij glimlachte bij het zien van haar toenadering en keek verbaasd naar wat ze deed. Ze deed haar ketting af en deed die bij hem om. Hij nam de ketting in zijn handen en bekeek het even en slikte moeilijk. Gaf ze hem echt haar moeders ketting? Hij liet de ketting onder zijn shirt glijden en daar bundelde het nu tegen het leren zakje aan waar de ringen inzaten die hij graag om haar vinger wilde schuiven. Maar dat kon niet en hij zou haar ook niet zover meer proberen te verkrijgen. Hij keek weer naar haar verregende gezicht op toen ze rare woorden zei. Hij knikte pas toen ze uitlegde dat haar vader die woorden zei, maar zijn gezicht werd strak bij haar versie ervan. Ze mocht het niet opgeven. Hij schudde nee en kwam dichterbij. Hij legde zijn hand onder haar kin en duwde die iets omhoog waarna hij zijn lippen op die van haar legde. Hij proefde haar tranen en de regen die over haar gezicht droop. Hij trok zich met veel moeite terug en keek haar aan. ‘Dit is nog niet ons afscheid. Pas na het huwelijk neem ik afscheid.’, zei hij zachtjes en deed een stap naar achteren. Hij had nog steeds Clash vast en stopte het zwaard terug in de schede waarna hij het zwaard van Lavinia oppakte en die ook in de schede die zij droeg, stopte. Daarna tilde hij haar op. De bruidsnachthouding werd het ook wel eens genoemd en hij had haar al een keer eerder zo gedragen. In Claps toen ze zei dat ze hem vertrouwde, had hij haar ook zo opgetild en nu deed hij het weer. Zijn handen hielden haar dicht tegen hem aan en snel liep hij terug naar de stad. De straten waren verlaten door de regen en hij liep door totdat hij bij het huis van vrouwe Dagmar bereikte. Hij tilde zijn been op en schopte de deur open. Hij zag het bad al staan en was blij. Dagmar wist dat hij in de regen was geweest en maakte dan altijd een bad voor hem klaar, maar dit keer zou hij het bad niet gebruiken. Dagmar keek verschrikt en zijn gezicht stond grimmig. Hij zag niet dat Abigail aan de andere kant van de woning zat. Hij liet Lavinia voorzichtig uit zijn armen glijden zodat ze tegen hem aanstond. Door over haar schouder te kijken kon hij goed haar jurk aan de achterkant losmaken. ‘Je kunt je hier baden. Dagmar zal voor je zorgen.’, fluisterde hij zachtjes in haar oor en drukte een snelle kus op haar oor. Haar jurk was los en hij draaide haar om en liet de jurk van haar afglijden. Hij merkte dat ze nog een onderrok en een korset aanhad. Hij knikte even snel naar Dagmar en draaide zich om zodra Dagmar Lavinia had overgenomen. Hij beende de deur uit en merkte pas op de weg terug naar de boom waar hij Rodericks had achtergelaten dat hij helemaal niet naar Abigail had gekeken of had gegroet. Al zijn gedachten waren naar zijn vrouwe uitgegaan en dat was ook zijn taak. Als het moest zou hij Abigail zo laten vallen en dat zou Dagmar haar ook al wel duidelijk hebben gemaakt als het goed was. Hij beende terug naar de plek en zag Rodericks nog steeds liggen. Met een ruk trok hij hem overeind en duwde hem hardhandig tegen de boom aan. Hij draaide zijn armen op de rug en nam hem daarna mee. Hij zou hem ook naar het huis van Dagmar brengen. Tijdens het lopen hoorde hij het kreunen van de man. ‘Ach, Rodericks. Loop toch niet zo te zeiken.’, siste hij hem toe. ‘Hierbij ben je gearresteerd voor het onheus behandelen van de prinses van Bombarda en opvolgster van de Nigris Clan. Je wordt snel overgedragen aan de soldaten en die zullen je naar Lord Lucius brengen. Hij zal je straf bepalen en laten we voor jou hopen dat hij je niet vermoordt. Alles wat je zegt of doet vanaf dit moment zal als het mogelijk is tegen je worden gebruikt.’, zei hij en trok Rodericks met zich mee. ‘Ik zal met Lavinia trouwen. Denk je nu echt dat hij me iets aan zal doen? Bovendien zal hij echt niet naar jou luisteren!’, kreunde de man en probeerde intimiderend over te komen. Dat lukte duidelijk niet, maar het was de moeite waard. ‘Denk eens terug aan de keer dat Lucius ons iets inramde. Moet ik het voor je herhalen?’, siste hij hem toe en dacht zelf meteen weer terug aan die dag. Die zou hij nooit vergeten.



Lucht.. Ik wil Lucht…. Lucht… Hij kwam weer boven water en haalde oppervlakkig adem. Hij moest zuurstof binnen krijgen en dat lukte hem gelukkig ook. Hij hoorde de woorden van Lucius en antwoordde automatisch. ‘Uw dochter is verboden terrein. Niemand mag haar aanraken of dicht bij haar in de buurt komen.’, zei hij snel en oppervlakkig. Hij opende zijn ogen en zag hoe Lucius zat te grijnzen en kon niets anders doen dan ademhalen en de woede was te zien in zijn ogen. ‘Hmm… volgens mij snap je het nog niet helemaal.’, zei Lucius en weer werd zijn hoofd onder water geduwd. Lucifer haatte deze techniek en was alleen maar boos op de man die hem probeerde te bewijzen dat hij boven hem stond en dat Lucifer moest doen wat hij zei. Dat deed hij dan ook wel, maar hij kon niet echt tegen de manier waarop hij dat deed. Alle anderen hadden maar een keer onder water gehoeven en hij wist dat het kwam omdat hij al een reputatie had als vrouwenverslinder dat hij vaker onder water moest totdat het goed tot hem was doorgedrongen. En omdat hij niet van adel was dat was natuurlijk ook altijd dat ene puntje. Hij hoorde een grom door het water heen en schrok zich rot toen er een stok op zijn rug terecht kwam. Hij opende zijn mond automatisch van de pijn en kon het niet lang meer uithouden. Hij werd net voordat hij zou verdrinken weer boven gehaald en dit keer losgelaten. Vlakbij hem stond Pleoh en die gromde dreigend naar Lucius. Hij ademde even zwaar en keek verbaasd naar Pleoh. ‘Pleoh. Ik dacht dat ik had gezegd dat je een dagje vrij had en vrouwe Dagmar moest helpen.’, zei hij zacht nog steeds niet helemaal bijgekomen. Pleoh gromde alleen maar en kwam naar hem toe. Hij keek grommend naar Lucius die even floot en al snel kwamen er meerdere anima’s aan om hen bij te staan. Lucifer ging staan en keek grijnzend naar Lucius toen hij hoorde waarom Pleoh hier was. De klap in zijn rug die aardig pijnlijk voor hem was, was totaal niet pijnlijk voor Pleoh geweest en hij zag dat Lucius zich daarover verbaasde. ‘Uw dochter is verboden terrein. Niemand mag haar aanraken of dicht bij haar in de buurt komen.’, antwoordde hij zonder dat het hem werd gevraagd en knikte Lucius even toe. ‘Ik word gevraagd om naar huis te komen. De training is nu eigenlijk toch wel afgelopen. Pleoh kwam langs de eetzaal en zag dat uw dochter al op u zat te wachten voor het eten. Ze keek niet al te blij.’, grijnsde hij hem toe en liep weg. Pleoh gromde nog even dreigend en liep daarna achter Lucifer aan.



Lucifer zou die les nooit vergeten, maar hij luisterde er ook niet naar, want hij had Lavinia van haar puurheid beroofd en hij had nog veel verder willen gaan dan dat. Hij had haar zijn vrouw willen maken en kinderen met haar willen krijgen, maar hij had zich kunnen beheersen en op tijd kunnen stoppen, want anders liep zijn misschien nu wel met zijn kind in haar buik. Eigenlijk zag hij haar wel voor zich met een mooie buik waarin een nieuw leven groeide. Zijn gedachten werden abrupt verstoord door Rodericks die probeerde te ontsnappen. Lucifer greep de man weer stevig vast en duwde hem door de straten van de stad. De regen hield op en de meeste mensen kwamen weer voorzichtig naar buiten en keken hem aan. Hij keek niemand aan, maar duwde Rodericks steeds naar voren en de man moest vaak struikelen. Zijn gezicht stond strak en zijn blik was gericht op dat ene huis helemaal aan het begin van de straat. Het duurde veel langer voordat hij er eindelijk was en Pleoh sprong al op toen hij hem eindelijk zag. Aan de blik van Pleoh te zien, mocht hij niet binnen blijven toen Lavinia zich aan het wassen was en de tijger was iets stijver dan normaal. Lucifer schopte even tegen het hout van de deurpost en riep dat hij het was waarna hij op een van de bankjes voor het huis Rodericks dumpte. ‘En zitten blijven.’, siste hij hem toe. Het gezicht van Rodericks was bebloed en er zaten schrammen en ook de schouder was nog steeds aan het bloeden wat er voor zorgde dat iedereen bijna boos naar hem keek. Hij zuchtte en liep naar de deur toe terwijl zijn blik op Rodericks was gericht. ‘Pleoh. Zorg ervoor dat hij hier blijft.’, beval hij de tijger. Pleoh gehoorzaamde en Lucifer liep om het huis heen naar de werkplaats van Balor. In dit huis had hij een kleine werkplaats waar hij soms ’s avonds had gewerkt om nog gauw een zwaard af te maken of een dolk te versieren. Daar lag altijd wel wat hij nodig had en nu vond Lucifer dan ook een stuk touw. Met het touw in zijn handen liep hij terug en zag daar Pleoh op Rodericks liggen. Hij wilde weggaan. Lucifer grijnsde en bond de handen van Rodericks achter zijn rug vast en ook de voeten bond hij vast waarna hij de man weer omhoog trok en niets uitdeed op de jammerende kreunen van de man. Het was een echte lafaard en hij wilde er eigenlijk niets mee te maken hebben. Hij zette hem op het bankje en ging naast hem zitten. Hij zag nog niemand, maar hij wist dat de soldaten snel zouden komen dus moest hij ook snel zijn. Hij had niet door dat hij onder het raam zat en dat ze hem binnen zouden kunnen horen als ze dat wilden. ‘Je moet nu eens goed luisteren Rodericks. Lavinia moet met jou trouwen, maar vergeet niet dat ze niet voor jou heeft gekozen. Je moet haar behandelen als de prinses die ze is en van haar houden ook al is het niet zo. Probeer haar leven zo fijn mogelijk te maken en raak haar alleen aan als zij dat wil. Het volk zal jou gehoorzamen, maar niet zo respecteren als dat ze Lavinia doen en je moet daar ook nooit naar verlangen. Als je eenmaal koning bent dan is zij nog altijd jouw koningin en ze staat hoger in rang dan jij. Jij zal nooit haar iets kunnen bevelen. Als ik er ooit achter kom dat jij haar ten onrechte iets hebt aangedaan dan kun je op een vergelding wachten. Denk maar terug aan de gevechten in het café. Begrepen?’, zei hij duidelijk tegen Rodericks. ‘Waarom doe je dit voor haar? Wil jij haar soms hebben?’, siste die hem toe. Even flikkerden zijn ogen van woede, maar hij kon zich beheersen. Hij mocht dat niet aan iemand laten merken. ‘Ze heeft mij benoemd tot haar persoonlijke beschermer en ik heb het recht haar te verdedigen wanneer ik dat noodzakelijk acht.’, zei hij rustig en gebruikte zoveel mogelijk moeilijke woorden om op afstand te blijven. Hij wilde niet nu iedereen weer op de straten was dat ze achter iets kwamen. Iets waarvan hij niet wilde dat ze het zouden weten. Eindelijk kwamen daar de soldaten aan met een koets. Ze hadden al verwacht dat Lavinia bij Lucifer zou zijn en de meeste hadden natuurlijk ook verteld dat hij met een geboeide Rodericks voor de deur zat. Hij stond op en salueerde. ‘Waar is de prinses?’, schreeuwde de korporaal. Lucifer wees naar de deur van het huis en trok zijn zwaard uit de schede en stak die voor de korporaal toen die de deur open wilde doen en naar binnen wilde gaan. ‘Lady Lavinia is aan het baden. Ik denk niet dat u nu naar binnen wil gaan.’, zei hij en de waarschuwing was er duidelijk in te horen. Lucifer trok Rodericks overeind en duwde hem richting de wachtende soldaten. ‘Hij is gearresteerd op het onheus behandelen van de prinses.’, zei hij alleen en keek de korporaal aan. ‘Wat heeft hij gedaan?’, vroeg die alleen maar. Lucifer rolde met zijn ogen en zuchtte even diep. Hij was zich bewust van alle ogen die op hem waren gericht. ‘Als jullie het zo niet begrijpen dan doe ik het wel in platvloerse taal. ‘Sir Williams Rodericks heeft geprobeerd om Lady Lavinia te verkrachten.’, zei hij duidelijk en schreeuwde het bijna zodat iedereen het kon horen. Dat zou een domper opleveren voor Rodericks die meteen begon te schreeuwen dat dat niet waar was. Maar wie zouden ze geloven? Iemand die altijd de positie van de Lady had verdedigd en haar had beschermd of iemand die van hoge adel was en een lafaard was? De keuze was niet moeilijk en al snel waren de soldaten bezig Rodericks hardhandig weg te nemen. Terug naar het kasteel om hem daar aan Lord Lucius te geven. Lucifer trok zijn zwaard terug en liet zich weer op de bank ploffen. De spanning en woede waren gekomen en hadden hem een kick van adrenaline gegeven en nu moest hij weer even bijkomen. Hij was ook nog steeds zeiknat en voelde zich een beetje koud worden, want de lente was op Fernum nog niet echt aangekomen.



Dagmar had met Abigail gepraat en had gezien dat het meisje het wel had begrepen. Toch schrokken ze allebei op toen het in een keer begon te onweren. Ze liet de handen van het meisje op en dirigeerde haar naar de hoek van de kamer. Daar moest ze maar even op een stoel gaan zitten en wachten totdat ze klaar was. Ze trok de grote teil tevoorschijn en goot het vol met water. Onder de teil was een ruimte waar ze het hout begon op te stoken zodat het water heerlijk warm zou zijn en ook warm zou blijven. Dagmar deed dit altijd voor Lucifer als hij in de regen had gelopen. Ze wilde niet dat hij ziek zou worden. Het bad was al lekker op temperatuur toen de deur werd ingetrapt en Lucifer daar stond. Ze had niet doorgehad dat hij zo drastisch binnen zou komen en al helemaal niet met iemand in zijn armen. Tot haar schrik merkte hij op dat het Lavinia was en ze liep gauw op hen af. Ze keek Lucifer aan die haar al begon uit te kleden. Een beetje kritisch, want dat mocht hij eigenlijk niet doen. Gelukkig draaide hij haar om voordat hij de groene jurk die ze aanhad liet zakken en haar overgaf aan haar. Dagmar wachtte even totdat de deur dicht was en knikte naar haar anima. Die rende naar de deur en liet de houten balk ervoor dichtslaan. Zo zou er niemand meer binnen kunnen komen. Ze voelde het meisje trillen en begon vakkundig en snel haar verder uit te kleden. Daarna hielp ze haar naar het bad en liet haar er voorzichtig inzakken. ‘Moet ik je helpen?’, vroeg ze zacht en veegde de haren uit haar gezicht. Ze keek naar het gezichtje van Lavinia en wist dat haar make up niet alleen door de regen zo was uitgelopen. Ze had gehuild en ze had de rode ogen die het konden bewijzen. Het duurde een hele tijd voordat Lavinia helemaal was opgewarmd en klaar was om weer uit het bad te komen. Ze had alleen haar ondergoed nog aangehad en voordat ze het meisje eruit liet komen, droogde ze eerst haar haren. De haren die zo zwart waren als de nacht waren nog best gemakkelijk te drogen. Dagmar vlocht haar haren in een vlecht en bond ze vast met een lint. Daarna hielp ze haar uit het bad om haar verder af te drogen en pakte een van de jurken die ze ondertussen had gepakt. De jurk paste Lavinia precies en was van mooie donkerrode zijde. Het was haar beste jurk, maar ze kon niet anders dan het te gebruiken voor haar lady. Ze had Abigail gezegd dat ze thee moest zetten en nam het meisje mee naar de tafel waar ze haar op een stoel zette. Dar schonk ze voor allebei thee in en merkte geen eens dat Lucifer al weer terug was en op het bankje was gaan zitten. Pas toen ze zat en haar thee dronk en wegdroomde, wat haar altijd gebeurde tijdens het theedrinken, hoorde ze zijn stem en ze was benieuwd tegen wie hij praatte. Zijn stem klonk waarschuwend en dreigend en ze wist dat hij het tegen de nieuwe verloofde van Lavinia moest hebben. Ze zat nog steeds in haar droomtoestand en dronk van haar thee terwijl ze alles hoorde wat er werd gezegd. Pas bij bepaalde woorden schrok ze op en keek Lavinia aan. ‘Als ik het mag vragen, my lady, maar heeft hij dat echt geprobeerd?’, vroeg ze verbijsterd. Ze kon het haast niet geloven en wachtte op het antwoord van het meisje.

:Anima Tell:

Pleoh zag Espe aankomen en stond moeizaam op om naar haar toe te gaan. Hij likte haar even over haar snorharen en ging daarna met zijn neus over haar lichaam heen op zoek naar wonden. Hij gromde zacht bij iedere wond die hij vond en likte voorzichtig met zijn ruwe tong over haar wonden zodat ze echt schoon zouden worden. Tegen de tijd dat hij klaar was, had Lucifer Lavinia al opgetild en liep hij met haar weg. Hij keek naar Espe en hoe die soepel overeind kwam en gromde weer zacht. Gelukkig had hij haar kunnen beschermen tegen die lafaard van een Earh. Naast haar liep hij achter Lucifer aan en hield zijn hoofd laag tegen de regen. De wandeling was voor hem irritant, want hij merkte dat hij zich stram voelde en dat niet al zijn spieren helemaal in orde waren, maar daar moest Lucifer maar wat aan doen. Die kon hem best wel eens een massage geven. Eindelijk kwam het huis in zich en hij liet Espe naar binnen gaan, maar bleef zelf wachten op Lucifer. Toen die buiten kwam, gebaarde hij dat Pleoh hier moest blijven en dus ging hij gehoorzaam op de grond liggen wachten. Hij wist dat hij niet naar binnen mocht en dat vond hij aardig vervelend. Hij wilde bij de kachel liggen en opdrogen, maar daar kwam het niet van. Al snel kwam Lucifer weer terug met Rodericks en het stopte met regenen. Pleoh stond op en schudde zich uit waarna hij knikte op de woorden van Lucifer. Zodra Lucifer uit het zicht was, probeerde de man om weg te komen, maar Pleoh sprong met gemak op hem zodat de man nu in de modder lag te wachten totdat Lucifer terug kwam. Dat gebeurde al snel en hij ging van Rodericks af en sprong op de bank waar hij ging liggen. Rustig hoorde hij alles aan wat er gebeurde en gromde af en toe ter bevestiging.



-6166 woorden! Razz

9 Is dit het einde? op vr apr 08, 2011 7:31 pm

Lady Lavinia

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Niemand zou in de schoenen willen staan van Rodericks. Ook al was deze man een lafaard met een hoge rang en mocht hij trouwen met Lavinia, wat hem nu over kwam wou niemand. Lavinia was sterk. Sterker dan je zou denken omdat ze haar krachten verborg. Ze liep er namelijk niet mee te koop want er waren mensen die haar gaves maar al te graag wilde misbruiken. Als Lavinia de macht zou krijgen en Rodericks koning zou worden zouden er vele dingen veranderen. Want ondanks Lavinia een koningin zou worden stond ze altijd nog boven de koning omdat de mensen haar meer respect gaven dan Rodericks. De meeste snapte dan ook niet dat Lavinia met hem zou moeten trouwen maar haar vader wist wel beter. Want eigenlijk had haar vader er op gehoopt dat Lavinia niemand zou kunnen vinden die van goede waarde was. Want deze dit huwelijk was enkel een rekening verheffen voor de koning. Een grote rekening. Maar niemand wist dat, zelfs Lavinia niet. Het was de afspraak tussen de koning en huize Rodericks. William zou trouwen met Lavinia dat was de afspraak. Waarom? Omdat de koning dat verplicht was. De oudste dochter van de familie Lithium moest trouwen met één van de zonen van Rodericks. Deze afspraak stond eigenlijk al eeuwen lang want ooit was de familie Rodericks aan de macht in Bombarda en stond precies in de schoenen waar de koning zich nu bevond enkel met een dochter. En hadden ze afsproken dat alle dochters van de Lithium familie zou moeten trouwen met één van de zonen van de Rodericks familie. Alleen de Lithium familie baarde geen dochters. Enkel zonen. Lavinia was de eerste maar ook de laatste dochter van de Lithium familie. Je zou zeggen dat de Rodericks familie dan uit had moeten sterven alleen nadat de afspraak was gemaakt werd er een zoon gewekt. Sindsdien al was Lavinia al gedoemd om te trouwen met de Rodericks. Je kon veel van haar familie zeggen maar ze hielden zich altijd aan hun woord. De meeste vonden het raar dat ze zich altijd aan hun woord hielden maar de meerderheid vond dat alleen maar prettig. Zo wist je zeker waar je aan toe was. Lord Lucius Leondarius Lithium was misschien een harde man maar iedereen had toch respect voor hem. Vroeger toen de Rodericks nog aan de macht waren ging het namelijk slecht met het land want de koning was lui en had geen oog voor zijn mede mens. Maar dat veranderde toen de Lithium familie aan de macht kwam. Maar nu werd de geschiedenis weer om gedraaid. Als de Rodericks aan de macht kwamen zou het enkel slechter gaan met het land alleen was er één min puntje. Niemand had respect voor de Rodericks familie en de meeste volgde dan ook echter de bevelen niet op. Niet dat Lavinia dat erg zou vinden. Nee absoluut niet. Haar vader had haar alles geleerd wat ze moest leren om het land te regeren. Met Lavinia als koningin zou alles nog op zijn pootjes ter recht komen want Lavinia was niet zo zacht aardig. Net zoals haar vader. Tuurlijk, ze had haar lieve kanten en die liet ze meer en deel zien maar als er iets niet naar haar zin was trok ze haar mond wel openen. Lavinia was vaak tegen haar vader in gegaan als hij weer eens plannen had. De meeste wisten niet wat Lavinia al allemaal gedaan had voor het land door haar vader tegen te houden met oorlogs plannen. Zo was er eens een keer dat haar vader een tijd geleden Midnight glade wou aanvallen terwijl er een lente feest bezig was. Dat betekend dat ook iedereen er is. En de Nigris clan kan veel maar ze kunnen onmogelijk tegen 3 clans te gelijke tijd. Dat zou betekenen dat de Nigris clan dan zou sneuvelen. Gelukkig had ze haar vader weten te overtuigen. Dat was dan weer een plus punt van haar vader ook al wou hij zo veel mogelijk landen veroveren, hij wou zijn mensen nooit zonder doel laten sneuvelen. Het moest mogelijk zijn om het land te veroveren was de kans klein dat ze wonnen en sneuvelde er dan te veel mensen deed haar vader het niet. En daarbij luisterde hij bijna altijd naar Lavinia. Want Lavinia was eerlijk gezegd slimmer dan haar vader. Dat kwam omdat ze een grafisch geheugen had. Al wist ze nog goed dat ze een keer was verdwaald geraakt. Nouja, verdwaald. Ze was weg gelopen van huis. Het was de eerste keer dat ze het gevaar met eigen ogen had gezien. Ze zou niet weten wat er gebeurd was als ze niet achter haar teleporteer krachten was gekomen. Ze zou hoogs waarschijnlijk ergens verkocht zijn op de zwarte markt als slaaf. Want die werden nog steeds gehouden in sommige delen van het land.



Het was donker, zelfs de sterren en de maan zag je niet aan de hemel. Enkel donkere wolken die als een deken door de lucht dreven. Lavinia was 10 jaar oud. Ze had net geruzie gemaakt met haar vader. Haar vader wou het gewoon niet hebben dat ze naar een kinderfeestje ging. Ze mocht alleen als er 4 bewakers mee gingen en Lavinia wou dat niet. Uit woede was ze weg gerend. Maar niet naar de tuinen waar ze zich meestal verstopte voor haar vader en de bewakers. Nee, ze ging het terrein af. Iets wat verboden was voor de kleine Lavinia. En Espe? Die werd tegen gehouden door haar vaders Anima Brutus. Brutus was net als Espe een vorm veranderaar maar nam meestal de vorm van een paard aan. Brutus kon net als Espe in 4 dieren veranderen. Een paard,een wolf, een raaf en een beer. Lavinia rende en rende en keek niet goed om zich heen. Ze keek als maar recht door. Haar ogen waren wazig en plots botste ze tegen iemand aan en viel achter over. Ze keek omhoog en zag een grote man staan. Duidelijk niet van hier. De man greens. ‘Ben je verdwaald mijn kind?’ Lavinia slikte en knikte. De man grinnikte en wenkte zijn mannen. Lavinia kromp in één. ‘Wat gaat u doen?’ piepte Lavinia. Ze voelde de grote handen en ze werd overeind geholpen. ‘Ergens waar je, je vader nooit meer zult zien. Prinses...’ Lavinia gilde en kreeg een doek voor haar mond. Ze schreeuwde en spartelde tegen maar uiteindelijk moest ze wel adem halen. Ze werd slaperig en haar ogen vielen dicht. Enkele burgers zouden het gezien moeten hebben maar niemand schoot haar te hulp. Ze werd over een schouder geworpen en werd even later ergens neer gelegd. Toen ze haar ogen openen deed was ze in een donkere ruimte. Haar ogen schoten heen en weer en ze ging recht op zitten. Haar handen en voeten waren vast gebonden. Ook had ze een doek om haar mond. Ze schreeuwde maar alles kwam er uit als gemompel. Haar ogen werden vochtig en kleine tranen gleden van haar gezicht af. Ze wist niet waar ze was maar aan het geklots te horen was ze op zee. Ze slikte en keek naar haar enkels waar haar eigen dolk zat. Haar vader had deze aan haar geven voor haar 8ste verjaardag om zichzelf te beschermen. Eerst had ze het maar een raar ding gevonden maar nu kwam hij nog van pas ook. Heel geconsenteerd keek ze naar haar enkel. De dolk verschoof maar viel uiteindelijk hard op de grond. De deur vloog openen en de man waar ze eerst tegen aan was gelopen stond boven aan de trap. Zijn gezicht was strak. ‘En wat was jij aan het doen!’ Lavinia schoof haar been over de dolk heen zodat deze niet te zien was. Ze zei niets en hoorde hoe de man naar beneden kwam. ‘Ik vroeg je wat!’ Lavinia rolde met haar ogen. Was deze man dan echt zo dom dat hij dacht dat ze kon praten met een dolk voor haar mond. Ze murmelde wat en de man grijnsde enkel. Hij trok de doek van haar mond af en Lavinia keek de man fel aan. ‘Wacht maar tot mijn vader hier van hoort! Dan zijn jullie zuur!’ Schreeuwde ze. De man gaf haar een klap en haar gezicht ging mee. Ze had haar ogen dicht en bleef even zo zitten. Ze voelde tranen in haar ogen prikken. ‘Niet zo’n toon tegen me aan slaan jij! Waar zijn je manieren!’ Lavinia keek de man weer boos aan. Ze spuugde in zijn gezicht. ‘Hier,’ zei ze met een grijns waarna ze bij haar haren werd gepakt en mee werd getrokken. De man zag de glinsteren dolk op de vloer liggen en werd alleen maar kwader dan dat hij al was. Hij sleurde haar mee aan haar haren en Lavinia schreeuwde het uit. Ze werd op het dek gegooid en keek naar de bemanning die nieuwsgierig naar het schouwspel keek. Lavinia kroop moeilijk over het dek heen maar werd zo weer in gehaald. De bemanning lachte vals en Lavinia begon te huilen. ‘Ik wil naar papa!’ huilde ze. ‘Ach, jongens. Ze wild naar haar pappie.’ ‘Sorry prinsesje, dat gaat niet gebeuren. Weet jij hoeveel je op zou leveren op de zwarte markt.’ Lavinia keek de man aan. ‘Meer dan jou en je bemanning bij elkaar.’ Siste ze. De man grijnsde. ‘Precies, je snapt het.’ Lavinia keek rond en zag vele vogels op het dek. De meeste waren papagaaien weer andere zeemeeuwen. ‘Jullie zijn piraten..’ mompelde ze. De man klapte in zijn handen. ‘Knap en slim. Dat zou je niet verwachten.’ Lachten de man. Lavinia schudde lichtjes haar hoofd. ‘Dan weten jullie vast ook dat dit jullie niet zal lukken.’ Siste ze. Opnieuw lachte de bemanning. ‘Dan zal ik je eens wat vertellen, prinses. Het is ons al gelukt.’ Lavinia snoof. En keek om zich heen. Ze zag niets meer dan zee. Maar ze moest toch los zien te komen. Haar ogen vielen op een zwaard en opnieuw keek ze er geconsenteerd naar. Het zwaard gleed uit de schende en vloog naar Lavinia toe. De mannen keken er eerst verbaasd naar maar toen hij voor Lavinia viel werden ze toch wakker. De man pakte haar op. ‘Ik begin jou een beetje irritant te vinden.’ Lavinia snoof. ‘Volgende keer als je iemand ontvoerd, was je dan en poets je tanden want je stink!’ ‘Irritant brutaal opdondertje.’ ‘Nou zelf ben je ook niet echt beleefd.’ Mompelde Lavinia. ‘Plank! Plank!’ Schreeuwde de bemanning. De man grijnsde breed. ‘Zo te horen ga je overboord, prinsesje.’ Lavinia slikte. Hoe lang zou ze het vol houden om te zwemmen en waar was het land? Ze werd op een plank neer gezet nog steeds met haar touwen om. Ze keek verbaast naar de touwen die strakker werden gezet. En werd de plank op geduwd. Lavinia slikte toen ze het blinkende zwaard zag die haar verder de plank op jaagde. Bij het einde van de plank keek ze omlaag en slikte waarna ze de piraten weer aan keek. Opnieuw voelde ze een duw en Lavinia hapte naar adem voordat ze het water in viel. De touwen zaten te strak dus het was praktisch onmogelijk om te ontsnappen. Ze deed haar ogen openen en zag duizenden vissen om haar heen zwemmen. Een aantal belletjes kwamen omhoog en Lavinia hapte uiteindelijk naar adem. Ze stikte en zonk steeds dieper naar de bodem. ‘Het spijt me vader,’ spookte er rond in haar gedachten. Ze sloot haar ogen en voelde hoe haar lichaam verslapte. Maar er gebeurde iets. Ze sperde haar ogen open die haast licht leken te geven. Haar ogen waren zo zwart als de nacht en om haar heen kwamen er meer bellen omhoog. Het water om Lavinia werd zwart. Zo zwart als de inkt van een inktvis en Lavinia verdween in die inkt.



Het volgende moment werd ze hoesten wakker. Ze was drijfnat en keek recht in 2 paar bruine ogen. Ergens herkende ze. Lavinia glimlachte zwakjes en hoesten nog meer water op. ‘Eindelijk thuis,’ zei ze zachtjes waarna ze weer weg viel. Hoe ze weer in Bombarda was gekomen was voor Lavinia altijd een raadsel geweest. En sindsdien was ze ook nooit meer zonder toestemming het terrein afgegaan. Bang dat haar weer iets zou over komen. Nog weken lang kreeg ze de zelfde nachtmerrie van de boot en de piraten maar na verloop van tijd begon ze het weer een beetje te vergeten. Nu nog wist ze nog niet van wie die bruine ogen waren. Toen ze eenmaal weer wakker werd in het paleis zat haar vader naast haar. Het had toch wel geholpen dat weg lopen wat ze mocht naar het feestje maar alleen als er één bewaker mee ging en die bewaker was niet zo streng geweest voor haar en liet haar gewoon plezier maken daar. De bewaker probeerde zo minmogelijk zijn aanwezigheid te tonen en dat vond Lavinia alleen maar fijn.



Espe rende door de verlaten straten heen. De donder boven haar was duidelijk te horen. De regen door weekte haar terwijl ze rende. Het bloed van de wolfshond spoelde van haar af. En maakte haar eigen wonden schoon. Ze rende hard en maakte af en toe sierlijke sprongen. Water plassen ontstonden in de kuilen van de weg en Espe die er door heen rende werd er alleen maar natter door. Het maakte haar niets uit als ze ziek werd als het maar goed ging met Lavinia want Espe voelde alles. Lavinia was kwaad, verdrietig en Espe’s borst deed veel pijn alsof iemand haar hart er had uitgerukt. Nog nooit had Espe dat gevoeld en dat kon ook nooit iets goeds betekenen. Ze brulde luid toen een paar Anima’s de weg versperde en de Anima’s gingen zwijgzaam en eerbiedig aan de kant. Espe keek op en zag stof door de lucht vliegen. Espe stopte even en keek verward naar het stof. De kleuren deden haar denken aan de crematie van Lavinia’s moeder die werd verbrand. De prachtige kleuren brachten haar even van haar stuk maar toen ze een steek voelde bij haar borst kwam ze weer bij zinnen. Ze begon weer te rennen en keek nu recht voor zich uit. Door de regen kon ze niet veranderen in een raaf en vliegen want anders had ze dat wel gedaan. Maar geen vogel kon vliegen in de regen dus ook zij niet. Ze moest het doen met wie ze nu was. En ondanks ze niet kon vliegen was ze aardig snel. Mensen gingen voor haar op zij toen ze haar zagen en het geroezemoes was duidelijk te horen maar Espe letten er niet op. Ze volgde de geur van Lavinia. De meeste vonden Lavinia altijd heerlijk ruiken. Naar rozen zeiden ze dan. Espe was de geur gewend en werd er niet zo van haar stuk gebracht. Misschien kwam dat omdat ze een vrouwtje was. Ze rende harder en zag Lavinia,Lucifer en Pleoh al. Ze trok haar mond hoeken op toen ze Pleoh zag. Ze was blij dat de tijger het had overleefd. Pleoh was zo slecht nog niet merkte ze op. Pleoh stond op en liep moeizaam naar haar toe. Espe drukte haar kop even in zijn hals en spinde zachtjes terwijl ze hem een soort kopje gaf. Pleoh likte even aan haar snorharen en Espe’s staart zwiepte even heen en weer. Ze deed een stap naar voren en voelde af en toe zijn ruwe tong over haar wond glijden. Ze kon het niet laten om te grommen toen hij haar wond bij haar buik likte want daar was de grootste wond en in haar nek. Die zou morgen wel stijf zijn, net als die van Lavinia. Terwijl Pleoh haar wonden schoon maakte luisterde ze toch naar de woorden van Lavinia en Lucifer.



Lavinia keek hem eerst even aan toen hij zei wat hij voor hem was. Ze schudde lichtjes haar hoofd en voelde nog steeds de tranen langs haar gezicht glijden. Ze drukte haar zwaard iets meer tegen hem aan maar pijn deed ze hem niet. Ze zou Lucifer nooit met op zet pijn willen doen. Ze zou het niet durven en niet kunnen. Ze keek hem met betraande ogen aan. ‘Echt?’ vroeg ze zachtjes aan Lucifer. Maar ook al zou Lucifer niet liegen ze liet hem niet dichterbij komen. Ze was daar te boos voor en te verdrietig. Haar blik ging even over Williams die bewusteloos op de grond lag. Die zou een langen tijd niets meer doen. Dat wist ze zeker. Had Lavinia er spijt van dat ze hem tegen een boom had aan geslingerd? Nee. De enige die ooit haar puurheid mocht schenden zou Lucifer zijn en dat had Lucifer al lang gedaan alleen het was hun geheim. Als haar vader er achter kwam dan zou Lucifer onthoofd worden op het plein dat wist ze zeker. Hij zou eerst een uur lang uit zijn dak gaan en hem aan zijn trainingen laten denken en zeggen dat het hem blijkbaar niet duidelijk was gemaakt met het water. Haar vader zou hem martelen. Hem slaan met zwepen, stokken. Hij zou Pleoh van hem af pakken en in de kelder aan de ketens leggen en Pleoh daar ook slaan met stokken net zolang dat ze hun over gaven en dan zou de genade klappen komen. Haar vader was streng en roekeloos zeker als het over Lavinia ging. En Lucifer? Hij zou er niets aan kunnen doen, hij zou zijn straf moeten aan varen ook al was deze zo wreed. Lavinia zou er uiteindelijk wel een stokje voor steken. Want dat deed ze wel vaker. Ze ging verder met haar preek en vroeg naar de waarheid en die gaf Lucifer haar dan ook. De keiharde waarheid die haar nog verdrietiger maakte dan dat ze al was. Maar toch kon ze er met de pet niet bij. Hij zei wel dat hij van haar hield maar als hij van haar hield waarom wou hij haar dan vergeten? Dat was één van de dingen die ze niet goed begreep. Het weer brak los en het begon keihard te regen. Alles begon aan haar te plakken. Haar jurk werd doorweekt en haar haren plakte aan haar gezicht terwijl ze Lucifer aan keek. Ze bood haar excuses aan en Lucifer keek haar verbaasd aan alsof ze iets heel stoms had gezegd. Maar dat was logisch want Lavinia bood haast nooit haar excuses aan. En als ze dat deed dan had je het goed aan gepakt of speet het haar op recht. Haar ogen gleden naar haar voeten maar vervolgens weer naar Lucifer die haar zwaard weg sloeg. Deze viel kletterend op de grond neer. Ze liet haar hoofd weer hangen en zei opnieuw dat het haar speet. Haar stem klonk rillerig maar Lavinia kon er niets aan doen. Ze hield zoveel van hem. Ze kon onmogelijk van iemand anders houden en hem vergeten. Ze kon hem gewoon niet vergeten. Ze kon het gewoon niet. Hij zou haar altijd bij blijven in haar hart. Haar gedachtes maakte over uren terwijl ze sprak. Met moeite slikte ze de brok in haar keel weg en sloeg haar armen om hem heen. Ze snikte luid terwijl ze sprak. Het zag er heel lief uit. Ze voelde zijn sterke armen die ze zo lief had weer om zich heen en hij drukte haar tegen zich aan. Ze keek hem aan. Haar make-up was totaal uitgelopen en wat tranen gleden langs haar wang terwijl ze omhoog keek. Een klein glimlachje verscheen. ‘Je bent de liefste,knapste en zorgzaamste man die ik ooit heb gezien. Ik hou van je en niets zal dat ooit veranderen Lucifer.’ Zei ze zachtjes. Ze voelde de snelle kus in haar nek en haar lichaam rilde even. Het was een warme rilling die haar niet liet merken dat ze in de koude regen stond. Ze schrok niet van deze actie. Ze vond hem enkel fijn en ze wensten dat dit voor eeuwig kon duren. Hier in zijn armen. Maar ze wist dat het niet kon. Al zou ze dat zelf wel willen. Ze slikte en drukte een tedere kus in zijn hals. Haar ogen waren gesloten en een traan gleed over haar wangen toen ze hem los liet. Waarom deed dit zoveel pijn. Waarom moest ze trouwen. Ze wou het niet. Maar met dit zou ze haar vader niet zo ver krijgen om haar te laten trouwen met Lucifer. Hij was een burger en Lavinia mocht niet trouwen volgens de regels met een burger als ze dat wel deed moest ze van de troon af stappen. Iets wat ze maar al te graag wou doen maar er eenmaal af kwam ze er niet meer op en Williams zou als nog de macht krijgen en iedereen zou naar hem moeten luisteren. Het zou slecht gaan met Bombarda en de clan zou in duizenden stukjes vallen. Alles zou vallen waar haar familie jaren hard aan had gewerkt. Ze deed haar familie dan ten schande en dat was het laatste wat ze wilde. Ze zou willen dat Lucifer één rang hoger stond want dan zou hij met haar kunnen trouwen zonder dat ze van de troon af hoefde te stappen en ze maakte haar familie niet ten schande. Maar Lavinia wist niets van de afspraak tussen de familie Lithium en Rodericks. Lavinia’s hand ging even naar haar borst en pakte het kettinkje beet. Het kettinkje die ze altijd had om gehad die van haar moeder was geweest, ze hield haar hoofd naar beneden en sloot haar ogen even. Lavinia deed deze ketting af en liep naar Lucifer toe waar ze de ketting bij om deed. Lavinia’s ogen waren nog steeds vochtig en af en toe streek ze een paar tranen weg van haar gezicht. Toen ze de ketting had om gedaan deed ze weer een paar stappen achteruit. Lucifer keek verbaasd toe hoe ze de ketting af deed en bij hem om deed. Ze glimlachte lichtjes. ‘Pas er goed op.’ Zei ze zachtjes. Lucifer nam de ketting in zijn hand en deed hem onder zijn shirt. Lavinia glimlachte lichtjes naar hem. Hij keek haar aan en Lavinia knipperde even met haar ogen om de regen druppels weg te werken. Ze had geen tranen meer over om er uit te huilen. Haar traanbuizen waren leeg en de sluizen waren gesloten. Zijn gezicht verstrakte en hij schudde zijn hoofd. Lavinia keek hem rustig aan maar liet haar hoofd uiteindelijk weer hangen. Ze zuchtte even. Ze had het op geven. Haar kans op liefde en geluk was voorbij. Afgelopen voor goed. Maar Lavinia vond het niet meer erg, Lucifer zou gelukkig worden met Abigail en haar vergeten en zij zou veranderen tot stof en voor altijd bij haar moeder zijn. Een klein glimlachje speelde rond haar gezicht. Haar moeder zou haar besluit begrijpen en haar er in steunen dat wist ze. En daarbij hield ze zich aan haar beloofde. Tot de dood ons scheid. Ze legde haar hand weer op haar borst die nu leeg aan voelde. Ze sloeg een vertederde zucht en vond het goed. Misschien was het wel tijd voor haar om te gaan. Ze zou een kind baren en gaan zoals haar moeder ging. Strijdend. Alleen streed zij voor haar geliefde die nooit meer bij haar kon zijn. Ze zou dit doen voor Lucifer. Je zou misschien denken dat ze dan beter van de troon af kon stappen maar dan zou Lavinia spijt krijgen en zou niemand haar meer moge. Ze werd dan een banneling. Een niemand. Haar eer en waardigheid wat ze nog had zou verloren gaan en als ze stierf op de plek waar ze wou sterven zou ze dat nog hebben en daarbij hoefde ze dan niet meer met schuld te leven. Ze had het besloten en haar besluit stond vast. Alleen zou niemand weten wat ze zou gaan doen. Ze zouden haar alleen maar dwars bomen en tegen houden. En Lucifer zou zich misschien schuldig gaan voelen en dat was alles wat ze niet wou. Ze konden niet bij elkaar zijn en hoe meer ze elkaar zagen hoe meer pijn ze leden als zij stierf zou hij verder kunnen met Abigail en gelukkig worden. En zij? Zij zou boven op hem wachten zoals haar moeder op haar wachtte. Ze voelde Lucifer’s vingers onder haar kin en deze werd lichtjes opgetild. Ze keek hem recht in de ogen aan. Haar heldere blauwe ogen keken haast door hem heen te gaan. Alleen als hij goed zou kijken zou hij misschien zien wat ze van plan was maar dan moest je heel goed kijken en door de blauwe waas zien te breken en dat was niemand nog gelukt. Alleen Lucifer had ooit de onschuld gezien achter de blauwe massa maar niemand had meer gezien. Ze sloot haar ogen toen ze zijn lippen voelde. Ze voelde de regen druppels en sloeg haar armen om zijn nek heen. Toen hij zijn lippen van haar werden af gehaald gleden haar armen langs zijn nek weg en bungelde ze weer langs haar lichaam waar ze eigenlijk hoorde te zijn. Ze keek toe hoe hij haar zwaard terug stopte in haar schede en tilde haar op. Zijn ene arm onder haar knieën. De andere op haar rug. Ze noemde deze houding ook wel een de bruidshouding. Ze sloeg haar armen over zijn nek heen en drukte zichzelf ook tegen hem aan. Lucifer hield haar strak tegen zich aan en liep verder. Pleoh hield op met de wonden likken en ook Espe volgde hen. Ze liep naast Pleoh en onder steunde hem als het nodig was. De straten waren leeg. De meeste mensen scholen voor de regen en Lavinia gaf ze groot gelijk. Ze legde haar hoofd tegen zijn schouder aan en zuchte terwijl ze haar ogen sloot. Even dommelde ze weg maar toen Lucifer zijn been op tilde om een trap tegen de deur te geven zodat deze openen ging deed ze haar ogen weer openen. Ze keek het huis binnen. Het zag er knus uit en er was een bad gemaakt. Ze gokte voor Lucifer omdat hij hier woonde. Ze keek naar de vrouw die op stond en naar hen toe liep. Vrouwe Dagmar. Een goede vrouw in de ogen van Lavinia. Dagmar was ook ouder dan Lavinia maar dat maakte Lavinia niets uit. Ze vroeg zich af of ze een man had gevonden maar toen ze naar haar handen keek en geen ring zag wist ze dat, dat niet zo was. Lavinia werd neer gezet en keek even rond. Ze zag rode haren en gokte dat dat Abigail was. Ze beet op haar onderlip maar Lucifer leek geen aandacht aan Abigail te schenken. Abigail leek verdoofd te zijn door het verhaal en staarde naar buiten. Ze was krijt wit. Lavinia beet iets harder op haar onderlip maar draaide zich om richting Lucifer. Ze bleef hem aan kijken en voelde hoe Lucifer de jurk los maakte. De rits ging naar beneden en Lavinia bleef hem rustig aan kijken want erg vond ze het niet dat hij dit deed. Hij fluisterde teder in haar oor en voelde er een kus op. Ze drukte snel even een kus op zijn wang en werd op gedraaid naar Dagmar. Abigail had toe gekeken en Lavinia voelde haar woede gewoon maar ze kon er niets aan doen. Ze slikte even en keek Dagmar aan. Ze schrok even toen de deur dicht ging en keek Dagmar weer aan met een lichte glimlach. Ze trilde van de kou want zou warm was het niet met een korset en een onderrok. Dagmar hield haar met uit kleden en dit was sneller gedaan dan Lavinia had verwacht. Ze stapte in de teil die op een goede tempratuur was en glimlachte vriendelijk. ‘Dank u, ik hoop dat u het niet erg vind dat ik hier ben.’ Zei Lavinia een beetje ongemakkelijk. Want zo goed kende ze Abigail en Dagmar niet, ze was al blij dat het vrouwen waren dan hoefde ze zich niet zo te schamen. Ze schudde haar hoofd lichtjes. ‘Nee hoor, ik red me wel. Dank u wel.’ Zei Lavinia beleefd. Precies zoals het haar geleerd was. Ze glimlachte vriendelijk. Ze voelde dat Dagmar haar haren uit haar gezicht haalde en weer verder ging met waar ze bezig was. Lavinia zakte een beetje onderuit en gooide voorzichtig wat water in haar gezicht. Waarna ze kopje onder ging. Ze haalde de make-up er af en het duurde een tijdje voordat ze klaar was om weer uit het bad te komen. Haar haren werden eerst gedroogd. Ze waren snel droog en werden vervolgens in gevlochten en een lint zorgde er voor dat ze in gevlochten bleven en stapte uit bad. Lavinia werd nog geholpen met het aankleden en glimlachte dankbaar naar Dagmar. Ze streek over de donker rode stof heen en keek Dagmar aan. ‘De jurk is prachtig, u krijgt hem terug. Dat beloof ik.’ Zei Lavinia met een glimlach. Ze keek even naar Abigail de zwijgend thee aan het zetten was. Lavinia vroeg zich af wat er nu in Abigail om ging. Als Lavinia in haar schoenen had gestaan zou ze jaloers geweest zijn. Lavinia staarde een beetje naar Abigail. Abigail keek terug en haar ogen keken haar fel aan. Lavinia voelde ze zich niet erg op haar gemak bij Abigail in de beurt. Maar Abigail zou Lucifer later voor zich zelf hebben dus ze moest nu niet zo dom doen. Vond Lavinia althans. Maar misschien had ze precies het zelfde gedaan als ze in haar schoenen stond. Ze beet even op haar onderlip en werd naar de keukentafel geleid waar ze ging zitten. De thee werd neer gezet en Abigail ging naast Dagmar zitten. Ze hoorde het gemompel van Abigail. ‘Wat heeft zij toch wat ik niet heb,’ Lavinia trok haar wenkbrauw omhoog maar besloot er niet op te reageren. Dagmar schonk de thee in en Lavinia pakte het kopje zwijgzaam aan waarna ze aan de thee nipte en zwijgzaam voor zich uit keek. Ze voelde Abigails blik op haar branden en kon er na verloop van tijd niet echt meer tegen dat ze haar zo aan staarde maar voordat Lavinia haar mond openen deed hoorde ze Lucifer en William buiten praten. Ze beet op haar onderlip toen Lucifer vertelde wat er was gebeurd. Dagmar keek haar verbaast aan en vroeg haar of het waar was. Abigail snoof lichtjes, iets wat Lavinia op haar zenuwen begon te werken. Lavinia zuchtte. ‘Het is waar,’ Zei ze zachtjes. ‘Wat is waar? Dat je van de ene naar de andere gaat.’ Lavinia keek Abigail aan. ‘Hoe bedoel je?’ vroeg Lavinia. ‘Precies zoals ik het zeg. Misschien wou je zelf gewoon verkracht worden.’ Lavinia keek Abigail fel aan. ‘Wat heb jij tegen mij!’ riep ze naar haar uit. Abigail zetten de thee neer en keek Lavinia vuil aan. ‘Wat heb jij wat ik niet heb?!’ Lavinia kon dat niet zo één twee drie zeggen. ‘Uhm ik heb een iets langer lontje dan jou. Denk ik.’ Zei Lavinia alsof het heel normaal was om te zeggen. Lavinia bukte net op tijd voor het kopje die tegen de muur spatten. ‘Moet je luisteren, mevrouw ik knipper met me ogen en ik krijg wat ik wil. Lucifer is van mij!’ Lavinia rolde met haar ogen. ‘Je heb het recht niet op hem af te pakken!’ Nu was het Lavinia die Abigail vuil aan keek en op stond. Ook Abigail was op gestaan. ‘Ik heb wat niet?’ ‘Je heb het recht niet op hem van me af te pakken.’ ‘Hoor eens goed, kort lontje. Lucifer is niet van jou en ook niet van mij. Zolang je nog niet getrouwd ben met hem mag je zeggen dat hij van jou is.’ Zei Lavinia dodelijk kalm. Abigail gromde, ‘Lucifer houd van mij!’ schreeuwde ze. Lavinia trok haar wenkbrauw op. ‘Heeft hij dat tegen je gezegd of verzin je dit ter plekken?’ Abigail liep om de tafel heen en ging voor haar staan. ‘Nee, ik weet dat gewoon!’ Lavinia schudde haar hoofd. ‘Ik heb alles met hem gedeeld! En jij?!’ Lavinia trok haar wenkbrauw hoger op. ‘Oke, ten eerste dat hoef je niet te weten want dat zijn jou zaken niet. En ten tweede als je het zo nodig wil weten. Ik heb mijn puurheid weg geven aan hem.’ ‘Nou, ik me puurheid en maagdelijkheid.’ Lavinia rolde met haar ogen. ‘En dan zeg jij dat ik van de ene naar de andere ga.’ Abigail haalde uit en Lavinia’s gezicht ging mee. Haar hand ging omhoog en raakte haar wang aan die rood was gekleurd. ‘Oké, nu ga je te ver!’ siste Lavinia. Lavinia greep Abigail bij haar haren en trok haar mee. ‘Excuseer me even, Dagmar. Ik moet wat af handelen.’ Zei Lavinia rustig waarna ze de krijsende Abigail mee sleepte de straat op. Daar liet ze haar los en liep weg een paar passen achteruit. Met haar rug naar Abigail toe zag ze de schaduw van Abigail op haar af komen. Lavinia bukte en Abigail kwam op de grond waarna ze een koprol maakte en haar woedend aan keek. ‘We vechten om Lucifer!’ Zei Abigail fel. Lavinia keek Abigail wat droogjes aan. ‘Mag hij ook gewoon zelf kiezen.’ ‘Nee!’ Lavinia schudde haar hoofd. ‘Domme meid. Weet tegen wie je vecht.’ ‘Ach, ben je bang.’ ‘Voor wie? Jou? Laat me niet lachen, Abigail.’ Abigail snoof. ‘Maar goed als je wilt vechten. Kom maar op.’ Zei Lavinia gewoontjes en ging klaar staan. Espe kwam ook het huis uit en ging zitten. Ze mocht zich er niet mee bemoeien en als die Anima van haar dat wel deed ging Espe daar een stokje voor steken. Abigail deed haar handen samen en een zwaard van vuur verscheen. Lavinia trok haar wenkbrauw op. ‘Dit meen je niet?’ ‘Ah, toch bang?’ ‘Nooit.’ Siste Lavinia en trok haar zwaard. Het volgende moment rende Abigail op haar af en haar vuur zwaard verwarmde haar zwaard zo dat Lavinia wel los moest laten. Ze wapperde flink met haar haast verbranden handen en keek Abigail aan. ‘Goed, wil je het vuil spelen. Kan ik ook.’ Zei Lavinia boos. Abigail rende opnieuw op haar af maar dit keer verdween Lavinia en verscheen ze achter Abigail waarna ze haar een trap gaf in haar rug. Abigail verloor de balans over haar zwaard en rende nu op Lavinia af en greep haar aan haar haren beet. Lavinia gilde en zij werd dit keer naar de grond getrokken. Lavina pakte haar been beet en trok haar onderuit zodat Abigail op de grond viel. Lavinia ging boven op het zitten en verkocht haar een vuist zoals ze gezien had bij de training van haar vader. Abigail had een bloed neus maar de rollen werden om gedraaide. De twee rolde over de straat en Abigail sloeg hard waarna ze op stond het haar enkele trappen verkocht voordat Lavinia verdween. Lavinia pakte haar zwaard op en rende dit keer op Abigail af. Met de platte kant van haar zwaard verkocht ze Abigail een klap maar Lavinia werd gevloerd. Abigail pakte Lavinia’s zwaard en Lavinia rolde op tijd weg. Ze sprong op en enkele mensen kwamen kijken. ‘Prinses!’ Schreeuwd iemand en gooide een zwaar haar kant op. Lavinia pakte het zwaard op. ‘Nu staan we gelijk.’ Zei Lavinia met een lichte grijns waarna ze op Abigail af rende met haar zwaard op geheven. Hun zwaarden klikten tegen elkaar aan. Abigail had haar aanval geblokkeerd. Maar een trap in Lavinia’s maag volgde en dat maakte Lavinia alleen maar bozer. Het publiek joelde en Lavinia vloog Abigail aan maar dit keer speelde ze vals net zoals Abigail. Het ging er zwaar aan toe en de twee hijgde. Zweet gleed naar beneden in dunnen straaltjes en hun haren plakte aan hun gezicht. Lavinia maakte een sierlijke draai en vloerde Abigail. Lavinia liet zich op haar vallen en deed haar zwaard tegen de keel van Abigail aan. Lavinia greens lichtjes. ‘Weet met wie je vecht.’ Zei Lavinia. Ze wou allang op staan maar Alice de Anima van Abigail viel haar aan. De wolf nam haar mee naar de grond en hield haar arm beet die heftig begon te bloede. Lavinia gilde en Abigail stond op. ‘Weet met wie je vecht.’ Zei ze grijnzend. Maar Espe die dacht dat de wolf binnen had gezeten werd woedend. Ze brulde luid en kwam dreigend op Abigail af. ‘Niemand valt de lady oneervol aan!’ gromde ze laag en besprong Abigail die met haar buik nu tegen de stenen werd aan gedrukt. Ze gilde want Espe’s klauwen waren scherper dan gedacht. Ze brulde maar de wolf liet niet los. Espe besprong nu de witte wolvin en trok haar van Lavinia af. Lavinia keek met een pijnlijk gezicht naar haar arm en wou overeind komen maar Abigail besprong haar en deelde raken klappen uit. Lavinia’s ogen werden steeds donkerder van kleur bij elke klap die ze kreeg. Ze tilde haar handen op en Abigail vloog tegen de muur aan. Kreunend gleed ze naar beneden en bleef daar liggen. Lavinia stond wankel op en liep op haar af. Ze keek haar recht in de ogen aan en Abigail verstijfde van angst. Ze begon te krijsen en te gillen als nooit te voren en drukte haar handen tegen haar oren aan. Haar gegil deed je trommelvliezen scheuren. ‘Laat het stoppen!’ schreeuwde ze maar Lavinia keek haar enkel aan en zij toen met een duistere stem: ‘Jij wou toch weten wat jij niet had wat ik wel heb. Nou dit.’ Abigail gilde. ‘Niet zo fijn hé, mijn herringen…’ Zei Lavinia duister. ‘Laat het stoppen!’ ‘Jij wou het weten. Nou je zult alles weten.’ Zei Lavinia. Haar mondhoeken gingen omhoog. Lavinia was een gevaarlijke vrouw dat wist iedereen maar niemand haar zo gezien als nu. Lavinia sloot haar ogen en Abigail stopte met gillen en hijgde. Lavinia’s ogen waren weer helder blauw toen ze openen gingen. ‘Durf mij nog eens aan te vallen en je krijgt echt alles te zien.’ Abigail slikte eerst maar stond op. ‘Lucifer is veel belangrijker.’ Lavinia zuchte, ‘Lucifer, is inderdaad belangrijk. Maar ik ga jou niet doden omdat ik van hem hou en hem zelf wil. Ik dwing zijn liefde niet af.’ Zei Lavinia eerlijk. Haar stem was warm maar toch te gelijke tijd dodelijk kalm. ‘Vecht met me!’ schreeuwde Abigail. Lavinia schudde haar hoofd en pakte haar eigen zwaard op en gooide het geleende zwaard terug. ‘Je heb genoeg gehad. Verzorg je wonden.’ Zei Lavinia wijs. Maar het volgde moment voelde ze iets warms. Iets heets. Lavinia’s ogen werden groot en zo slim als ze was ging ze over de grond rollen want Abigail had een vuurbal op haar af geschoten en Dagmar’s jurk stond in brand. Lavinia rolde heen en weer om de vlammen te doven en bleef toen de vlammen gedoofd waren liggen. Abigail stond boven haar met haar handen op haar gericht. ‘Toe maar, maak er maar een einde aan. Als jij dat wil. Maar dek niet dat Lucifer van je zult houden als je dit doet.’ Zei Lavinia zacht. Espe liet de witte wolf los en gromde dreigend terwijl ze een paar stappen naar Abigail deed. ‘Espe, dit is iets tussen ons. Hou je er buiten.’ Zei Lavinia dodelijk kalm. Abigail keek naar haar zwaard en trok deze er uit. Ze zetten deze op haar hart en keek Lavinia aan. Abigail wachtte even of ze angst zag in haar ogen maar er was niets meer te zien alleen een blauwe waas. Abigail drukte op het zwaard. Een langzame en pijnlijke dood. Espe zakte neer en gromde terwijl Lavinia haar ogen dicht had geknepen. Bloed kroop omhoog. Zou dit dan toch echt het einde zijn?

10 Dagmar of Lavinia? op zo apr 10, 2011 2:07 pm

Lucifer

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Lucifer trok Lavinia dicht tegen zich aan en raakte bijna bedwelmd door haar geur. De rozengeur die ze licht verspreidde drong bij hem naar binnen en maakten dat hij haar bijna niet los wilde laten. Hij corrigeerde haar toen ze zei dat het beter was dat ze niet zou bestaan zodat het voor hem makkelijker zou zijn geweest, maar als ze dat dacht dan had hij dat net zo goed kunnen zeggen. Als hij er niet was geweest dan was dit allemaal ook niet gebeurd. Hij kuste haar nek op haar lieve woorden die volgden en voelde zich vanbinnen helemaal warm worden. Hij voelde haar huid trillen toen zijn lippen haar hals raakten en grijnsde licht. Haar lichamelijke reactie probeerde hem uit te lokken om nog meer te doen en hij moest zich beheersen om dat niet te doen. Je kon nooit weten wanneer Rodericks weer wakker zou worden en dan was hij er bij. Hij zou onthoofd worden op het plein. Maar dat was het ergste nog geen eens. Het was alsof dan alles wat ze over hem hadden gezegd waar was geweest. Dat hij oneervol was en alles deed voor zijn avontuurtjes. Hij had hele andere redenen gehad, maar er was niemand die hem zou geloven behalve Dagmar. Hij zou haar niet alleen achter kunnen laten. Niet zonder haar te vertellen wat ze moest weten. Bepaalde dingen moest ze weten als ze het wilde rooien als alleenstaande vrouw. Hij snapte soms nog steeds niet waarom ze niet was getrouwd. Ze was zo mooi als de zonsondergang op een warme zomersdag. Haar donkere ogen lieten haar gevoelens duidelijk zien en haar donkerblonde haar was zo ontzettend dik dat ze er vaak een half uur over deed om er doorheen te komen. Bij het denken aan Dagmar kwam er een leuke herinnering terug. Eentje waarvan hij automatisch moest glimlachen.



Hij zag haar blozen en vroeg zich af waarom dat dan weer was. ‘Wat is er?’, vroeg hij lachend en porde haar in haar buik. Ze schudde haar hoofd en draaide zich om. Dagmar was vier jaar ouder dan hem, maar ze baden nu vaak nog steeds samen. De plank zat ervoor en het water was warm genoeg, maar hij had niet door dat hij naar haar had staan staren. Dagmar was de laatste tijd veel gegroeid en begon steeds meer te lijken op een volwassen vrouw. Hij pakte haar bij de hand en trok haar mee naar het bad. Hij stapte erin en wachtte totdat Dagmar erin zat en ging daarna in haar armen liggen. ‘Ik heb een hoofdkussentje.’, grinnikte hij zacht en hij voelde een tik op zijn neus. Maar toen ze bestraffend zei dat hij zoiets niet mocht zeggen hoorde hij in haar stem ook de lach. Ze sloeg haar armen om hem heen en knuffelde hem. ‘Je blijft altijd mijn Lucifer, begrepen?’, fluisterde ze zachtjes in zijn oor. Lucifer knikte en toen begon het badritueel.



Het is niet eerlijk! Waarom mag ik nooit?’, schreeuwde ze hard door de kamer heen. Ze stond recht tegenover haar vader en had zich klaargemaakt om te gaan. ‘Omdat ik je niet alleen laat gaan. Wie weet wat er met je gebeurd?’, zei Balor kalm. ‘Je gaat nu naar je kamer.’ Hij keek vanuit de deur en sprong weg toen Dagmar op de deur afkwam. Hij volgde haar naar haar kamer. Hij was gegroeid en was nu zestien jaar en Dagmar had de huwbare leeftijd al een tijdje bereikt. Er waren vele mannen die waren gekomen, maar niemand was goed genoeg volgens Balor. En Dagmar mocht ook niet uitgaan van Balor. Hij was veel gegroeid en was even groot als Dagmar en liep zonder iets te zeggen of te kloppen haar kamer in. Ze lag op haar bed en huilde zachtjes. Lucifer ging bij haar zitten en trok haar voorzichtig omhoog. Ze keek even verbaasd, maar legde daarna haar armen om hem heen. Hij troostte haar zonder een woord te zeggen en streelde haar zachtjes door haar haren. Ze rook altijd naar lavendel en haar haren waren zacht en glad en hij streek er altijd graag doorheen. Toen ze iets stiller was geworden, ging hij iets terug en keek haar strak in haar ogen. ‘Balor slaapt al. We kunnen wel gaan. Ik bescherm je wel.’ Dagmars ogen werden groter en ze schudde nee. ‘Kom op. Maak je gezicht klaar en dan kunnen we gaan.’, zei hij streng. Blijkbaar hielp het, want Dagmar stond op en liep naar de spiegel waar ze haar gezicht bijwerkte. Haar ogen werden strakker en ze glimlachte zelfs naar hem toen ze de deur uitliepen. Al snel waren ze in het café en ze trok de vlecht uit. Haar haren had ze laatst geknipt en hij zou zo verliefd op haar kunnen worden, want bij hem gierden de hormonen door het lijf. Hij opende de deur en boog galant naar haar toen ze naar binnen liep. Samen liepen ze naar een tafeltje ergens in een hoek. Ze moesten langs veel andere gasten en hij moest in zichzelf lachen bij de gezichten die sommige trokken. Hij boog naar haar toe toen ze eenmaal zaten. ‘Je weet dat iedereen je aanstaart?’, grijnsde hij charmant. Ze knikte even verlegen. ‘Dat komt omdat je prachtig bent.’ Dagmars ogen vergrootten even, maar daarna grijnsde ze onbeschaamd. Ze waren pas laat thuis en ze hadden zich samen prima vermaakt. Af en toe was er wel iemand naar de tafel gekomen, maar de meeste geloofden gewoon niet dat ze daar zat. De volgende avond was het pas raak. Balor had het gehoord en volgens Lucifer kon de hele stad wel horen hoe ze tegen elkaar tekeer gingen. En alsof dat nog niet genoeg was, had Balor zich daarna opgesloten in zijn smidse en had de hele nacht zwaarden zitten smeden. Iedereen die hij de dag daarna tegen was gekomen, zag er moe uit en had blijkbaar niet veel geslapen.



Lucifer keek naar de ketting die ze bij hem omdeed en hij knikte op haar woorden voordat hij de ketting onder zijn shirt liet glijden. Daarna kwam hij dichterbij en kuste haar. Hij liet het een zoen worden toen ze haar armen om zijn nek sloeg en trok zich op een gegeven moment terug. Hij had er de grootste moeite mee, want haar lippen waren zo heerlijk en hij kon zo heerlijk met haar tong spelen. De regen kwam nog steeds met bakken naar beneden en hij tilde Lavinia op om haar naar het huis van Dagmar te brengen. Haar armen die om zijn nek lagen, voelden vertrouwd. Alsof ze daar hoorden te liggen. Het was iets natuurlijk. Hij trapte de deur open en liep met haar naar binnen waar hij zijn aandacht meteen op Dagmar richtte. Die snapte meteen wat hij van plan was. Soms leek het wel alsof ze tweelingen waren, zo goed waren ze op elkaar ingesteld. Maar het kwam waarschijnlijk doordat ze met elkaar waren opgegroeid en toch geen echte familieband hadden. Hij liet Lavinia zakken en ritste haar jurk open. Hij grijnsde even bij haar kus en hielp haar uit haar jurk. Voordat hij haar liet gaan, boog hij nog even naar voren en legde zijn lippen bij haar oor. ‘Laat je lip met rust.’, grijnsde hij haar toe. Daarna liep hij weg om Rodericks op te gaan halen.



Dagmar hielp Lavinia in de teil stappen. ‘Het is mij een eer dat ik u hier kan verwelkomen, my lady.’, antwoordde ze haar en glimlachte haar toe. Ze vond het totaal niet erg dat ze hiernaartoe was gebracht. Ze had al wel verwacht dat het zou gebeuren en had haar jurk ook al klaar gelegd. Dagmar liep naar Abigail toen Lavinia zei dat ze geen hulp nodig had. Ze nam haar mee naar het gedeelte waar werd gekookt en zette samen met haar thee. Ze keek even vanuit haar ooghoeken naar wat er in het bad gebeurde en een vervelende gedachte kwam terug bij het onder water zien gaan van Lavinia.



Er was groot alarm geslagen en ze stond gauw op. Ze gooide haar deur open en keek naar Lucifer die ook verschrikt opkeek. Wat was er aan de hand? Al snel kwam haar vader eraan. ‘Lavinia is weg. Iedereen moet haar helpen zoeken.’ Ze keek naar Lucifer en zag hoe zijn gezicht betrok. Ze kleedden zich allemaal snel aan en wachtten buiten op iedereen. Ze zag al snel dat Lucifer al was vertrokken. Pleoh stond er echter nog wel, maar zij kon haar anima nergens vinden. Die was zeker met Lucifer meegegaan. Zo stonden ze samen tenminste nog in contact. Uiteindelijk konden ze gaan. Zij zou met een groepje bij het strand gaan zoeken. Het hele paleis was al wakker en doorgezocht en daar was ze niet te vinden geweest. Ze rende samen met Pleoh langs het strand en keek over het wateroppervlakte. Ze bleef staan toen ze dacht dat ze iets zag. Ze keek naar Pleoh en die gromde bevestigend. Er dreef iemand op het water. Ze trok haar jurk uit en rende het water in in haar onderjurk. Ze kon echt niet zwemmen in de gewone jurk. Dan zou ze meteen naar beneden zinken. Terwijl ze door het water zwom, hoorde ze de luide brul van Pleoh die iedereen waarschuwde. Van vele kanten hoorde ze nu andere geluiden van anima’s komen en even later ook een hoorn, maar de brul van Pleoh die hij telkens luidde om te laten weten waar ze moesten zijn, kwam er telkens weer bovenuit. Dagmar zwom met snelle slagen naar de gestalte toe. Eindelijk was ze bij haar aanbeland. De vragen die door haar heen gingen, waren beangstigend. Leefde ze nog wel? Wat was er gebeurd? Wat zou er zijn gebeurd als ze hier niet was gekomen? Als ze haar niet hadden gevonden? Ze nam het meisje in haar armen en zwom terug. Ze was verbazingwekkend licht en eenmaal op het strand viel ze uitgeput op haar knieën. Ze hoorde het meisje enkele woorden zeggen en was blij dat ze nog niet dood was gegaan. De ogen van Lavinia werden langzaamaan weer lichter. Ze werden weer zo helder blauw zoals ze zouden moeten zijn. Ze trok haar in haar armen en wachtte totdat er anderen kwamen. Lucifer was er als eerste en knielde ook bij hen neer. Hij was geschokt dat kon ze zien en de angst was nog steeds in zijn ogen te zien. Daarna keek ze weer naar Lavinia. Ze ademde nog wel en leek vooral heel erg uitgeput. ‘Wat heb je toch gedaan, meiske?’, bracht ze zacht uit. Zo zaten ze vele minuten en er kwamen steeds meer mensen aan. De zware sporen waren te horen en een briesend gesnuif deed iedereen aan de kant gaan. Ze keek op en zag hoe snel Lucius afstapte en bij haar neerknielde. ‘Ze is doodop, maar leeft, my lord.’, zei ze zacht en keek recht in de ogen van haar lord. Even leek het alsof Lucius haar wilde omhelzen, maar gaf haar enkel een kus op haar voorhoofd. Een universeel teken van dankbaarheid en respect en ze liet Lavinia uit haar handen glijden. Ze was zelf ook doodop en hoorde alleen nog Lucifer die verschrikt haar naam zei voordat ze achterover in het zand viel.



Dagmar schudde de herinnering van zich af en liep op de badkuip af. Ze droogde de haren van Lavinia en maakte er een vlecht van voordat ze haar hielp het bad uit te komen. Daar hielp ze haar nog met afdrogen en hielp haar met het aantrekken van de jurk. De jurk viel mooi rond het lichaam van Lavinia en ze glimlachte bij het zien daarvan. Ze hadden dus ongeveer dezelfde maat. ‘Dank u, my lady.’, zei ze bijna verlegen. Ze begeleidde Lavinia naar haar stoel en ging daarna naar Abigail om met de thee te helpen en samen gingen ze op de andere stoelen zitten. Ze keek even naar Abigail bij haar vraag. Ze haalde haar schouders op. ‘Zijn hart.’ Voor haar was het volkomen duidelijk, het was zoals ze Lucifer al jaren kende. Ze hield ook van hem en zat in zijn hart, maar niet op de manier waarop Lavinia zat en waarop Abigail zou willen zitten. Ze reikte een kopje thee aan Lavinia en nam haar eigen kopje in haar handen. Voor haar was theedrinken een stukje rust. Je had even de tijd om over van alles na te denken en je gedachten dan weer te laten varen. Een soort van gemoedstoestand. Ze had het zelfs aan Lucifer kunnen leren en samen konden ze heerlijk genieten van een kopje thee. Ze schrok dan ook pas op toen ze hoorde dat Lucifer zei dat Rodericks had geprobeerd om Lavinia te verkrachten en vroeg verschrikt aan Lavinia of dat waar was en ze kreeg een positief antwoord. ‘Nee toch.’, zei ze en haar gezicht werd strak. Ze had er genoeg van dat mannen dachten dat je vrouwen tegen hun wil kon nemen. Die mochten van haar part allemaal meteen worden vermoord of nee.. eigenlijk moesten ze ondragelijk lijden. De dood was te simpel voor zulke mensen. Je moest ze breken en dan wanneer ze op hun dieptepunt waren dan moest je ze nog een trap nageven. Hier was ze heel hard in. Ze keek boos naar Abigail en stond dreigend op. Ze tolereerde dit niet in haar huis. En al zeker niet als het tegen haar lady was gericht. ‘Abigail. Denk aan tegen wie je het hebt.’, zei ze scherp en duidelijk zodat Abigail de bedoeling zou begrijpen. Ze begreep het ook wel, maar ze luisterde er niet naar. Ze volgde alles heel duidelijk, maar ze letten allebei niet meer op haar. Nou ja, zeg. Sinds wanneer werd er met het huiswaar gegooid? Abigail was echt heel jaloers op Lavinia. Dat kon ze wel begrijpen, maar ze snapte niet dat het meisje zo moest reageren. Bij de beschuldigingen die heen en weer gingen, keek ze verbaasd op. Ze knarsetandde toen ze hoorde dat Lavinia haar puurheid had weggeven aan Lucifer. Daar moest ze hem nog even op spreken, maar dit was nog niet het juiste moment. Ze wist dat ze niets mocht doen. Dit was iets tussen Lavinia en Abigail. Ze volgde hen naar buiten en keek naar Lucifer en moest bijna lachen toen ze zag hoe verschrikt zijn ogen stonden en hoe tegenstrijdig dat was met zijn strakke en grimmige gezicht. Ebbenhout kwam ook naar buiten en ging naast Pleoh op de bank liggen. Ze spinde en krulde zich op tegen zijn vacht. Ze had het niet zo met de anima’s van de twee meiden. Vertrouwde ze niet echt. Ze vertrouwde alleen Pleoh.



Lucifer had Rodericks afgeleverd en vertelt wat hij had gedaan en zakte daarna terug op de bank waar hij zijn hoofd in zijn handen legde en hoorde aan wat er in het huis gebeurde. Die ruzie verschilde niet erg in de ruzie die Lavinia een keer met haar vader had gevoerd. Niet het thema was hetzelfde maar de manier waarop het gebeurde. Alleen was het toen anders gegaan dan hij had verwacht. Toen had hij pas echt de koelbloedigheid van Lavinia in zich op kunnen nemen. Ze nam van niemand iets aan zonder er meer dan honderd keer over na te denken.



Lucifer zat bovenin het plafond op een houtbalk naar beneden te kijken. Niemand had hem doorgehad en hij had zo naar binnen kunnen glippen. Hij had Pleoh thuis gelaten, die moest zijn toch dekken. Hij keek geamuseerd naar wat er beneden gebeurde. ‘Ik wil niet dat je nog zomaar met hem afspreekt.’, schreeuwde hij boos naar zijn dochter. Lucifer merkte tot zijn verbazing op dat de ruzie over hem ging. Het moest wel gaan over de tuin. De plek waar hij haar bijna altijd kon vinden en waar ze samen lang praten over alles waar ze over wilden praten. ‘Ik spreek niet met hem af.’, zei Lavinia kalm. Haar stem was ijskoud wat de woede van haar vader alleen maar leek te vergroten. ‘Wat noem je dat dan in de tuin waar ik jullie zag?’, beet hij haar toe. Lavinia ging op de tafel zitten en keek haar vader strak aan. ‘Ik ontmoette toevallig een lord en waarmee ik ging praten.’, zei ze kalm. Lucifer moest zich inhouden om niet te lachen om wat ze deed. Ze loog tegen haar vader en ging keihard tegen hem in. Zonder ook maar een keer te knipperen. Ze was erg goed geworden in de kunst van het liegen. ‘Je ontmoette toevallig een wat?? Een lord? Lucifer is geen lord.’, schreeuwde hij hard tegen haar in. Even was er een verbazing in haar ogen te zien. Ze had blijkbaar echt gedacht dat hij een lord was. Hij was dat echter nooit geweest. Maar hij was wel verbaasd dat ze dat niet wist. ‘Dan ontmoette ik toevallig een man en met heb ik een praatje gemaakt. Hij is echter wel deel van uw strijdteam, vader, en dat betekent dat hij van hoge afkomst is. Anders zou u hem nooit hebben toegelaten.’, zei ze en nu was het de beurt van haar vader om even verbaasd te kijken. Daarna grijnsde hij. Zijn dochter was uitgekookter dan hij had gedacht en hij was trots op wat ze had gedaan. Hij wist echter niet meer wat hij moest zeggen om haar te overtuigen van zijn gelijk. Ze had gelijk gehad. Hij had Lucifer toegelaten bij zijn training, maar alleen omdat hij was gestuurd door Balor. Die had gezegd dat Lucifer goede kwaliteiten had en een goede opleiding nodig had en omdat Balor hem had geadopteerd moest hij hem toelaten tot de training. Hij legde zijn hand op het hoofd van zijn zestienjarige dochter. ‘Je lijkt steeds meer op je moeder, Lavinia. Maar ik wil dat je niet meer met hem praat. Vergeet hem, mijn dochter.’, zei Lucius waarna hij de kamer verliet en het meisje alleen achter liet. Lucifer keek op haar neer en hield zijn lach in. Hij mocht van zichzelf wel grijnzen en verdween geruisloos van de balk in de donkere nacht. Liet Lavinia achter met haar gedachten.



Lucifer ging rechtop zitten en keek naar de deur die open ging. Abigail werd aan haar haren naar buiten gesleept door Lavinia en Dagmar kwam er achteraan. Zijn blik ging van de twee vechtende vrouwen naar Dagmar en de blik die hij stuurde was er een van verbazing en vooral wanhoop toen Abigail zei dat ze om hem vechten. Dagmar grijnsde alleen maar naar hem en hij wist bijna precies wat ze dacht. Dat het zijn eigen schuld was. Ja natuurlijk was het zijn eigen schuld, maar hij had niet gedacht dat Lavinia hier zou zijn. Hij zou hier maar enkele dagen zijn en dan weer gaan. Hij zou samen met Abigail gaan reizen, maar blijkbaar was hem dat niet gegund. Hij stak zijn hoofd in zijn handen en schudde alleen maar. Dit kon gewoon niet waar zijn. Dagmar kwam naast hem zitten en legde haar arm om hem heen. Hij keek naar haar op. ‘Wat moet ik doen? Moet ik ze niet uit elkaar halen?’ Dagmar schudde haar hoofd. ‘Nee, Lucifer. Dit is iets tussen Abigail en Lavinia. Heb je gehoord wat er binnen werd gezegd?’ Lucifer knikte. ‘Dan snap je ook dat dit er aan had zitten komen. Abigail snapte wat ik haar vertelde, maar daardoor is ze alleen maar jaloerser geworden. Ze wil je voor zichzelf hebben en kan niet begrijpen dat het Lavinia is van wie je houdt.’, zei Dagmar. Nu legde Dagmar haar hand onder zijn kin en duwde zijn gezicht in de richting van de twee vechtende vrouwen. Samen keken ze naar wat er gebeurde en zaten ze stil. Ze reageerden niet op het gejuich van de mensen die zaten te kijken. Ze hadden geluk dat de soldaten al weg waren. Hij moest Abigail weg zien te krijgen voordat iemand haar in bewaring nam en de enige die hij kon vertrouwen zat naast hem. Hij richtte zijn blik naar haar en merkte dat ze al naar hem keek. Zonder een woord te zeggen, knikte ze al en er kwam een enkele traan op. Voorzichtig streelde hij die weg en kuste haar op haar voorhoofd. Tegelijkertijd stonden ze op en hij rende naar de smidse. Een van de grote geheimen stond in de stal. Een van de enige paarden die in de geheime stallen van Lucius was geboren. Het had lang geduurd voordat het Stof weer echt dieren had gevormd en Lucius bezat ze bijna allemaal. Maar deze zou worden afgemaakt omdat die als veulen misvormd was geboren. Deze zou nooit goed kunnen lopen, werd er gezegd en naar Balor gebracht. Balor had de hengst echter niet gedood en laten opgroeien. De hengst was nu vier jaar oud, maar ondanks dat het een hengst was, gedroeg hij zich soms als een lieve merrie. Hij zadelde het paard op en bracht het naar voren. Zelfs in de stallen was het geruzie van buiten nog te horen. Hij zag hoe Lavinia stopte met haar aanval op Abigail en hoe ze even stonden uit te hijgen. Waarom had hij zich ook al weer opgeworpen als haar beschermer? Omdat hij van haar hield. Natuurlijk wist hij waarom hij het had gedaan, maar dan was het nog steeds raar. Hij had ook iemand anders aan kunnen wijzen aangezien hij haar niet vaak meer zou zien. Maar hij was weer zo eigenwijs geweest en niets had hem tegen kunnen houden. Dagmar kwam naar buiten met een mantel om en een paar kleine spullen bij zich. Hij grijnsde haar toe, maar ze stonden allebei stil bij de woorden van Lavinia en keken naar haar. Ook het publiek was stil geworden en keken naar haar en toen naar hem en vervolgens naar elkaar. Had ze nu echt in het publiek en openlijk gezegd dat ze van hem hield? Dit zou niet goed komen. Nu zouden ze al helemaal niet snappen dat ze met Rodericks zou trouwen. Hij moest echt zorgen dat hij hier wegkwam en dat zij zou trouwen. Al zouden ze waarschijnlijk denken dat Lavinia net zoals anderen gewoon een van zijn avontuurtjes was. Dagmar schudde hem uit zijn gedachten en keek hem aan met de ondoorgrondelijke blik. Hij haalde zijn schouders op en hielp haar met opstijgen. Nu moest hij alleen nog het gevecht zien te stoppen, maar dat was blijkbaar niet al te moeilijk. Lavinia stopte het gevecht en liep weg. ‘Lavinia!’, schreeuwde hij ter waarschuwing van de vuurbal en het was de schop van Dagmar in zijn rug die hem vertelde dat hij nu toe moest slaan. Als in slow motion zag hij hoe het zwaard dat Abigail vasthad op Lavinia werd geplaatst en langzaam er in werd gedrukt. Hij hoorde ergens ook nog de woorden ‘Ik krijg een nieuwe jurk van je Lucifer.’ en rende op de twee af. Achter Abigail bleef hij staan en legde zijn armen om haar heen. Zijn rechterhand ging naar beneden en trok het zwaard terug. ‘Ga met Dagmar mee en zorg ervoor dat jullie niet worden gepakt. Ik vind jullie wel.’, fluisterde hij in haar oor en kuste nog snel haar nek voordat hij het zwaard op de grond gooide en Abigail optilde. Ze was helemaal verstijfd geweest toen hij haar had aangeraakt en herinnerde zich waarschijnlijk de woorden van Lavinia. Hij had haar weggestuurd voor Lavinia. Ze wilde niet begrijpen dat dit was om haar te beschermen. En Dagmar zou weten dat ze niet gepakt mochten worden. Dan zou zij ook hangen, maar zoals gewoonlijk deed ze alles voor hem. Zolang hij maar eerlijk tegen haar was en dat zou hij altijd zijn. Hij kon haar niet bedriegen. Zou dat ook niet durven. Hij was af en toe banger voor haar dan hij ooit voor iemand zou kunnen zijn. Degene die het dichtst bij je staan kunnen je het meest pijn doen. Dat had Balor tegen hem gezegd toen hij en Dagmar weer eens ruzie hadden gehad. Hij merkte dat het paard al snuivend naast hem stond en hij duwde Abigail erop. Dagmar sloeg een arm om haar heen en drukte haar hakken in de buik van het paard. Die steigerde even kort en galoppeerde toen weg. Hij kon niet anders dan haar nakijken met een enkele traan in zijn ogen.



Je weet best dat hij van mij houdt!’, siste ze hem toe. Lucifer lachte. ‘Denk je dat je hem kan houden?’, vroeg hij haar en zijn ogen schitterden vervaarlijk. Dagmars ogen schitterden van woede en ze deed een stap terug. ‘Oké dan. Als je denkt dat hij je toe zal laten dan moet je het zelf weten. Klim er maar op.’ Dagmar keek toe hoe Lucifer de hengst in toom wilde houden toen hij erop zat. Het was pikkedonker, maar ze konden elkaar goed zien. Ze waren gewend aan dit soort nachten. Lucifer kon er in totaal tien seconden opzitten, telde ze voordat hij eraf viel. Dat was nog best lang aangezien de hengst hem totaal niet toeliet omdat hij de hengst een keer had geslagen. Sindsdien luisterde hij alleen maar naar haar. Balor had het nooit geprobeerd. Hij vond dat hij te oud was om een paard te beklimmen. ‘Geloof je me nu?’ Dagmar pakte de teugels en stelde het paard gerust. Ze moest alleen wel lachen om het gezicht wat Lucifer trok. Woede en pijn streden in zijn ogen om de voorhand. Ze had zoals gewoonlijk gelijk gehad. Ze steeg zelf op en aaide het paard over de hals. Ze drukte voorzichtig haar benen in de buik en het paard stapte een rondje om Lucifer heen. Daarna drukte ze hem aan en verdween in de nacht.



Precies zoals nu verdween ze op de rug van het paard dat alleen haar gehoorzaamde. Mensen sprongen aan de kant als ze niet overreden wilden worden en de rijen sloten daarna weer waardoor hij haar niet meer kon zien. Hij veegde de tranen weg en keek neer op Lavinia die daar nog steeds lag. Na een seconde kwam hij in beweging en knielde naast haar neer. Automatisch vormden zijn lippen de woorden, maar hij bedacht zich daarna dat Dagmar en Ebbenhout er niet meer waren. Ze riskeerden hun leven voor hem. Zijn handen gingen naar de wond en hij stak een vinger in de wond. Het was niet diep. Hij was er gelukkig op tijd bij geweest. Hij keek haar aan en wachtte totdat ze haar ogen open zou doen en glimlachte. ‘En weer moet ik mijn beschrijving van je aanpassen. Je bent de prachtigste, gevaarlijkste en slimste vrouw, maar heeft soms last van domme acties.’, grijnsde hij haar toe. Haar wang begon al iets op te zwellen en ze lag in de modder. ‘Blijf liggen jij.’, gromde hij haar toe waarna hij op stond en het huis in rende. Hij pakte de spullen die hij nodig had en rende weer naar buiten. Hij legde de deken op de grond en tilde haar erop. Hij keek het publiek in en riep een paar vrouwen die daar stonden te kijken. Hij legde uit wat ze moesten doen en even later kwamen ze terug met dekens en hielden ze zo vast dat niemand meer naar binnen kon kijken. Nou ja, de vrouwen konden nog wel zien wat hij aan het doen was, maar daar bleef het bij. Hij pakte zijn mes en sneed de jurk los bij de schouders. Zo kon hij de jurk naar beneden duwen en hij keek even boos naar een van de vrouwen die een verschrikte kreet uitsloeg. Ze mompelde haar excuses en keek toe naar wat hij verder deed. Lucifer spoelde met water de wond en keek daarna naar Lavinia. ‘Dit gaat pijn doen, mijn vrouwe.’, zei hij zachtjes en keek daarna geconcentreerd naar de wond. Hij hechtte het zo snel mogelijk, maar hij kromp bijna iedere keer dat ze een pijnkreet uitsloeg ineen en hij haatte het dat hij haar zoveel pijn moest doen om het uiteindelijk beter te maken. ‘Waarom doe je zulke dingen dan ook?’, mompelde hij haar toe. ‘Ik moet je iedere keer weer redden. Hoe kan ik je nu vergeten als je mij telkens nodig hebt?’ Zijn handen gingen naar de kruik met water en weer spoelde hij het bloed weg. Zijn kleren waren iets opgedroogd, maar hij had het nog steeds ijskoud al had de adrenaline van net er wel voor gezorgd dat hij zich al iets warmer voelde. ‘Ik word nog ziek.’, mompelde hij al weer even zacht verder. Lucifer greep een van de dekens die werd vastgehouden en legde die over haar heen zodat ze bedekt werd. Niet iedere man hier hoefde haar geweldige en prachtige lichaam te zien. Hij ging op zijn hurken zitten en pakte haar armen die hij om zijn nek heen legde. Ze leek er nog steeds niet helemaal bij te zijn. Alsof ze niet snapte dat ze nog leefde. Nou dat was makkelijk. Hij zou haar niet laten sterven. Dat zou nooit gebeuren. Niet als hij er een stokje voor kon steken. Zelfs al moesten ze dan zonder elkaar leven, hij zou zorgen dat ze een leven leidde dat ze goed kon leven. Al was het dan met Rodericks. Zijn armen gleden onder haar rug en knieën en met een grote inspanning tilde hij haar op. Normaal zou het hem niet zoveel moeite kosten, maar aan zijn krachten zat ook een einde en dat einde kwam aardig snel in zicht. Hij liep met haar in zijn armen naar de koets. Iemand opende al de deur en hij stapte erin. Het was lastig, maar het lukte hem wel en hij legde haar neer op een van de banken. Daarna stapte hij er weer uit en keek naar Espe en Pleoh. Pleoh had al automatisch voor Espe gezorgd en samen liepen ze naar de koets toe. ‘Mag ik u in de koets helpen, mevrouw?’, grijnsde hij haar toe. Hij lachte om de blik die ze hem gaf. Hij wachtte rustig totdat Epse ook in de koets zat en deed de deur dicht. Pleoh gromde naar hem en hij zuchtte. ‘Dat meen je niet toch?’, vroeg hij aan de tijger. Pleoh gromde en Lucifer zuchtte nog een keer en probeerde daarna Pleoh op te tillen. Met veel moeite kreeg hij de tijger op de plank die achter de koets hing en liep daarna naar de voorkant waar hij op de bok ging zitten. Hij knikte de koetsier toe die de paarden de opdracht gaf om te gaan lopen. Hij ging zitten en miste iets. Zijn handen gingen naar zijn rug en hij merkte dat hij de koker niet meer om had. Maar die had hij niet aan Abigail of Dagmar meegegeven. Hij had het onder de mantel gehangen. Hij wilde zo’n belangrijke opdracht niet verliezen. Dan kon hij het wel helemaal schudden. Het was belangrijke informatie over de andere clans dat wist hij wel, maar hij zou het niet mogen lezen. Het was alleen bestemd voor de ogen van een Lithium. En aangezien hij het voor Lavinia moest verbergen, was het tot nu toe alleen bestemd voor de ogen van Lucius. Hij zat even een minuut rustig op de bok toen hij besefte dat hij de koker had afgedaan toen hij zijn mantel afdeed. En dat was in de koets. Hij had de mantel afgedaan om over haar neer te leggen en haar zo warmer te kunnen houden. Hij hoopte toch maar echt dat Lavinia het niet zou vinden, want dan had hij een probleem. Hoe kon hij dan aan Lucius uitleggen dat Lavinia het had gelezen. Wie weet wat er in stond? Misschien wel de geheimen die Lucius zelfs voor zijn dochter had en haar nooit had verteld. Het enige wat hij wist, was dat hij een benoeming zou krijgen als hij de koker af zou leveren. Maar daar bleef het bij. Hij zou ook niet vragen wat het in zou houden en wat er allemaal in zou staan. Hij had niet het recht om dat te doen. Hij zag dat ze de groep soldaten en Rodericks inhaalden die naar hem vloekte toen hij hem zag. Hij deed niks en keek recht vooruit naar het paleis dat steeds beter in zicht kwam. Het leek er bijna op alsof hij Dagmar begeleidde op een tocht naar een feestje op het paleis. Het laatste feest dat de Lady Laverinia had gegeven voordat ze was vermoord.



Lucifer! Schiet op!’ Lucifer rende al naar buiten. Hij had geen zwaard omgedaan. Dat was niet nodig was er gezegd. Dagmar stond al te wachten op hem in de koets en Balor zat al op de bok. Hij stapte snel in en de deur werd achter hem dicht gedaan. Iedereen die was uitgenodigd, zou worden opgehaald door een koets van het paleis. Eenmaal in de koets zat hij rustig af te wachten totdat ze in het paleis zouden zijn, maar Dagmar was niet zo rustig. Ze was nog nooit eerder in het paleis geweest en was benieuwd naar hoe alles eruit zag. Hij keek naar haar en zag dat ze met haar vingers zat te spelen. Hij stond op en ging naast haar zitten en pakte haar handen. Hij maakte ze los van elkaar en zorgde ervoor dat ze die geen kwaad meer kon doen. Ze zou er anders alleen maar zenuwachtiger van worden. Nu keek hij weer naar haar gezicht en die betrok. Dagmar keek hem aan met een blik van: Wat is er? Hij schudde zijn hoofd en liet een van haar handen los om die naar haar gezicht te brengen. Hij bevrijdde haar lip van haar tanden. Hij haatte het als ze dat deed. Ze had mooie lippen en vandaag had ze ze perfect opgemaakt en ze verpestte het bijna helemaal door op haar lippen te bijten. Waarom moesten vrouwen nu op hun lippen bijten als ze zenuwachtig waren? Dat hielp toch totaal niet? Hij snapte er niets van, maar iedere keer als ze het van plan was, keek hij haar donker aan en dan stopte ze weer. Toen ze halverwege waren, kon ze eindelijk ontspannen en nu was de stilte niet meer onverdraaglijk. Maar zoals gewoonlijk had hij niets willen zeggen en daardoor zei zij weer niets. Dat was waarschijnlijk ook de reden waarom Balor op de bok was gaan zitten. Anders zouden Balor en Dagmar ruzie krijgen. Dagmar leek veel te veel op haar moeder, maar de irritante trekjes had ze van Balor meegekregen waardoor ze automatisch veel ruzie hadden. Hij had het altijd leuk gevonden om hen samen te zien ruziën. Ze konden allebei niet winnen en verliezen. Alle ruzies die hij had meegemaakt waren in een gelijkspel geëindigd. Balor was niet iemand die als hij dacht dat hij het zou verliezen, zei dat ze naar haar kamer moest gaan. Ze eindigden altijd totaal stil, keken elkaar een minuut in stilte aan en dan draaiden ze zich allebei om en gingen verder waar ze mee bezig waren geweest. Hij was er nooit achter gekomen wat er met de moeder van Dagmar was gebeurd. Ze wilden daar nooit over praten en dat begreep hij ook wel. Het was niet iets fijns geweest en erg pijnlijk. Maar het was gebeurd voordat hij was geboren dat snapte hij wel, want dat was een van de redenen waarom Balor hem niet meteen had geadopteerd. Dagmar kneep in zijn handen toen ze bij het paleis waren aangekomen. Lucifer stapte uit en hielp Dagmar uit de koets en nam haar mee aan de arm en begeleidde haar naar binnen. De hele avond had hij bij haar gestaan, maar hij had nooit in hoeven te grijpen. Dagmar wist precies hoe ze moest handelen. Alsof ze hier was geboren, zo zag het er soms uit. Uitgeput waren ze die nacht naar bed gegaan.



Nu waren ze ook al bij het paleis aangekomen en hij sprong van de bok om de deur van de koets open te doen. Hij wist niet of ze uit de koker had gelezen, maar ze had het zeker gevonden, want het lag in haar handen. Hij liet Espe uitstappen en ging daarna naar binnen. Hij tilde haar op, want hij zag aan haar blik dat hij maar beter niet kon proberen om de koker te pakken. Weer moest hij erg lastig doen om haar uit de koets te krijgen, maar het lukte wel. Iemand had Lucius al geroepen, want zodra hij opkeek, was hij te zien. Zijn blik ging eerst naar Lavinia en daarna naar Lucifer en bleef vervolgens op de koker liggen. Lucifers gezicht was strak en hij keek recht in de ogen van Lucius. ‘Waar is haar kamer?’, vroeg hij aan hem. Eigenlijk wist hij precies waar haar kamer was, maar hij wist niet precies hoe hij er moest komen. Hij zou Lavinia niet overgeven aan iemand. Hij had haar nu vast en dit was een van de enige momenten dat dat nog kon. ‘Waar is Rodericks?’, zei Lucius met zijn barse stem waardoor het gezag en de woede kwam. Lucifer draaide zich om en knikte naar een groepje die er in de verte aankwam. ‘Daar komen ze aan, mijn heer.’, zei hij en draaide zich weer terug. Espe was al gaan lopen en Pleoh gromde naar hem. Dus liep hij langs Lucius en achter de panter en de tijger aan. Het was nog best een ver stuk en hij moest vele trappen op en af voordat hij bij haar kamer kwam. Hij legde haar neer op haar bed en zorgde ervoor dat de deken over haar heen kwam. Hij hoorde dat de deur dicht ging en keek de kamer rond. Alleen hij en Lavinia waren binnen. Hij grijnsde even en bracht zijn gezicht naar die van haar. ‘Ga maar slapen, lieverd.’, zei hij zachtjes voordat hij zijn lippen op die van haar drukte voor een laatste kus. Terwijl hij nog bezig was met de kus en hij moeite deed om weer terug te gaan, hoorde hij iemand bij de deur. Hij trok zich snel terug en keek in de richting van de deur. Het was Lucius die hij daar zag, maar hij had geen idee wat Lucius had gezien. Zijn gezicht stond boos, maar hij had ook geen idee waar dat vandaan kwam. Het kon door veel redenen komen en hij wilde er eigenlijk niet achterkomen welke dat waren. Toch zijn handen onder de deken om haar vingers los te maken van de koker. Hij was er waarschijnlijk toch al bij. Hij nam de koker mee vanonder de deken, maar voordat hij het aan kon geven, voelde hij al een vuist op zijn kaak en hij sloeg achterover. Voordat het licht bij hem uitging, kon hij alleen nog maar even zijn hand oprichten en de koker aangeven. Hij wist geen eens meer of Lucius het had aangepakt, maar hij wist wel dat hij dit niet had verwacht en dat Lucius nog aardig sterk was. Waarom was hij ook al weer zo dom geweest om zijn hart aan haar te geven en van haar te houden? Het kon gewoon niet en het zou nooit kunnen. Dat wist hij zeker. Hij was gewoon dom geweest. Het was beter geweest als hij maar één iemand had laten lijden en nu niet ook Lavinia te laten lijden. Hij kon alleen maar hopen dat Dagmar veilig weg zou komen en niet gepakt zou worden. Niets mocht Dagmar overkomen.

:Anima Tell:

Pleoh keek ook op toen de vrouwen naar buiten kwamen en naar Ebbenhout die bij hem ging liggen, maar hij likte haar slechts over haar kopje. Hij draaide zich zo dat ze tegen zijn buik aan kon liggen. Die was tenminste nog droog en warm. Hij sprong pas op toen Lucifer ook overeind kwam en hield voor Alice en Espe in de gaten. Die twee waren ook aan elkaar gewaagd en hij deed af en toe moeite om er niet tussen te springen.



Na een paar minuten mocht hij dan eindelijk doen waar hij goed inkwam en het was maar goed dat hij nog niet al te gehecht aan Alice was geraakt. Hij rende naar haar toe en zei haar dat ze moest gaan. Dat ze alvast in de richting van de haven moest gaan en zodra het paard voorbij kwam dat ze die moest volgen. Alice ging er alvast vandoor, want die begreep ook dat dit de enige kans was om te overleven. Hij bleef bij Espe en likte voorzichtig haar wonden die weer open waren gegaan en de nieuwe wonden die door Alice waren gemaakt. Daarna hielp hij haar naar de koets. Nu moest hij haar een beetje ondersteunen in plaats van andersom en dat maakte dat hij zich al een stuk beter voelde. Hij grijnsde bij de koets toen Lucifer vroeg of hij Espe moest helpen. Espe had haar waardigheid en dit zou ze nooit doen. Toch zou hij de hulp wel gebruiken. Hij gromde naar Lucifer die hem uiteindelijk wel op de plank kreeg. Hij kon niet slapen op de weg naar het paleis toe en gromde de wolfshond Earh toe toen hij langs hen kwam. Bij het paleis liet hij zich van de plank zakken en volgde Espe. Eenmaal in de kamer, zocht hij een lekker kussen op en gaf Espe nog een lik voordat hij in slaap viel. Hij schrok wakker bij het voelen van de pijn die onverwacht doorkwam en doezelde meteen weer weg. Bewusteloos lagen ze nu allebei op de grond. Hij op een lekker zacht kussen dicht bij Espe en Lucifer op het tapijt aan de andere kant van het bed. Hij was benieuwd waar hij wakker zou worden. Zouden ze in een gewoon bed liggen of in de kerkers? Er was natuurlijk ook nog de mogelijkheid dat ze hier wakker zouden worden en dat niemand hen ad verplaatst, maar hij was er bijna zeker van dat het de kerkers zouden worden. Maar wat maakte dat hen nu uit? Ebbenhout was gevlucht met Dagmar en als ze na een paar dagen nog steeds niet op de geheime plek zouden zijn dan zou Dagmar Abigail op een boot naar het vasteland zetten en zelf terugkomen. Ondertussen een goed verhaal hebben bedacht, uiteraard, maar ze zouden haar nergens op kunnen pakken. Ze had een bevel opgevolgd van Lucifer en hij zou de straf ervoor opnemen. Lucifer zou het met plezier op zich nemen. Hij zou echter nooit toelaten dat iemand Dagmar pijn zou doen of haar zou kwetsen. Dan hadden ze de verkeerde voor zich. Lucifer had zijn leven te danken aan Dagmar. Zij had hem opgevoed en van hem gehouden toen niemand anders dat deed. Zij had haar trots aan de kant gelegd en hem geholpen en hem door alles heen geholpen. Ze kenden elkaar door en door en hoefden niets te zeggen om elkaar te begrijpen. Als je Lucifer echt wilde breken dan had je twee keuzes. Of je moest Lavinia iets aandoen, maar dat zouden ze niet doen, want zij was de prinses of je moest Dagmar iets aandoen en haar zouden ze misschien wel te pakken kunnen krijgen. Maar wie zou weten wat Dagmar voor Lucifer betekende? Hij hoopte niemand. Dat waren de laatste gedachten waar hij aandacht voordat ook in zijn hoofd alles helemaal zwart werd.



-7183 woorden!!!! Very Happy

11 de koker... op zo apr 10, 2011 4:58 pm

Lady Lavinia

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Lavinia hoorde Lucifer nog roepen maar het was te laat. De hitte van de vuurbal was ondragelijk en Lavinia rolde over de grond heen zoals ze geleerd had. Het publiek was woedend over wat Abigail had gedaan. Niemand behandelde hun prinses zo. Tenminste niet ongestraft. Lavinia lag weer recht. Haar haren verspreid over de grond terwijl haar felle blauwe ogen Abigail aan keken. Ze bekende. Ze bekende haar liefde voor Lucifer. De mensen om hun heen sloegen hun handen voor hun mond en keken verbaasd naar de prinses. ‘Ik doe wat goed is voor mijn land. Abigail Wivin...’ ‘Als je echt denkt dat Lucifer van je zult houden als je mij dood. Doe het dan. Maar weet wel dat je iemand oneervol dood.’ Zei ze kalm. ‘Ik sterf liever eervol dan iemand oneervol doden. Maar jij denkt daar anders over. Je ziet dit als je plicht voor Lucifer. Maar zo verover je zijn hart niet. Je moet hem lief hebben en af wachten. Je moet geen liefde afdwingen. Want je zult dan spijt gaan krijgen. Mijn huwelijk is gedwongen en ik ben er niet blij mee. Maar het is mijn plicht om het te doen en als een prinses gaat het land boven alles. En als dit huwelijk met Williams het land ten goede zal doen kan ik niets anders dan in dit huwelijk stappen.’ Lavinia’s woorden waren kalm. Er was geen angst te horen. De meeste zouden bang van haar woorden omdat het haar werkelijk niets leek te schelen dat ze dood ging. Lavinia keek haar recht in de ogen aan. Lavinia leek zoveel op haar moeder. Zelfs nu deed ze haast het zelfde als wat er toen was gebeurd. Een kleine traan gleed langs haar gezicht terwijl ze haar ogen sloot. ‘Ik zal op je wachten, My Love’ Waren haar laatste woorden. Dit waren ook de laatste woorden van haar moeder zover het haar verteld was. Iemand zou haar moeder wreken dat was zeker.



Schreeuw weerklonk door de bomen en ruiters reden door Claps. Daar op een openen plek in Vernum Springs bij de rotsen stond een vrouw. De prachtigste vrouw die je ooit in je leven zou kunnen zien. Zwarte haren als de nacht. Haar lippen zo rood als het bloed dat van haar sneeuwwitte huid af gleed. 2 felle blauwe ogen zo diep als de oceaan. Haar stem was betoverend zelfs wanneer ze schreeuwde van pijn. Vogels vlogen om haar heen en 3 mensen stonden om de vrouw heen. 3 leiders waaronder 1 vrouwelijke leidster. De leider van het Magistrium, de leider van de Dustseekers en de leidster van de Caelos clan. Alle 3 mishandelde ze vrouw die aan een staande rots was vast geketend. Bloed gleed over de donkere gekleurde steen heen. De vrouw schreeuwde en de ruiters naderde de plek. Daar stond een man stil. Hij viel op zijn knieën en smeekte. Op zijn knieën met zijn handen vast gehouden in de lucht. Maar de leiders van de clans gingen door en lachte enkel om de man die smeekte. Het was zijn verdiende loon dat zijn vrouw werd gestraft. De man keek met betraande ogen de vrouw aan. De vrouw keek terug. Haar benen,enkels,polsen en armen waren beurs. De vrouw keek de man met een glimlach aan. ‘Alles komt goed, lieverd..’ Zei de vrouw met een zwoele stem. Er gleden tranen langs haar wangen en namen het overtollige bloed met zich mee. Tranen van bloed. De man smeekte en zei dat hij hun voor altijd met rust zou laten als zijn vrouw maar bleef leven maar ze namen daar geen genoegen mee. In het vervolg zei hij dat ze hem moesten straffen en niet haar. De mensen achter hen keken ook de vrouw aan. De vrouw die bekend stond als hun koningin, Lady Laverinia. En de man die smekend op de grond zat was niemand anders dan Lord Lucius Leonadrius. Koning van Bombarda en leider van de Nigris clan. De genade klappen kwamen en ook de rood bebloede panter sloeg zijn laatste brul uit voor dat hij verdween in stof die de lucht vervulde met duizenden kleuren. De leider van het Magistrium stak zijn zwaard door de borst van de vrouw. Heel langzaam terwijl hij de koning aan keek. De koning schreeuwde haar naam uit. ‘Tot ziens Lucius. Ik zal altijd van je houden... Ik wacht op je...’ Waarna de vrouw weg viel. De man stond op en gaf de bevelen uit. De mannen achter hem vielen aan maar er waren vele linies voor hen waar ze eerst door heen moesten. De 3 leiders keken trots voor zich uit en ze haalde de vrouw los waarna ze haar in de rivier achter hen gooide. De man schreeuwde en verzekerde iedereen dat zijn vrouw gewroken zou worden en dat iedereen die hier aanwezig was op gruwelijke wijze aan zijn einde kwam. Ze zouden allemaal buigen en zijn koninkrijk vrezen. Ze vertrokken na de woorden van de man op zoek naar het lichaam van zijn vrouw die nu werd mee genomen door de rivier. Daar in het water lag ze tegen enkele rotsen aan. De koning tilde de verminkte vrouw op en wikkelde haar in doeken. Zo werd ze mee genomen naar het koninkrijk en daar werd ze verbrand waarna ze op ging in stof en verenigd werd met haar Anima Lucy. De panter die iedereen vreesde en de moeder van Espe die te gelijke tijd werd geboren met Lavinia. Lavinia was 9 toen haar moeder stierf. Ze stierf voor het volk en ging eervol dood maar werd oneervol vermoord.



Net zoals er nu met Lavinia zou gebeuren. Het zwaard ging steeds dieper maar Lavinia deed niets meer. Espe bleef trouw liggen en keek naar Lavinia. Ze had besloten en Espe ging waarneer Lavinia wou gaan en als dit moment er nu was ging Espe haar plannen niet dwarsbomen. Lavinia en Espe stierven liever gelukkig dan dat ze ongelukkig door het leven moesten. Het zwaard werd uit haar getrokken maar Lavinia deed haar ogen niet openen. Ze hoorde alles. Ze hoorde zelfs de kus die diep door haar heen ging. Zelfs de wond deed minder pijn. Hoe kon ze ooit leven als ze wist dat Lucifer niets anders wou dan haar vergeten. Een zwaard viel op de grond maar Lavinia hield haar ogen nog steeds dicht. Ze moest Lucifer van zich af weten te zetten. Maar hoe? Ze kon hem onmogelijk vergeten. Waarom liet hij haar niet gewoon hier en nu sterven. Dan waren ze van alles af en kon hij verder gaan met zijn leven. Ze hoorde dat er iemand neer knielde en voelde een vinger rond haar wond glijden. Haar gezicht betrok even maar verstrakte na een tijd waarna ze haar ogen weer opende. ‘Waarom liet je me gewoon niet sterven Lucifer. Het zo gemakkelijker voor ons beide zijn.’ Fluisterde ze. Zelfs de mensen die konden liplezen zouden het moeilijk krijgen om haar woorden te kunnen lezen daar was ze echter wel op getraind.‘Je kon mij vergeten zoals je wou en ik zou er niet meer zijn om je er aan te herinneren. Ik zou op gaan in stof en jij zou verder kunnen met..’ ‘Met Abigail.’ Zei ze na een tijdje. Ze keek hem aan haar ogen twinkelde zonder dat ze dat zelf echter in de gaten had. ‘Ik kan het niet aan zien dat je van iemand anders houd Lucifer.’ Fluisterde ze nog steeds en liet haar blik glijden naar de grijze lucht en zuchtte waarna ze Lucifer aan keek. Een klein glimlachje speelde op haar gezicht. ‘Alsof jouw acties zijn altijd zou slim zijn wil je zeggen?’ Zei ze met een lichte grijns. Haar wangen deden zeer en als ze morgen rood of blauw waren zou Lavinia dat helemaal niet zo erg vinden. Ze kreunde toen ze op wou staan maar Lucifer duwde haar terug en gromde naar haar dat ze moest blijven liggen. Een zucht ontsnapte uit haar mond maar ze deed wat er van haar gevraagd werd en bleef liggen. Ze werd op een doek gelegd en de jurk werd open gemaakt. Ze deed haar ogen dicht en wachtte af. Toen hij zei dat het pijn ging doen zei ze niets maar zodra hij de wond wou hechten sloeg ze een pijnkreet uit. Ergens voelde ze zich ongemakkelijk nu ze hier openen en bloot lag maar gelukkig had Lucifer er wel voor gezorgd dat de mannen er om heen er niet mee van konden genieten en de vrouwen zouden hun mond wel houden. Haar ogen gingen weer openen. ‘Omdat ik niet wil dat je me vergeet.’ Zei ze met een zwoele fluistertoon. Ze tilde haar hand op en streek even langs zijn wang waarna ze deze weer naast zich neer liet vallen. Ze keek hem nog even aan maar sloot haar ogen opnieuw doen ze in de doeken werd gewikkeld en werd op getild. Haar armen lagen om zijn nek en haar hoofd op zijn schouder. Ze werd in een koets gezet maar veel kreeg ze niet mee. Ze viel in slaap want ze was dood op na alles. Toen ze wakker werd lag Espe naast haar op de grond en gromde lichtjes toen ze zich wou bewegen en bleef dus maar zitten. Haar handen vouwde zich over een koker heen en verbaasd keek ze er naar. Ze herkende de koker uit duizenden de boeken hadden er veel over geschreven. Dit was een machtig ritueel, de sterkste van allemaal want deze riep de levende doden op. Ook de doden van de oude wereld maar tegen een grote prijs. En Lavinia wist al wat deze prijs was. Ze maakte de koker niet openen omdat ze wist wat voor gruwelijke geheimen er in zaten en dat ze er later wel achter zou komen want de koning liet niet voor niets de koker voor haar verborgen omdat zij het offer zou zijn of ze zou het over moeten baren. Haar vingers gleden om de koker heen en keek naar de deur toen deze openen ging. Ze zei er niets over en Lucifer had al lang gezien dat ze de koker vast had. Lucifer deed de deur openen en Espe stapte zwijgzaam uit. Lavinia werd opgetild en liet duidelijk aan Lucifer merken dat hij de koker maar beter niet kon afpakken van haar. De gegevens van de koker zou iedereen moeten vrezen want als dit werd uitgevoerd was het over voor de clans. Het offer had enkel het recht om te bepalen wie er overleefde. Ze keek naar haar vader wiens ogen naar de koker gingen. Lucifer vroeg waar de kamer waren en Espe keek op. ‘Volg mij, mijne heren.’ Zei Espe beleefd en liep voor op. Af en toe werd ze ondersteund door Pleoh en dat was maar goed ook. Eenmaal alleen op haar kamer keek Lavinia Lucifer aan. Haar ogen schitterde. Ze voelde Lucifers lippen op die van haar en voelde zich voor een moment weer gelukkig. Maar toen Lucifer terug ging en de koker had bemachtig was het al te laat. Haar vader had het al gezien en hij was niet erg blij. Hij was woedend. Hij verkocht hem een harde klap en hij viel bewusteloos op de grond. ‘Vader!’ Riep Lavinia. Lucius keek haar woedend aan. ‘Lavinia, hoe vaak heb ik nou wel niet gezegd dat je moet wachten op je eerste kus voor het huwelijk.’ ‘Zeur niet!’ Lucius ogen branden en griste de koker uit Lucifers handen. ‘Heb je dit gelezen?’ ‘Nee, maar ik weet donders goed wat er in zit.’ ‘Mooi, dus je doet het.’ Lavinia keek weg naar Lucifer. ‘Enkel als u, Lucifer spaart en niemand iets aan doet. Richt u woede maar op William. Hij probeerde me te verkrachten en Lucifer heeft me beschermd.’ Lucius snoof en wist dat hij niet tegen zijn dochter in kon gaan. ‘Goed,’ gromde hij. ‘Wachters!’ ‘Vader…’ Zei Lavinia fel. Lucius zuchte en drukte een kus op het voorhoofd van Lavinia. ‘Ga slapen, Lavinia je moet rusten.’ Lavinia knikte enkel en zag hoe de wachters Lucifer mee sleurde. Ook Pleoh werd mee genomen. Eenmaal alleen in haar kamer kwamen de tranen weer boven en begon ze te huilen in haar kussen waarna ze in slaap viel.



Lucifer werd toen hij wakker werd in de kerkers naar de toonzaal gesleurd. Pleoh zat nog in de kerkers voor het geval dat. De koning zat op zijn troon. ‘Lucifer,’ sprak de koning ijzig. ‘Ik zou je eigenlijk nu zwaar moeten straffen en je hoofd van je romp moeten trekken maar dat doe ik niet al zou ik dat zo graag willen.’ Mompelde hij toen Lucifer voor hem zat op zijn knieën en zijn handen los werden gemaakt. Lucius keek Lucifer rustig aan. ‘Ik doe je niets alleen omdat mijn dochter dat zo acht. Normaal zou ik er niet naar luisteren en je onthoofden vooral omdat je haar puurheid heb af gepakt en alle regels aan je laars heb gelapt.’ ‘Maar ze stond er op en mijn dochter en ik maakte een deal. Wees gerust je kunt verder gaan met je avonturen alleen met andere vrouwen want of je het nou wil of niet Lavinia trouwt met Williams.’ ‘Maar je had al door denk ik dat je rang veelste laag was voor haar, of niet soms?’ Zei de koning met een grijns. ‘Of was ze alleen maar een speeltje voor je net als vele andere?’ ‘Wat ze ook van je was. Jullie horen niet bij elkaar en ik steek er een stokje voor.’ Zei Lucius terwijl hij op de troon zat. ‘Maar goed. Je heb gedaan wat ik vroeg en ik kom mijn beloftes altijd na.’ De koning stond op. ‘Misschien wil je weten wat er in de koker zat?’ vroeg de koning. ‘Nou zoals iedere strijder heb je gehoord over de stenen tafel.’ Zei Lucifer rustig. ‘In de koker zit een belangrijk ritueel die ons zal verlossen van alle nare mensen want de dood kan niet worden gestopt.’ Zei Lucius. ‘Ik heb ooit gezegd dat mijn vrouw gewroken zou worden en die tijd is gekomen alleen het zo ten kosten misschien gaan van Lavinia maar goed. Daar hebben we al voor gezorgd. De Rodericks nemen het dan namelijk over als ik niet meer leef.’ Zei Lucius gewoontjes alsof het normaal was dat je, je dochter op offerde. ‘Er zitten nog veel meer dingen in deze koker maar dit ritueel was het belangrijkste van allemaal. Dus ik dank u hier bij, Lucifer…’ Zei de Koning met geheven hoofd en pakte zijn zwaard waarna hij voor hen ging staan. Het zwaard raakte elke schouder en vervolgens zijn hoofd. ‘Hier bij vernoem ik u Lucifer tot Bellatorum!’ zei de koning plechtig en stak zijn zwaard weer in zijn schede. ‘Zoals beloofd ben je nu een waardig strijder, Heer Lucifer Bellatorum. Beschouw de mede strijders van Bellatorum als je familie en heb altijd respect voor mij en mijn dochter. Zelfs als wij er niet meer zijn moet je respect hebben voor hogere en dat zijn alleen mensen van het koninkrijk.’ Zei hij rustig. De koning ging weer zitten en keek Lucifer aan. ‘U kunt gaan tenzij u nog wat wil zeggen.’ Zei de koning rustig terwijl hij Lucifer aan keek.



Ook Lavinia was wakker geworden en had zich om gekleed maar ze ging niet op zoek naar Lucifer. Ze wou het niet weten wat haar vader hem had aan gedaan. Dus zoals gewoonlijk ging ze naar de tuinen waar ze rustig zat. Ze keek naar de rozen voor haar. Espe klom naast haar op het witte bankje en gaf haar een lik maar Lavinia deed niets meer dan voor zich uit staren en denken wat er zou gaan gebeuren. Ze beet op haar onderlip. Wat zou ze zien als het eenmaal zover was? Zou ze veel pijn lijden? Ze zuchtte en keek naar de rozen terwijl de koning in de troonzaal Lucifer toe sprak.

12 De knoop is doorgehakt! op ma apr 11, 2011 2:57 pm

Lucifer

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Lucifer zat bij Lavinia en keek op haar neer totdat ze haar ogen opende. ‘Denk je nu echt dat er ook maar een deel van mijn hart niet pijn deed toen ik dat tegen je zei?’, gromde hij haar weer toe. ‘Dat was het enige wat ik kon bedenken zodat we nog een beetje afstand zouden hebben. Ik zal je nooit laten sterven, Lavinia.’, zei hij zachtjes en keek naar haar twinkelende ogen. Hij grijnsde haar toe toen ze naar hem grijnsde. Hij moest echter weg en haar wond behandelen. Al snel was hij terug met de juiste spullen en begon haar wond te hechten. Hij kromp ineen toen ze haar pijnkreten uitsloeg. Die waren voor hem als pijlen die in zijn borst werden gestoken. Hij kon het bijna niet aan, maar hij wist dat hij door moest gaan. Hij mompelde haar zacht toe en zijn blik ging naar die van haar bij haar woorden. Haar hand was het laatste wat hij moest voelen en hij kwam dichterbij. Het maakte hem niets uit dat de andere vrouwen naar hen keken. Ze zouden toch niet kunnen zien wat hij deed. Heel zachtjes legde hij zijn lippen op haar lippen. Zo licht dat je ze bijna niet kon voelen, maar hij kuste haar heel even heel erg licht. ‘Ik zal je ook nooit kunnen vergeten waar ik ook zal zijn. Er zitten maar twee vrouwen in mijn hart. Jij bent de eerste en Dagmar is de tweede. Dat zijn de enige twee vrouwen van wie ik ooit zal houden.’, zei hij zachtjes en hij trok zich terug om haar in de deken te wikkelen en haar op te tillen. Hij legde haar in de koets en zag nog net dat ze meteen in slaap was gevallen. Hij glimlachte zacht en ging op de bok zitten. Op de bok kon hij even uitrusten en nadenken over alles wat er was gebeurd. Zoals gewoonlijk was het niet saai als je bij Lavinia was, maar de spanning kon soms ook net iets te veel worden. Hij keek niet naar Rodericks toen ze hem voorbijreden, maar hoorde het gevloek en getier wel en in zichzelf moest hij zacht lachen. Het was best leuk om Rodericks zo te zien lopen. De soldaten gingen ook niet al te zacht met hem op. Ze konden het niet tolereren dat iemand hun prinses pijn probeerde te doen. Daar was hij maar al te blij mee. Al snel kwam het paleis in zicht en toen de koetsier het vierspan stopte, sprong hij van de bok en opende de deur. Hij liet Espe eerst uitstappen en stapte daarna naar binnen om Lavinia uit de koets te halen. Zijn ogen gleden naar de koker die ze had gevonden en hij vervloekte zich vanbinnen even. Hoe kon hij dan ook zo stom zijn om die koker hier neer te leggen? En aan het gezicht van Lavinia te zien, was het ook geen goed idee als hij het van haar af probeerde te pakken. Met veel moeite kreeg hij zichzelf weer uit de koets en toen hij opkeek was daar Lucius die tegen hem tekeer ging. Hij antwoordde strikt op zijn woorden en volgde daarna Espe die hen naar de kamer van Lavinia bracht. Hij keek haar bijna de hele tijd in haar ogen en zijn glimlach was er duidelijk te zien. Zeker van zijn zaak legde hij haar neer op het bed en dekte haar toe. Natuurlijk kon hij zich weer niet beheersen en hij boog naar voren om haar te kussen. Haar lippen waren zo heerlijk vol en ze bracht zijn hart helemaal op hol als ze zijn aanraking beantwoordde. Maar weer was het fout van hem geweest om dat te doen, want Lucius was binnen gekomen en terwijl hij de koker nog bemachtigde om die aan Lucius te geven, kreeg hij een stoot tegen zijn kaak en viel hij achterover neer. Alles werd bijna meteen zwart.

Lucifer smakte met zijn lippen, maar hield zijn ogen dicht. Hij kwam langzaamaan weer bij en hij merkte dat hij in een van de kerkers hing. De kettingen kwamen uit het plafond en hielden zijn armen vast waardoor hij aan de kettingen hing. Zijn spieren waren al aan het protesteren, maar hij zou het iets langer vol moeten houden. Als hij nog suf was wanneer ze hem naar Lucius zouden brengen dan zou hij raar reageren. Het was beter om eerst een beetje bij te komen. Hij zette zijn voeten neer en zette er kracht op om op zijn eigen benen te kunnen staan en zijn armen ontspanden een beetje. Zijn ogen schoten open bij het horen van een luide brul en vervolgens viel een van de mannen die hem bewaakten dood neer. Hij zuchtte. Pleoh! Hou je gedeisd! Van ver kwam er nog een keer een brul, maar dit keer was het vriendelijker en rustiger. Nu wist hij tenminste zeker dat er niets met Lucifer was gebeurd. De soldaten keken even naar de dode man en begrepen wat er aan de hand was. Maar ze zagen ook dat hij zijn ogen los had en snelden op hem af om hem los te maken en sleurden hem hardhandig mee naar de troonzaal. Hij had zijn voeten en de rest van zijn lichaam weer aardig onder controle, maar zijn zwaard was weg en hij had het nog steeds ijskoud. De regen wilde niet uit de kleren gaan als je in de vochtige kerkers zat. Best irritant. De deur van de troonzaal ging open en hij werd tot een paar meter voor Lucius neergezet en zijn handen werden losgemaakt. Hij had zijn hoofd gebogen. Niet omdat hij dat graag wilde, maar omdat het zo hoorde. Hij mompelde zo zacht dat Lucius het niet zou kunnen horen en omdat hij zijn hoofd gebogen had, kon niemand ook zien dat hij wat zei. Maar de woorden waren gewoon opstandigheid en hij had ze al heel vaak gezegd. Lavinia was geen speeltje voor hem. Zijn blik werd woedend toen hij snapte dat hij Lavinia wilde offeren voor het belang van de clan. Hij wrong zijn handen in elkaar en aanvaardde de benoeming waar hij op had gehoopt. Toch betekende dit ook iets naars. Hij kon niet meer zomaar weggaan als hij dat wilde. Hij stond boven alle soldaten en studenten, maar hij moest het belang van het koninkrijk voorop zetten. Dat zou betekenen dat hij en Lavinia elkaar nog veel vaker zouden gaan zien. Waarom was het lot zo ongunstig voor hen? Eindelijk hief Lucifer zijn hoofd op en hij stond op. Hij schraapte een keer zijn keel en keek strak naar Lucius. ‘Ik zou graag nog even willen weten of ik het goed begrepen. U wilt uw dochter offeren voor dit ritueel? Zij is de toekomst van de clan, zij en de kinderen die ze zal krijgen. Hoe bent u van plan dat te rechtvaardigen voor het volk? Ik kan u vertellen dat een groot deel van het volk niet blij zal zijn met dit besluit. Ze willen geen Rodericks op de troon hebben. Ik snap hen helemaal, maar misschien hebt u dat nooit gezien omdat u altijd op de troon hebt gezeten.’, zei hij en de ingehouden woede was erin te horen. ‘Bovendien ken ik nog iemand van wie ik zeker weet dat ze het hier niet mee eens zou zijn geweest. Iemand van wie we allemaal veel hebben gehouden en die we nooit zouden kunnen vergeten. Evenals haar onrechtvaardige dood die u wilt wreken. Laverinia zou het hier niet mee eens zijn geweest.’, zei hij scherp. ‘Hoe denkt u als u dood bent aan uw vrouw te kunnen verklaren dat u uw eigen dochter heeft vermoord?’, zei hij zachter. Hij had het gezicht van Lucius zien veranderen en weer bestrafte hij zichzelf voor zijn stomheid. Uit automatisme om Lavinia te beschermen had hij haar moeder erbij gehaald, maar dat was een grote fout geweest. Tenminste daar zag het naar uit. Lucifer knikte de man toe en draaide zich om en liep weg. Hij was verbaasd dat hij helemaal tot buiten de deur kon lopen zonder dat hij werd tegengehouden. Zodra hij de deur achter zich had dichtgedaan, maakte hij dat hij wegkwam en hij ging naar de kerkers waar hij Pleoh uithaalde. Zijn nieuwe benoeming ging al snel rond en ook zijn zwaard werd al aangereikt. ‘Kom op jochie. We gaan een luchtje scheppen.’

Dagmar reed alsof ze door de bliksem achterna werd gezeten. Ze hield Abigail goed vast, want het meisje leek totaal verdoofd te zijn. Nog steeds omdat Lucifer haar had weggestuurd? Ze snapte het kind niet. Ze moest sterk zijn en van Lucifer houden, maar hoe kon ze nou zijn hart winnen als ze zich zo gedroeg? Na een uur rijden kwamen ze bij de plek aan waar ze even veilig konden zijn. Hier zouden ze even een uurtje rusten. Ze leidde het paard richting de stenen en liet hem daar stoppen. Ze liet zich uit het zadel zakken en nam Abigail mee. Het meisje ging tegen de rotswand zitten en keek met een dwaze blik voor zich uit. Dagmar liet haar heel even zitten terwijl ze het paard verzorgde en spullen voor zichzelf pakte. Toen Abigail daarna nog steeds geen reactie gaf, liep ze met een geërgerde trek op haar gezicht naar haar toe en hurkte bij haar neer. Ze hief haar hand en gaf haar een zachte klap tegen haar wang en de reactie kwam daar eindelijk. De blik in de ogen werden weer normaal en ze richtte haar blik op haar. Eindelijk. Ze was nog steeds geïrriteerd om wat Abigail had gedaan en praatte niet tegen haar. In plaats daarvan ging ze op een rots zitten en kroelde Ebbenhout over haar vacht. Hoe zou het nu met Lucifer gaan? Ze zuchtte. Hij kon zich altijd zo snel in de problemen zien te werken. Kalm bleef ze zitten. Wachten totdat ze weer verder zou gaan.

Na een uur hoorde ze iets wat leek op het slaan van vleugels. Ze keek in de lucht en zag een van de grootste vogels die ze ooit had gezien. En hij kwam op haar af. Ze pakte haar dolk om zichzelf te kunnen verdedigen als dat nodig was, maar de vogel ging naast haar staan en sloeg zijn vleugel uit. Daar zag ze een klein kokertje en ze maakte het gauw los. Met trillende handen maakte ze het los en haar ogen gleden over de regels die daar stonden. Lucifer gebood haar om Abigail af te zetten in de haven en haar op een boot naar het vasteland te zetten en dan terug te komen naar Bombarda. Hij had ondertekend met zijn nieuwe rang en ze slikte even. Daarna aaide ze de vogel over zijn kop en die vloog weer weg. Terug naar Bombarda waar het vandaan was gekomen. Ze keek naar Abigail en zuchtte. Hoe kon de liefde zo wreed zijn en deed het altijd meerdere mensen pijn? Maar met de rang die Lucifer had, zou hij niet met Abigail om kunnen gaan, want ze zou nooit in het paleis worden toegelaten. Dat zou Lucius nooit toestaan en Lucifer was ook niet zo stom om het uit te proberen. Hij had vast spijt dat hij haar ooit had ontmoet. Dagmar trok Abigail overeind en zette haar in het zadel waarna ze weer verder ging. Ze had niets tegen het meisje te zeggen. Ze had haar respect verloren op het moment dat ze onredelijk was gaan doen en haar respect was haast niet terug te winnen. Dan moest je het wel heel erg goed doen en dat kon Abigail niet.

Lucifer had zich opgeknapt en had de wonden van Pleoh verzorgd en liep nu door de tuinen. Hij bleef staan bij een veld met violen en plukte er een paar van. Samen met een paar witte lelies in zijn handen liep hij verder. Die zou hij voor Dagmar meenemen. Ze was dol op verse bloemen. Hij had haar meteen een bericht gestuurd toen hij klaar was en die beslissing was voor hem niet gemakkelijk geweest. Hij wist dat hij Abigail niet meer kon zien met de positie die hij nu had, maar hij had haar gezegd dat hij haar zou vinden. Dagmar zou het wel uitleggen daar ging hij vanuit. Het was zo gemakkelijk om Dagmar alles te laten doen, want ze was er zo goed in, maar hij wist dat het niet eerlijk was. Niet tegenover Abigail, maar ook niet tegenover Dagmar. Ze had dit niet verdiend, maar deed het toch. Hij kon altijd op haar bouwen. Toch zat het hem nog steeds dwars dat ze niet getrouwd was. Hij sloeg met vuist tegen een boom en legde zijn hoofd er tegenaan. Hij had de blikken wel gezien, maar ze altijd genegeerd. Ze was als een zus voor hem. Hij kon niet meer van haar verlangen of wel? Hij zou nooit gelukkig met een andere vrouw kunnen zijn op een manier zoals hij en Lavinia gelukkig zouden kunnen zijn, maar Dagmar zou begrijpen wat hij bedoelde zoals ze altijd deed. En hij zou haar vragen met een bos viooltjes. Hij was gek en dat zou ze zelf ook zeggen. Maar ze zou ook weten dat het beter voor hen allebei zou zijn en zou het doen. Hij verlangde echt veel te veel van haar. Hij draaide zich om en liet zich tegen de stam vallen. Pleoh was al weer verdwenen, maar hij liet zijn handen om zijn hoofd glijden en steunde met zijn ellebogen op zijn knieën. Toch waren zijn gedachten duidelijk. Hij zou haar vragen, maar pas na het huwelijk van Lavinia. Hoopte hij. Waarschijnlijk zou ze het al in zijn ogen kunnen zien en hem net zolang aankijken totdat hij toe zou geven. Tuurlijk hield hij van haar, maar ook op die manier? Hij zou het kunnen proberen. Lavinia was toch verboden terrein voor hem.

13 De keuze waar alles van afhangt op ma apr 11, 2011 4:20 pm

Lady Lavinia

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Lucius hoorde de woorden aan van Lucifer en zijn gezicht verstrakte terwijl Lucifer sprak over zijn vrouw. Lucius wist dat zijn vrouw het hier niet mee eens zou zijn maar het ging toch gebeuren. ‘Lavinia heeft dat over voor het volk en het volk zal het wel begrijpen als dit de enige kans is voor ons om onze koningin te wreken en we de wereld kunnen veroveren.’ Zei Lucius. ‘De Rodericks familie is net zo machtig als mijn familie en ooit komen ze weer aan de macht zoals het hoort te gaan.’ Zei Lucius scherp. ‘Mijn dochter trouwt enkel met William omdat ze dat moet van mij en de afspraak tussen de Rodericks en de Lithium’s. Ik weet dat mijn Lavinia niet van Williams houd en daarom zou zij, mijn vrouw en het volk het niet erg vinden als ze dit doet. Het komt alleen maar ten goede van ons land.’ Zei de koning scherp. Lucifer stond op en liep de troonzaal uit. Lucius was verbaasd over zijn laatste woorden en liet hem met rust toen de deuren dicht gingen liet hij zich zakken in zijn troon en planten zijn handen aan zijn voorhoofd. Hij keek verdwaasd voor zich uit en dacht na.



Lavinia zat nog steeds in de tuinen met Espe, hier en daar rolde er een kleine traan over haar wangen heen maar toen ze iets hoorde ging ze recht op zitten. ‘Wie is daar?!’ riep ze. Ze hoorde niets en Lavinia stond op. Espe ging haar voor en zo gingen ze door de tuinen heen. Daar bij een boom zag ze hem zitten. Een zwak glimlachje sierde haar gezicht. Ze zag de lelies in zijn handen en zuchtte even. Lucifer ging verder net als zij dat kon ze lezen van zijn gezicht. Ondanks Lavinia machtig was en in zijn gedachtes kon wroeten deed ze dat niet. Dat vond ze oneerlijk tegen over hem. Ze rechten haar rug en veegde de tranen weg. Ze waren gedoemd en hun liefde was onmogelijk maar Lucifer had een kans op geluk en die moest hij pakken. Ze liep langzaam op hem af terwijl haar jurk over de grond ging. Daar vlak naast hem hurkte ze neer en ging ze door zijn haren heen terwijl ze hem met die kalme ogen aan keek. ‘Ik hoop dat mijn vader je niets heeft gedaan.’ Zei Lavinia rustig. Ze keek naar de bos bloemen maar kon al in zijn ogen zien waar hij aan dacht. Lavinia kon altijd zijn masker breken en haar ogen keken even naar het zakje om zijn nek en daarna in zijn ogen. Ze legde een hand op zijn schouder. ‘Het is beter voor ons allemaal Lucifer.’ Zei ze zachtjes. Ze slikte de brok in haar keel weg want het was moeilijk om toe te geven en dat ze hem zou missen zou een feit zijn. Ze drukte een kus op zijn slaap en daarna op zijn mond waarna ze op stond. Een zwak glimlachje kwam van haar af. ‘Tot ziens Lucifer.’ Zei Lavinia zacht en vertrok uit de tuinen.



De ochtend viel en Lavinia werd gewekt door de bediendes die ontbijt op bed brachten. Zwijgzaam at ze het op. Nadat ze in de tuinen was geweest had ze niets meer gezegd en verdwaasd voor zich hebben uitgekeken. Nadat ze zich had aangekleed ging ze mee met de bediendes naar de koets daar met haar 3 trouwste kamermeisjes en verder om ook goede vriendinnen gingen ze naar de plek waar alles plaats zou vinden om te kijken hoe ze het wou hebben. Ze ging naar de plek waar haar vader en moeder trouwde, de grote kerk in Nigra Montis. Eenmaal daar aangekomen stapte ze zwijgzaam uit en liep de kerk binnen. Haar vader en Williams waren er al en Williams zag er normaal uit. Ze kon dat eigenlijk niet hebben na wat hij haar had aangedaan. Ze zuchtte en keek de kerk zaal door. ‘Welke kleur wild u gebruiken?’ ‘Uh? Wat sorry ik had u niet gehoord. Wild u het herhalen?’ De bediende knikte. ‘Natuurlijk, My Lady.’ ‘Ik vroeg net aan u welke kleur stof u wild om op te hangen?’ ‘Rood en wit. Ik wil alles zo hebben zoals mijn moeder had. Begrepen?’ Zei Lavinia rustig maar een tikkeltje aangebrand. ‘Natuurlijk, My Lady.’ Zei de Bediende snel en Lavinia zuchtte waarna ze liet zakken op één van de banken en voor zich uit keek. Hier en daar kwamen er vrouwen aangelopen en vroegen haar allerlei dingen. Lavinia had voor de lelies en rozen gekozen omdat dat haar lievelings bloemen waren. De rozen waren zwart omdat Lavinia dit niets meer vond dan een grauwe dag. Ze keek naar de witte loper die werd uitgerold en vervolgens naar de rode rand die er om heen zat. Ze glimlachte, haar moeder had hier overheen gelopen toen ze ging trouwen en nu ging zij het zelfde doen. Haar gezicht vertrok weer toen ze dacht aan Williams. Eigenlijk wou ze niet trouwen maar haar vader had gesloten en zij ging haar vader niet tegen werken. Ze had een taart met 3 verdiepingen met daarop rode roosjes en een zwarte rand met wit glazuur. Alles moest wel eetbaar zijn. De wijn werd gekozen nadat Lavinia honderden had uitgeprobeerd en de versiering werd opgehangen zoals haar moeder ze had opgehangen. Williams had niets te zeggen over hun trouwerij. Lavinia zou de rode trouwjurk van haar moeder aan doen. Haar sluier zou ook rood zijn. Ze zuchtte opnieuw en stond op om samen met Williams en haar vader naar een zaak te gaan in het dorp. Een zaak waar ze ringen verkochten daar moesten ze er twee uitkiezen. Lavinia keek goed rond in de zaak. Er waren zoveel ringen. Haar ogen bleven hangen op een zilveren ring met zwarte stenen. De ring leek best op de ring die Lucifer haar had laten zien. Haar ogen glommen. ‘Die wil ik..’ Zei ze uiteindelijk. Williams en haar vader keken haar raar aan. ‘Maar meisje toch. Is die ring niet wat. Goedkoop? Wil je niet liever iets met diamanten?’ ‘Nee, ik wil die ring.’ Haar vader knikte. ‘Goed.’ Ze kreeg een aai over haar hoofd en keek haar vader aan. ‘Je lijkt als maar meer op je moeder, Lavinia.’ Lavinia glimlachte flauwtjes. ‘Alleen ik trouw met een man waar ik niet van hou en mijn moeder trouwde wel met u omdat zij van u hield. Dat is het enige verschil.’ Haar vader zuchtte en slikte uiteindelijk. ‘I-ik ik ga afrekenen.’ Lavinia zuchte en keek naar de ring die op de toonbank lag. Uren verstrekken voor bij en steeds probeerde ze haar vader duidelijk te maken dat ze dit niet wou maar haar vader was een keiharde en niet te door breken. Ze zuchtte opnieuw toen ze in de koets zaten naar een bakker om daar alles te testen. Alles moest worden uitgeprobeerd en Lavinia koos zonder het te weten allemaal dingen die haar moeder ook had gekozen. Aan het einde van de avond ging ze naar het paleis. Lavinia was uitgeput maar ze ging als nog naar de tuinen om te praten met haar moeder. Dat had ze al vanaf kleins af aan gedaan op het witte bankje. Lucifer had haar vaak betrapt maar dat maakte haar niets meer uit.



Ze zuchtte diep toen ze naar de sterrenhemel boven haar keek. ‘Wat moet ik nou doen mam?’ vroeg ze zachtjes aan de sterren boven haar. Haar hand ging naar haar borst wat een lege plek was. ‘Ik weet niet wat ik moet doen. Alsjeblieft help me.’ Smeekte ze naar de wolken toe die voor bij dreven. ‘Volg je hart..’ Lavinia keek op en zag de zwarte schim staan. Het was Espe die naar haar toe kwam. Espe was aardig opgeknapt en staarde haar aan met die felle groene ogen. Lavinia trok haar mondhoek op. ‘Je weet dat ik dat niet kan,’ ‘Alles is mogelijk zolang je het zelf wild.’ ‘Maar mijn vader..’ ‘Je vader hoeft je leven niet te bepalen Lavinia. Denk nou eens voor één keer aan je zelf in plaats van aan je vader of het volk.’ ‘Maar..’ ‘Nee, geen maar. Je moet voor je zelf openen staan.’ Lavinia liet haar hoofd hangen. ‘Wat moet ik dan doen. De trouwerij is morgen en het is onmogelijk om niet te verschijnen.’ ‘Het is wel mogelijk om nee te zeggen.’ Lavinia keek Espe aan. ‘Denk je?’ Espe knikte lichtjes. Lavinia schudde haar hoofd. ‘Nee, ik kan het niet maken. Niet tegen over me vader…’ Espe knikte kort. ‘Het is jou keuze, Lavinia.’ Lavinia zuchtte en keek naar de wolken. ‘Kom we gaan naar bed. Morgen is een belangrijke dag.’ Lavinia knikte, ‘Ja, de dag die ik nooit meer zal vergeten.’ Espe stond op en liep weg na een paar seconde stond Lavinia op en liep ze Espe achterna. Eenmaal in haar eigen kamer ging ze liggen en keek ze Espe aan. ‘Zal het echt mogelijk zijn?’ Espe trok haar mondhoeken op. ‘Ja, Lavinia. Alleen als jij dat wil.’ Lavinia sloot haar ogen. Morgen was een belangrijke dag. De dag die ze nooit zal vergeten.

14 Blijf alsjeblieft! op ma apr 11, 2011 6:36 pm

Lucifer

avatar
Ik ben een Avonturier
Avonturier
Dagmar reed op een kalm tempo naar de haven. Die was hier niet ver vandaan en haar paard kon hen gemakkelijk dragen. De misvormheid was heelmaal goed gekomen en nu reed ze er vaak op. Het was heerlijk om de wind door haar haren te voelen gaan en ze genoot er dan ook altijd van. Langzaam merkte ze dat Ebbenhout onrustiger werd. De kat rook de verse vis en kreeg honger. Dagmar moest lachen en spoorde het paard aan. In de haven werden ze aangestaard, maar dat maakte haar niets uit. Ze moest een schip vinden dat betrouwbaar was. Haar ogen schoten heen en weer en ze reed doelbewust af op de ruigste kapitein die ze kon vinden. Haar ogen twinkelden bij het zien van de man. Iemand die ze altijd konden vertrouwen. ‘Oompje?’, vroeg ze zangerig. De man met zijn ruige baard en verscheidene littekens op zijn gezicht keek om en zijn blauwe oogjes begonnen ook te twinkelen bij het zien van zijn nichtje. ‘Als dat mijn Dagmar niet is. Je wordt ieder jaar mooier, liefje.’, zei de barse stem en Dagmar sprong van het paard om de man te knuffelen. ‘Ik wil een gunst vragen. Zou jij dit meisje naar het vasteland kunnen brengen en haar daar af kunnen zetten? Ze kan niet langer hier blijven.’, Ze keek om bij de verschrikte uitroep van Abigail en liep op haar af. ‘Je kunt hier niet blijven, Abigail. Ik heb een brief van Lucifer gekregen en hij kan zich helaas niet zijn belofte houden. Hij is benoemd en moet hier blijven om Lord Lucius en Lady Lavinia te helpen. Hij heeft ook nieuwe taken gekregen hier op het eiland en kan niet weggaan om bij jou te zijn. Deze man hier zal je afzetten op het vasteland onbeschadigd.’Gaat hij met Lavinia trouwen?’ Dagmar schudde haar hoofd en hielp Abigail van het zadel af. Ze keek strak naar Abigail en gaf haar aan haar oom die haar het schip inloodste. Ze kon er niet tegenin gaan, want haar oom zou haar niet laten gaan. Hij zou haar op het vasteland afzetten al zou hij ervoor moeten sterven. Je deed alles voor je familie. Dagmar sprong snel weer op het paard en draaide het om zonder nog naar Abigail te kijken. Die meid had het voor haar helemaal verpest. Ze spoorde het aan, want ze wilde weer snel thuis zijn. Lucifer had haar gezegd naar het paleis te komen. Dat zou ze dan ook doen.

Lucifer keek op toen ze haar aan hoorde komen en keek haar recht in de ogen. Haar mooie helderblauwe ogen waar hij zo van hield. Hij schudde zacht zijn hoofd heen en weer, kon niet praten. Wist niet wat eruit zou komen als hij het wel zou proberen. Zijn ogen bleven gericht op haar gave gezicht. Haar mooie volle lippen die hij zo graag wilde kussen, haar lichaam die hij tegen zich aan wilde drukken, maar het kon niet. Hij zou haar nooit meer kunnen beminnen en zou een ander leven op moeten bouwen. Dagmar zou hem er wel doorheen slepen zoals ze altijd al had gedaan. Daar moest hij op vertrouwen. Zijn ogen sloten zich bij haar kus, maar hij hoefde dit keer geen moeite te doen om zich tegen te houden. Hij had het opgegeven. Het kon gewoon niet. Hij keek haar na toen ze wegging en de tranen stroomden over zijn wangen. Na een tijdje stond hij op. Dagmar zou zo wel komen. Hij veegde de tranen weg en liep in de richting van de binnenplaats.

Dagmar was bijna bij het paleis en liet het paard iets langzamer lopen. Ze had hem aangespoord totdat het niet meer kon en liet hem nu rustig uitgalopperen. Ze nam hem terug tot een stap en stapte door de poort en er kwam een glimlach op haar gezicht bij het zien van Lucifer die duidelijk op haar wachtte. Ze sprong van het paard af en liep op hem af, maar bleef staan bij het zien van zijn gezicht. ‘Lucifer, wat is er?’, vroeg ze bezorgd. Lucifer schudde zijn hoofd en strekte alleen zijn armen uit. Ze begreep de bedoeling maar al te goed en ze kroop in zijn warme en beschermende armen. Hij trok haar dicht tegen zich aan en zij hield haar handen rond zijn schouders en streelde met haar handen zijn nek en door zijn haren. Zijn stem was hees, maar ze kon het duidelijk horen en er kwam een blos bij haar opzetten. ‘Blijf bij me.’ Dagmar trok zich terug uit zijn omhelzing en ze zag bijna de pijnlijke blik, maar ze trok hem mee. Ze zou altijd bij hem blijven als hij dat wilde. Lucifer glimlachte door zijn verdriet heen en nam haar mee naar de kamer die bij zijn positie hoorde. Ze gingen samen in het bed liggen en Lucifer trok haar tegen zich aan. Zijn lippen vonden de weg naar haar hals en ze moest weer blozen. ‘Luister goed, Lucifer. Wat er ook gebeurd ik zal er altijd voor je zijn.’, zei ze zachtjes en draaide zich om en keek in zijn donkere ogen. Misschien zou ze met de tijd zijn verdriet weg kunnen krijgen, maar dat zou lang duren en veel moeite kosten. Ze kon zich nu al de nachtmerries voorstellen die hem zouden gaan kwellen. Daarna boog ze naar hem toe en kuste hem voorzichtig. Bij haar hoefde hij zich niet in te houden. Ze zou alle consequenties nemen als dat zou moeten. Zolang hij maar gelukkig kon worden. De nacht zou laten zien wat er zou gebeuren en ze liet het allemaal op haar afkomen. Lucifer zou haar geen pijn kunnen doen. Ze hielden te veel van elkaar om dat te laten gebeuren.

Gesponsorde inhoud


Ik ben een

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven Bericht [Pagina 1 van 1]

Permissies van dit forum: Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum